Opinie

Effectbejag en mooidoenerij

Blubberdeblub, deed de vis die het water kuste. En kijk, wat een wonder! Op de zwarte bodem van de zee, in het Rotterdamse Zuidpleintheater ligt een blond jongetje in een grote transparante bol te slapen. Het begin van 'Kus van een vis', de nieuwe productie van de Rotterdamse dansgroep Conny Janssen danst, is sprookjesachtig charmant en uitdagend. Het jongetje Jens van Daele ontwaakt in geruis en wat hij ook doet, uit zijn baarmoederlijke bolletje kruipen lukt hem voorlopig nog niet.

Voor zijn geboorte en verkenning van de wondere wereld van de natuur heeft Henryk Gorecki een adagio cantabile ('Kleines Requiem') in de aanbieding, biedt Ry Cooder zijn Southern Comfort, preludeert WESHM in deze lieu d'amour op de zee en legt Gavin Bryars de geluidsgolven op zijn 'Wonderlawn' uit. Louis Armstrong rockstemt 'oh Wonderful World', Bach laat er violen op een largo tegen elkaar in kabbelen, zeemeeuw Janis Joplin krijst er haar 'Summertime en Pat Boone kwijlt 'Quando, Quando'.

Op die soundscape mogen negen dansers zich laten gaan in een onvervalst staaltje macramé over kinderlijke dansfantasie. Maar waarin, waarover, waarom? 'Kus van een vis' is een poging om kinderlijke onbevangenheid in de wondere wereld van de natuur op te roepen en dat in vervloeiend verlangen te vatten. Voor dat soort romantiek is er geen dwingend libretto nodig, geen artistieke noodzaak, geen heilig moeten, geen blauwdruk-constructiemodel of dramatiserend dwangmechanisme.

In deze fantasmagorie waarin vissen het water kussen, schepen de zwarte diepte doorklieven, zeepsop als vlambaar butaangas opborrelt, vogels door doorschenen wolkenranden scheren en de goddelijke zon of maangodin het water in een verzengende vuurzee laat oplaaien. . . daar gedoogt Janssens dansante naaldwerk geen richtsnoer of voorschrift. Daar glijden, kabbelen, zweven en borrelen de negen dansers maar voort in het schuim van onsamenhangende suggestie. Op deze merklap voor borduursteken in dans geldt ook geen tijd.

Toch wordt in deze scriptloze macramé-soap vijf kwartier naar het slot toegewerkt. Na wat open doekjes tussendoor worden de negen dansdraden tamelijk abrupt afgebroken, zoals dat bij de meeste Janssen-producties het geval is. Ditmaal gaat het haar niet om de melancholie van herfstdraden in oktober of om fijngestampt vijzel, zoals in voorgaande seizoenen. Inzet van de sprookjesachtige taferelen zijn de vier natuurelementen in een zeerijke omgeving. Ook nu rijst het sterke vermoeden dat de Rotterdamse nog karrenvrachten borduurzijde, naalden en steekvarianten in haar mandje achterhield. Haar dansers hadden immers nog wel uren kunnen doorgaan met vogelen en vissen, verstrengelen en twijnen, blubbelen en blobbelen. De natuur en de menselijke fantasie lijken in hun noeste studio-vlijt elke ijdelheid te legitimeren. Als het maar mooi oogt. Wat een zinloos gedoe wordt dit gedein, gedraaf en gedraai als de zinnen niet echt geprikkeld willen worden.

In dat schemergebied tussen dans en gedachte, mimesis en materie is elke kritische dialoog met de kijker bewust buiten de orde gesteld. Eventjes bevrijd van Kosovo of Grozni. En ach, waarom niet? Mijn grootste probleem is dan ook het super-ouderwetse bewegingsmateriaal, de kritiekloze en ongebreidelde wijze waarop de fantasie wordt aangestuurd. Alles is op uiterlijk effectbejag en mooidoenerij gebaseerd. Danskunstig gesproken is het loos en leeg. Binnen deze collage comprimé heerst de broddelblub van een beslagen zeepbel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden