Eenzaamheid hoort ook bij het studentenleven, maar daar praat niemand over

Daar zit je dan, als kersverse student in je nieuwe kamer in de nieuwe stad. Voor vertrek naar de nieuwe stek leek het allemaal zo leuk te gaan worden met massa’s nieuwe vrienden, wilde feesten en leuke uitjes. Helaas, menige eerstejaars zit te verkommeren op een klein kamertje en snakt naar het moment dat op vrijdag de trein naar huis kan worden genomen. Websites en boeken met goedbedoelde adviezen zijn er genoeg: maak nieuwe vrienden, word lid van een studentenvereniging of sportclub. Maar als je nou gruwt van sport en niets voelt voor een studentenvereniging? Hoe maak je dan die nieuwe vrienden in een vreemde stad?


Lees meer over het nieuwe studiejaar in onze Studenten Gids

Eenzaamheid en heimwee zijn voor veel studentenpsychologen bekende problemen. Gevoelens van eenzaamheid treden vooral op als er een verschil bestaat tussen de relaties die men heeft en de relaties die men wenst. Iemand die weinig contacten heeft maar daar tevreden mee is, zal zich niet eenzaam voelen. Uit onderzoek blijkt dat de helft van de nieuwe studenten er wel eens last van heeft. Bij één op de twintig studenten is het zo ernstig dat ze niet goed functioneren. Peter Dekker, studentenpsycholoog van de Universiteit van Amsterdam, ziet echter weinig eerstejaars bij hem aankloppen: ,,Eerstejaars gaan meestal wat vaker naar huis. Als ouders niet te ver weg wonen, gaan ze doordeweeks even op en neer. Dat helpt vaak genoeg. Als het helemaal niet gaat houden ze er gewoon mee op, dan zie je ze niet meer terug.’’

,,De overgang naar de universiteit is enorm groot voor mensen van achttien, negentien jaar’’, vindt Dekker. ,,In een grote stad als Amsterdam voel je je eerder verloren dan in kleinere steden. Vooral als de verwachtingen hoog waren. Amsterdam is een lastige stad met veel drank en weinig studentenhuizen. Studies zitten vaak ingewikkeld in elkaar en daar moet je dan ook je weg in vinden. Het is een ingrijpende levensfase, het echte volwassen worden. Er gebeurt veel. Na de middelbare school krijgen de jongeren verantwoordelijkheden die ze daarvoor niet hadden. In de puberteit zijn liefdesrelaties meestal losser, maar die worden nu ook serieuzer. En dan is er de sociale overgang naar vreemd terrein. Het is eigenlijk verbazingwekkend dat het zo vaak goed gaat.’’

Om hulp vragen bij een deskundige doen jonge studenten niet graag. Je hoort immers helemaal niet eenzaam te zijn als student, is de ervaring van Ben Riksen, al 32 jaar studentenpsycholoog bij de Universiteit van Wageningen. Riksen: ,,Ze schamen zich ervoor, maar veel eerstejaars zijn dolblij als het weekend is. In onze voorlichting bevestigen wij dat zulke gevoelens heel normaal zijn. Vraag maar eens om je heen, zeg ik dan, veel mensen hebben er last van. Ondertussen proberen we van Wageningen een plek te maken waar het ook goed is. Dat ze zondagavond in de trein op weg hierheen denken: Wageningen is ook leuk. Er zijn studenten die alleen even komen studeren en dan weer weggaan. Dat is jammer.’’

In Wageningen zijn de studierichtingen kleinschaliger dan op veel andere plaatsen. Dat maakt het makkelijker om elkaar te leren kennen. Maar, zegt Riksen: ,,Als je erg verlegen bent en moeilijk contact maakt, loop je daar hier ook tegen aan.’’

Beide psychologen zien dezelfde studenten risico lopen: mensen die op de middelbare school ook moeilijk vrienden maakten, verlegen kinderen die moeite hebben hun mond open te doen. Dekker: ,,De voorbereiding moet in de jaren daarvoor gebeuren. Als kinderen er op de middelbare school ook al buiten vallen is het verstandig ze sociale vaardigheidstrainingen laten doen.’’ Het is ook nuttig de nieuwe woonplaats van tevoren te verkennen. Dekker: ,,Ga kwartier maken voor je je inschrijft, zodat je weet waar je terecht komt. De sfeer bij de ene universiteit is anders dan bij de andere. En huisvesting is belangrijk. Als je op een zolderkamertje in je eentje met een chagrijnige hospita zit, is het moeilijker dan in een studentenhuis waar je de voorzieningen deelt. Dat delen is soms lastig, maar je komt ook op een natuurlijke manier in contact met anderen.’’

Bij het team studentenbegeleiding in Amsterdam kloppen per jaar zo’n duizend studenten aan met psychische problemen. Meer dan de helft zijn universitaire studenten, de minderheid volgt hbo. Angstgevoelens zijn de grootste klacht. En faalangst, gebrek aan zelfvertrouwen. Het bureau biedt trainingen aan. Dekker: ,,Tegen de tijd dat ze bij ons komen, hebben ze wel door dat het niet aan de grote stad of aan de studiekeuze ligt maar aan henzelf. Je kunt er iets aan doen. Contact maken kun je leren. Het hoeft ook helemaal niet dramatisch te zijn.’’

Een enkele keer wordt het bureau gewaarschuwd door een opzichter uit een van de studentenhuizen. Dekker: ,,Dan melden ze dat een jongen nooit zijn kamer uit lijkt te komen. Daar moet je op af.’’

In Wageningen worden studenten met problemen individueel begeleid met gesprekken: Riksen: ,,Meestal zijn tien gesprekken genoeg. Anders verwijzen we door naar de GGZ. Als je op jezelf gaat wonen, moet je iets durven, iets kunnen ondernemen. De drempel om voor een vereniging te kiezen kan groot zijn, maar het helpt wel. Angst leidt tot vermijding. Als ze bij ons komen, worden ze gestimuleerd toch de confrontatie aan te gaan.’’

Ouders moeten vooral vertrouwen in het kind laten blijken. Dekker: ,,Niet roepen ’kom maar naar huis kind, want ik vond de grote stad toch al niks’. Steun het kind in zijn keuze.” Riksen: ,,De moderne communicatiemiddelen helpen ook. Er zijn studenten die een paar keer per dag naar huis bellen of mailen. En als het echt helemaal niet gaat, dan probeer je het een jaar later gewoon weer. Het is goed als ouders laten blijken dat ze er wel zijn als het kind ze nodig heeft.’’

Een ander probleem dat zowel Dekker als Riksen signaleert is dat veel studenten helemaal niet geschikt zijn voor het wetenschappelijk onderwijs. Dekker: ,,Ze hebben vaak ook meer aansluiting bij het hbo maar in Nederland wordt heel snel gezegd: je hebt vwo dus ga je naar de universiteit. Maar je moet het wel leuk vinden abstract te denken en theoretisch bezig te zijn. Het doet een groot beroep op de zelfstandigheid en discipline. Daar moet je wel aan toe zijn. Anders kun je de keuze maar beter een jaar uitstellen. ’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden