’Egypte is mijn moeder, Nederland mijn vrouw’

Hij is de eerste allochtone genomineerde voor de Louis d’Or, de prestigieuze Nederlandse toneelprijs. Sabri Saad el Hamus maakt universeel theater. „De nominatie voelt als een overwinning.”

Sabri Saad el Hamus heeft een hekel aan het etiket ’multicultureel toneel’. „Toneel moet goed zijn, ongeacht het thema. Ik ben allergisch voor producties met de boodschap ’kijk ons eens zwart zijn’. Iedereen maakt uiteindelijk theater over dat wat hem of haar bezig houdt. Ik heb mijn onderwerp gekozen: een brug slaan tussen de islamitische en westerse cultuur. Dat probeer ik nu bijvoorbeeld met het stuk ’Mohammed en Omnya’, maar in de toekomst mogelijk ook met werk van Samuel Beckett.”

Sabri Saad el Hamus (50) is genomineerd voor de prestigieuze toneelprijs Louis d’Or. De nominatie voor de beste mannelijke hoofdrol van het seizoen dankt hij aan het indringende ’Mohammed en Omnya’. In deze voorstelling vertolkt hij een Amsterdamse moslim van Egyptische komaf wiens keel tijdens het gebed wordt doorgesneden. Door zijn vrouw. Tijdens een monoloog als geest van de vermoorde Mohammed blikt hij terug op een leven tussen twee culturen. Een leven dat sterk lijkt op de geschiedenis van El Hamus zelf.

„Egypte is mijn moeder. Daar ben ik geboren, mijn familie woont er. Ik raakte verliefd op Nederland toen ik hier als 21-jarige kwam. Ik vroeg haar hand en zij werd mijn vrouw.” Het bleef een haat-liefdeverhouding, met beiden. „Als de wereld een stad zou zijn, dan is Egypte voor mij het centrum en Nederland een buitenwijk. De eerste is groot en druk, de tweede ingetogen en rustig. Ik voel me helemaal thuis als ik in mijn geboorteland ben, maar mis de Nederlandse rust dan toch ook. Die zocht ik al toen ik nog in Egypte woonde, ik was er een verdwaalde. Maar als ik hier terugkeer na een bezoek aan Egypte, voel ik me verscheurd. De eerste dag is het ergst, dan trek ik de gordijnen dicht en de telefoonstekker eruit. Als ik de tweede dag over straat loop, voel ik me een reus in een poppenkast. Onwerkelijk. Dan is mijn ziel nog steeds in Egypte.”

Hij legt een klein boekje met goudkleurige, Arabische letters op tafel. „Deze reiskoran kreeg ik ooit van mijn moeder maar ik gebruikte hem zelden. Totdat Wilders opriep tot een koranverbod. Sindsdien draag ik het boekje altijd bij me. Als protest.”

El Hamus is verslaafd aan zijn tussenpositie. Hij geniet van het beste uit twee culturen, zegt hij. „Waarschijnlijk heb ik een van de meest gevarieerde iPod-shuffles, met Egyptische muziek, U2 en Frank Sinatra. Thuis heb ik Europese meubels op Egyptische kleden. Zo shuffle ik door het leven. Dat ben ik. Af en toe draag ik de djellaba, een mantel, van mijn vader. Maar niet om anders te zijn. Het gaat dan meer om authenticiteit, wortels misschien. Ik heb hem ook nog nooit gewassen.”

Maakt zo’n positie tussen twee werelden niet eenzaam? Hij denkt lang na en strijkt zijn hand over zijn gezicht. Drie grote turquoise ringen springen direct in het oog. Een was ooit van zijn vader. „Ik ben een einzelgünger, kan de hele dag in een druk café doorbrengen zonder een woord met iemand te wisselen. Maar als ik met een gedachte of wereldbeeld geen aansluiting vind bij iemand anders, voel ik me wel eenzaam. Of dat vaker gebeurt vanwege mijn tussenpositie weet ik niet.”

Toch zorgt zijn achtergrond wel degelijk voor een gebrekkige connectie hier en daar. In Egypte begrijpt de familie niet altijd waar hij mee bezig is. „Ik speelde daar ooit in een film, een kaskraker. Ze vragen me nu waarom ze me niet op tv zien en wat mijn volgende film is.”

In Nederland kunnen rollen hem niet op het lijf worden geschreven, zegt hij. „De rollen die me aangeboden worden, zijn schetsen. Nooit mijn verhaal of achtergrond. Niet zoals ik ben: gefrustreerd, naakt, onhandig of triest, een mens.” Daarom richtte hij zijn eigen theatergroep Stichting Maqam Lamaqul op.

’Mohammed en Omnya’ is het tweede deel van een vijfluik, Pax Islamica, die El Hamus met Maqam Lamaqul maakt. Ieder deel staat voor een van de vijf islamitische zuilen, de vijf belangrijkste religieuze verplichtingen voor moslims.

Toch spelen deze zuilen, de geloofsbelijdenis in deel één en het gebed in deel twee, slechts een zijdelingse rol in de voorstellingen. „Ik probeer het verhaal klein en persoonlijk te houden. Het zijn geen lessen in de islam. Mohammed en Omnya bijvoorbeeld hebben aan het begin van de voorstelling net lekker gegeten, gedronken en gesekst. Ook in Japan is dit herkenbaar. Niets menselijks is moslims vreemd”.

De Nederlandse theaterwereld is bekrompen, vindt El Hamus. „Regisseurs en acteurs mogen best meer over grenzen kijken. Ik heb respect voor de onderwerpen die sommige theatermakers oppakken maar cast eens een keer gedurfd. Het zijn altijd dezelfde namen. Waarom geen zwarte Hamlet? Omdat het publiek dat niet pikt? Grote onzin. Hamlet is diégene die hem goed speelt. In Londen, in het land van Shakespeare, stonden ze er al voor in de rij.

Zelf brak El Hamus bij het grote publiek door als Marokkaanse advocaat in de tv-serie Pleidooi. Ook speelde hij in de films Oesters van Nam Kee, Het Schnitzelparadijs en ’n Beetje verliefd. Maar de aanloop was zwaar. „Acteren in het Nederlands is het moeilijkste wat ik mezelf ooit heb opgelegd.”

Zijn opleiding aan de Toneelschool Arnhem moest hij na één jaar afbreken. De taalbarrière speelde hem parten. „Ik heb de leeftijd van Pierre Bokma en Gijs Scholten van Aschat, maar toen zij al figureerden bij de grote gezelschappen probeerde ik me de Nederlandse taal nog eigen te maken. Het heeft me tien jaar gekost. Ik was beter af geweest zonder die achterstand. Toch, de nominatie voelt nu wel als een overwinning.”

De Louis d’Or wordt 9 september uitgereikt op de slotavond van het theaterfestival in Amsterdam. Mocht El Hamus deze gouden plak als eerste allochtoon in ontvangst nemen, dan zal hij daar met geen woord over reppen, zegt hij. „Ik distantieer me ervan en laat me niet voor een politiek correct karretje spannen. De prijs is voor de meest indrukwekkende, mannelijke hoofdrol. Het gaat niet om afkomst, maar om kwaliteit.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden