Eerst discipline, daarna 'n prosecco

Cellist Jean-Guihen Queyras speelt het liefst divers repertoire: barok, klassiek, hedendaags, wereldmuziek, van alles geniet hij even intens. 'De verschillende dingen die ik doe, voeden en prikkelen elkaar en mijzelf.'

INTERVIEW | FREDERIKE BERNTSEN

'We hebben eerst een lekker kopje thee nodig", zegt cellist Jean-Guihen Queyras en kiest de groene variant. Voorafgaand aan een repetitie plus uitvoering in het Concertgebouw in regenachtig Amsterdam neemt de Fransman uitgebreid de tijd om van gedachten te wisselen. De toon is gezet. Hier is iemand aan het woord die ontspannen in zijn vel zit.

Queyras (Montréal, 1967) treedt met enige regelmaat op in ons land. "Het Nederlandse publiek is fijn, niet pretentieus. De luisteraars vinden iets mooi of niet, en maken dat ook duidelijk. Je weet meteen waar je aan toe bent."

Wie de agenda van deze topcellist bekijkt, hoeft zich niet te vervelen, net zo min als hijzelf. Barok, klassiek, hedendaags, wereldmuziek, van alles geniet hij even intens. "Ik heb diversiteit nodig, dat was altijd al zo. Als ik een klassieke carrière had gehad - op je twintigste in de stal bij een grote impresario en spelen met beroemde orkesten - dan zou ik me snakkend naar adem volstrekt claustrofobisch hebben gevoeld. De verschillende dingen die ik doe, voeden en prikkelen elkaar en mijzelf."

Een klassieke carrière had Queyras inderdaad niet. Voordat hij wereldwijd als solist bekendheid kreeg, hobbelde hij een tijdlang rond in Parijs: via de vioolleraar van zijn broer werd hij getipt over een vacature bij het Ensemble Intercontemporain, hét brandpunt van de hedendaagse muziek, opgericht door Pierre Boulez. Het telefoontje kwam op het juiste moment, Queyras hapte toe. Hier heeft de cellist vanaf zijn drieëntwintigste jarenlang dag in dag uit samengewerkt met componisten als Stockhausen, en kunnen schaven aan zijn muzikale handtekening.

"Ik heb ook begrepen wat een partituur nodig heeft, en ontdekte hetzelfde toen ik muziek van tweehonderd jaar geleden bestudeerde. Componisten van vroeger hadden dezelfde problemen als de toondichters van nu. Niet álles kun je kwijt op het muziekpapier. De speler moet achter de noten zoeken om een stuk tot leven te kunnen wekken."

Oude muziek is even spannend als hedendaagse, volgens Queyras. Goed, hij geeft toe dat de première van een nieuwe compositie die voor hem is geschreven - zoals een aantal componisten, onder wie Bruno Mantovani en Gilbert Amy, dat al deden - uiterst opwindend is. "Alles is dan de eerste keer. Het is als de geboorte van een baby - en wat is er mooier dan dat?"

Maar als je vraagt naar zijn recente opname van Vivaldiconcerten met de Akademie für Alte Musik Berlin (uitgave: Harmonia Mundi), noemt hij de samenwerking met deze groep een elektrificerende belevenis. Voor Vivaldi ging hij te rade bij Anner Bijlsma. Aan de keukentafel in huize Bijlsma werd vurig gesproken over de noten van de rode priester. "Er is geen grotere meester om Vivaldi uit te voeren. Als je met hem over de componist praat, komt die voor je neus tot leven. Antonio Bijlsma, Anner Vivaldi."

Ook het Arcanto Kwartet, waarin Queyras met drie Duitse musici samenspeelt, vormt voor hem een uitdaging. "We spelen vanuit passie en stellen zelf het ene prachtige programma na het andere samen. Voor het geld hoeven we het niet te doen. We verkeren in de gelukkige positie voldoende inkomsten te hebben naast ons samenspel."

Queyras praat snel, razendsnel, en heeft een opgeruimd karakter. Hij lijkt zich aangepast te hebben aan het weer en draagt zijn gestreepte bloes en blazertje in herfsttinten: alles keurig, maar zijn jongensachtige uitstraling kan hij, gelukkig, niet verbergen. Dit jaar is Queyras artist in residence bij het Nederlands Philharmonisch, bij het Nederlands Kamerorkest en in het Muziekgebouw aan 't IJ. Dezelfde functie vervult hij drie seizoenen lang bij het Duitse Ensemble Resonanz. "Het leven van een musicus is nogal in stukjes verdeeld. Ik ben vaak op reis en speel op veel plaatsen. Het podium is een beetje mijn thuis. Als je artist in residence bent, keer je ergens terug, je heb het idee van een basis, en dat voelt goed. Op die manier speel je beter. In muzikaal opzicht is het ook fijn: als je meer dan eens met een gezelschap samenwerkt, leer je elkaar kennen en kun je samen dieper in de muziek duiken.

"Ik ben een nieuwsgierig mens. Ik houd van het onbekende, daarom bevalt het muzikantenleven me. Iets van dat zwervende bestaan ligt me goed. De reden waarom ik zo veel muziekstijlen wil en moet spelen hangt daarmee samen, het is een onderdeel van mijn karakter." Zijn echte thuisbasis is Freiburg, waar hij sinds kort lesgeeft aan de Hochschule für Musik. Daarvóór doceerde hij aan het conservatorium van Stuttgart. "Dit is een stuk praktischer. Ontbijten met de kinderen, zij naar school en ik zonder reistijd aan het werk", zegt de musicus die het gros van de tijd de hele wereld overvliegt voor zijn professie. "Lesgeven vind ik heerlijk. Er zit een prettige kant aan het formuleren van wat je normaal instinctief, onbewust doet als je speelt. Als iemand ergens mee worstelt, moet je kunnen ontleden wat het probleem is. Je moet kunnen analyseren hoe je zelf een moeilijke passage instudeert om dat over te kunnen brengen op je studenten. Daar leer ik enorm van. Bovendien houdt de uitwisseling met jonge mensen me scherp, ze komen met nieuwe ideeën waar ik ook veel aan heb." Queyras lacht: "Het is dus eigenlijk een nogal egoïstische bezigheid."

Zelf volgde Queyras lessen in Lyon, Freiburg en New York. Toch overheerst in zijn spel een typisch Frans element: elegantie tot en met. Bovendien lijkt het alsof hij zijn virtuositeit uit zijn mouw schudt. Intussen is er ook nog tijd voor een potje tennis thuis met het kroost, geregeld een goede film en het jaarlijkse festival 'Rencontres musicales de Haute-Provence' in het plaatsje Forcalquier, waar de cellist opgroeide. Hoe doet hij het allemaal? "Het is niet altijd even makkelijk om alle ballen in de lucht te houden. Discipline en maat houden, heel belangrijk. Maar een heerlijke prosecco na een concert, hmmmm!"

Jean-Guihen Queyras speelt het Vivaldiprogramma op 27, 29 en 30 oktober in respectievelijk Tilburg, Utrecht en Amsterdam.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden