Eerder lachwekkend dan tragisch

Theater

Nora Toneelgroep Amsterdam ¿¿

Zo'n ijzig wit licht komt van het toneel de zaal in, dat het je al op voorhand koud om het hart slaat. Bewoonster Nora kan nog zo verrukt tussen de spierwitte wanden kirren hoe knus en gezellig haar huisje is, er is niemand op of buiten het podium die dat gelooft.

In zijn enscenering van Henrik Ibsens 'Nora' (1879) maakt regisseur Thibaud Delpeut het zijn toeschouwers erg lastig dichtbij te komen. Het is niet alleen de kille ambiance, maar zeker ook het nadrukkelijk bestudeerde spel dat je op afstand zet. Zo opzichtig spelen Nora en echtgenoot Torvald het spelletje van het dominante mannetje, dat autoritair gebiedt en straft, en het kindvrouwtje, dat met krullend pruillipje om snoepjes vraagt voor gehoorzaamheid, dat het eerder opgelegd pandoer lijkt dan een ingesleten patroon. Eerder lachwekkend dan tragisch.

Dat dit almaar dartel over de grond rollebollende en haar welgevormde benen spreidende 'leeuwerikje' ten slotte tot het inzicht komt dat zij nooit voor vol is aangezien en - na acht jaar huwelijk en drie kinderen! - huis en haard verlaat om haar eigen weg te vinden, wekt dan meer verbazing dan begrip.

Voor Delpeut betekent 'Nora' een volgende stap in zijn zoektocht naar een moderne omgangsvorm met de toneelklassiekers. Net als in 'Freule Julie' vorig seizoen gaapt er echter een enorme leegte tussen vorm en inhoud. Het is vooral Delpeuts cerebrale aanpak die het menselijke in de relaties buitensluit. Fnuikend ook voor de andere personages en hun belang voor de intrige.

Krogstad, die aan Nora heimelijk geld heeft geleend en haar chanteert met een juridische misstap, als een op een vampier lijkende griezel langs de wand te laten schuiven, of dr. Rank, Nora's trouwste vriend, slechts als een malloot in een veel te grote duffel te laten gekscheren, grenst aan het karikaturale. Geen wonder dat, na de toenadering van zijn vroegere geliefde Kristine, Krogstads onverwacht dramatische volzin 'nooit eerder ben ik zo onvoorstelbaar gelukkig geweest' gelach uitlokt.

Het is dat Ibsens ijzersterke tekst en plot de voorstelling toch nog enige spanning verlenen. En het is dat Halina Reijn met een tomeloze energie haar veelkantige acteertalent meet met alle facetten van Nora's wispelturige gedrag. Verder blijft 'Nora' te veel een gekunsteld toneelspel, een parodie haast met ditmaal misplaatst gezwollen muziek, ontdaan bovendien van een maatschappijkritische laag, die ook de hedendaagse toeschouwer dwingt stelling te nemen.

Hanny Alkema

Tournee t/m 7-2-2013. Info: www.tga.nl

Musical

Lover of Loser Lef! Theater ¿¿¿

Het is niet eenvoudig om tieners het theater in te lokken, ze vervolgens te entertainen en liever nog: te raken. Maar producent Lef! Theater slaat de juiste toon aan.

Na het boek 'Lover of Loser' (2006) van Carry Slee volgde de gelijknamige film (2009) en nu is er dus een musicalversie. Niet zomaar een musical, maar een interactieve, met muziek die helemaal van nu is. De composities van Fons Merkies en Brahim Fouradi (van rapduo Fouradi) zijn een mix van R&B, hiphop, pop en dance.

Om de dilemma's van Eva draait het. Het boek koos hiervoor al een bijzondere vorm. Op een paar momenten moet Eva kiezen: neemt ze bijvoorbeeld wel of niet de telefoon op van een jongen - die later een loverboy blijkt. Afhankelijk van de keuze van de lezer moet je op pagina 'X' of 'Y' verder lezen. Er zijn dus meerdere verhaal-aflopen. In alle gevallen is Eva overigens eenzaam, heeft ze een handtastelijke stiefvader, een moeder die haar niet gelooft, een vriendin die haar vergeet en een vriendje dat haar eerst niet ziet staan.

De musical kent veel meer keuzemomenten. En daarvoor is een grappige quiz bedacht. Soms zijn de keuzes een wassen neus omdat de uitkomst er niet toe doet of omdat je voelt dat het verhaal tóch verloopt zoals de makers (script: Marc Veerkamp, regie: Benno Hoogveld) bedacht hebben. Het energieke spel van onder meer Pip Pellens (Eva), Pim Wessels (vriendje Mees), Nabil Aoulad Ayad (loverboy) en Sander de Heer (gladjakkerige stiefvader) draagt daar, ondanks de soms zwakke zangkwaliteiten, aan bij. De missie tieners bereiken en raken, is geslaagd met dit verhaal dat goed op de doelgroep aansluit.

Bianca Bartels

Te zien t/m maart 2013, www.leftheater.nl

Klassiek

Music for 18 musicians Asko|Schönberg ¿¿¿

Een anoniemere titel dan 'Music for 18 musicians' kun je een compositie nauwelijks geven. Valse bescheidenheid, op het eerste gehoor, want het stuk van Steve Reich uit 1976 geldt als een van de kroonjuwelen van de minimal music. Niet gek dus dat het Bossche festival November Music de aan die stroming gewijde donderdag afsloot met een uitvoering van het werk, door Asko | Schönberg, samen met muzikanten van Slagwerk Den Haag en Wishful Singing.

Maar de titel is wel degelijk toepasselijk. Het is in zekere zin ook anonieme muziek, die niet bewust gecomponeerd lijkt te zijn, of gespeeld te worden, maar die gewoon gebeurt. Vlagen geluid zwellen geleidelijk aan en sterven als vanzelf weer weg. Net als de golven op zee hebben ze vaak geen duidelijk begin of einde. De pulserende klanken worden voortgebracht door ensembleleden die als in trance hun bewegingen herhalen - eerder instrumentwerkers dan muzikanten, zo lijkt het.

Lijkt het, want het is natuurlijk maar schijn. Het slagen van een uitvoering van 'Music for 18 musicians' is afhankelijk van veel factoren. Ten eerste het algehele geluidsbeeld. In Den Bosch stonden bijvoorbeeld vier digitale piano's in plaats van vleugels: die klonken redelijk dof, en mengden daardoor ook niet altijd even goed met de juist wat schel klinkende xylofoons.

Maar de ziel van de compositie huist vooral in de 'groove' die de muzikanten samen teweegbrengen. Het doorlopend herhalen van muzikale motiefjes mag misschien weinig uitdagend lijken, het vergt juist een enorm inlevingsvermogen van de muzikanten. Als een noot ook maar een fractie verkeerd getimed wordt, of net iets te hard ingezet, kan de hypnose verbroken worden.

Dat gebeurde bij Asko|Schönberg af en toe. Maar een uitvoering van 'Music for 18 musicians' hoeft niet perfect te zijn, dat is het mooie van dit stuk. Zeker zo fascinerend is het om het ensemble te volgen in de zoektocht naar een gedeelde puls, en de ontlading mee te voelen als dat weer gelukt is.

Seije Slager

Klassiek

John Mark Ainsley & Roger Vignoles ¿¿¿

Britse musici in een Engels programma: dat trekt de aandacht. Het Muziekgebouw aan 't IJ haalde er twee naar Amsterdam. Tenor John Mark Ainsley en pianist Roger Vignoles vormden het tweede duo dat dit seizoen was uitgenodigd in de serie Grote Zangers.

Onder de noemer 'The British Art Song' hadden de heren een verzameling met vooral 20ste-eeuwse liederen meegenomen, van bekende en minder bekende componisten. Hofleverancier van de gezongen teksten was William Shakespeare, zoals in Roger Quilters 'Five Shakespeare Songs', 'Fancy' van Britten en 'Fear no more the heat o' the sun' van Gerald Finzi.

Ainsley draaide zich af en toe met de rug naar het publiek om discreet zijn neus te snuiten - het is de tijd van het jaar. Misschien dat daarom heel krachtige wendingen niet de overhand hadden in zijn stem, die zich op keurige wijze ontfermde over de poëzie. Soms wat lauw, maar toch ook aangrijpend in 'The children' van MacMillan, met scherpe piano-interrupties, en lyrisch-elastisch in 'Orpheus with his lute' van Vaughan Williams.

Vignoles is van de comfortabele begeleiding, hij weet precies wanneer hij gas moet terugnemen of juist wat meer moet geven. Deze pianist wacht nauwelijks af maar speelt assertief, en dat is wel zo levendig. Mooi dat hij solistisch te werk kon gaan in 'Spring will not wait', het derde deel in een drieluik van John Ireland - even was Vignoles de zanger op de piano.

Frederike Berntsen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden