EEN ZWARTE LEGENDE ZAT DE ALVA'S DWARS

VERVOLG VAN PAGINA ZZ 1

De toekomstige hertog van Alva mag zich alvast hertog noemen, hertog van Huescar, een titel die hij van zijn moeder cadeau kreeg op een leeftijd dat andere kinderen een brommer krijgen. Hij gaat gekleed in een donderblauw pak en zijn golvende haar ligt als een tapijtje op zijn hoofd.

"Carlos is intellectueel noch kunstzinnig, hij leest niet veel, is niet sportief en heeft geen hobby's. Hij vat zijn rol als toekomstig hertog van Alva veel te zwaar op" , schrijft een weinig vleiende Ismael Fuente, de biograaf van de Alva's. Ook zou hij te veel gefixeerd zijn op het verleden van het hertogshuis en het conserveren van de kunstschatten.

Met genoegen toont Carlos het kostbare bezit van de paleisbibliotheek. Als een goochelaar haalt hij een doek weg, en voila, in een glazen vitrine ligt de eerste uitgave van Don Quijote. In een tweede uitstalkast bevindt zich een fragment van het scheepsjournaal van Columbus' eerste ontdekkingsreis - dat grotendeels verloren is gegaan - met daarnaast een lijst namen van de bemanningsleden. Onder de glasplaat ligt ook een ruwe schets (datum: najaar 1492) van de kustlijn van het Caribische eiland Hispaniola - tegenwoordig het gedeelde grondgebied van de Dominicaanse Republiek en Haiti.

Net als Columbus is ook het Huis van Alva onlosmakelijk verbonden met vijf eeuwen Spaanse historie. Het prestige van de derde hertog van Alva, Fernando Alvarez de Toledo, is door geen van zijn vijftien opvolgers geevenaard. Hij is de IJzeren Hertog die als gezant van koning Philips II in de zestiende eeuw de opstand der protestanten in de Lage Landen kwam onderdrukken. P. C. Hooft heeft in zijn boek Nederlandse Historien een ' Persoonsbeschrijving van Alva' opgenomen. "Van een wreedheid, de snoodste niet alleen der menselijke maar ook der helse boosheden, was hem het hart zo bezeten (. . .) dat hij met voorbedachte rade en krachtens vonnis een grote menigte onschuldige lieden liet ombrengen."

Hooft meet de nukken van deze 'hologige, rijzige persoon met zijn streng gelaat' breed uit. Hij wrijft de hertog 'een bodemloze baatzucht' aan. Alva was 'kloek en tegelijk ook kalm'; 'een onverbiddelijk handhaver der tucht'; 'een doortrapte driftkop'.

De bloedtribunalen en de Tiende Penning brachten hem de reputatie van een meedogenloos heerser. Althans in Vlaanderen en Nederland. In Spanje is hij een royaal gedecoreerde historische held. In de geschiedenisboekjes heet hij El Gran Duque, de Grote Hertog.

"De Grote Hertog was een strateeg, en ontwikkeld man" , vertelt Carlos. Hij omschrijft het karakter van zijn voorvader als 'humaan'. "Jazeker, hij was menslievend. Zeer begaan met het wel en wee van de troepen. Tegelijk ook hard, zoals een geducht militair betaamt. In oorlogstijd kun je niet anders dan van 'ijzer' zijn.'

Het Huis van Alva heeft in de loop der eeuwen nog een legendarische figuur voortgebracht: Maria del Pilar Teresa Cayetana de Silva y Alvarez de Toledo - de dertiende op rij. Deze 'Cayetana' uit de achttiende eeuw ontleent haar faam aan haar geheime verhouding met de veertig jaar oudere hofschilder Francisco de Goya. Het mooiste bewijsstuk van hun onmogelijke liefde hangt in het Museo del Prado in Madrid.

Het blote meisje met de blos op haar wangen die bevallig met haar handen achter haar hoofd poseert, eenmaal gekleed, eenmaal naakt, op Goya's beroemdste tweelingschilderij - la Maja vestida y desnuda - zou namelijk niemand minder zijn dan Cayetana, de hertogin van Alva uit de achttiende eeuw. Weliswaar verwijst het woord 'Maja' naar een willekeurig schoonheidsprinsesje uit het volk, maar die titel hebben de twee geliefden waarschijnlijk verzonnen om de buitenwacht zand in de ogen te strooien. Kunsthistorici hebben hele boeken vol geschreven over de ware identiteit van de Maja. Zowel voorals tegenstanders van de these dat zij de hertogin van Alva voorstelt, baseren zich op Goya's levensgrote en officiele portret van Cayetana, dat tot de privecollectie van de Alva's behoort.

De kuise versie van de minnares van Goya toont de hertogin in een stijve pose. Cayetana kijkt je aan met een zuinige mond. Vooral haar lange rechte neus en ingesnoerde taille springen eruit. De sfeer is suikerzoet: de poedel op de voorgrond heeft een rood strikje om zijn linkerachterpoot. Hoe anders dan de wufte gloed die van de Maja desnuda spat. Hertogin of volksmeid, voor de Spaanse Inquisitie gaf het rosse plukje schaamhaar aanstoot genoeg om de hofschilder eens ernstig te kapittelen.

Francisco de Goya heeft een nog groter schandaal willen voorkomen door de mogelijke sporen van herkenning van de hertogin zorgvuldig te verhullen. De deftige dame aan de muur draagt een hoogsluitende japon. Het hele schilderij draait om haar gezichtsuitdrukking. De Maja daarentegen heeft een leeg, vlak en nietszeggend gezichtje; zij spreekt met haar lichaam. En toch: het is de samenzweerderige blik in de ogen van de Cayetana van Alva die de gelijkenis verraadt met de blote Maja. "Welnee" , beweert de huidige hertogin van Alva "de Maja is klein en gedrongen. Het is gewoon een of andere boerendeerne."

De levende Cayetana heeft werkelijk alles geprobeerd om wat zij noemt 'de zwarte legende' over haar naamgenote uit de wereld te helpen. Ze heeft zelfs het lichaam uit de familietombe laten lichten voor een onafhankelijk oordeel van drie lijkschouwers. Op een afgezaagde voet na die ergens buiten de doodskist rondslingerde, zaten alle botten van de dode hertogin nog op hun plaats. Na de afmetingen van het skelet te hebben opgenomen, kwamen de geleerden tot de eensluidende slotsom: het heupgewricht van deze Alva is zo smal dat het onmogelijk kan corresponderen met de rondingen van Goya's wellustige model op de sofa. Van een hofschilder in de late achttiende eeuw werd niet verwacht dat hij de billen van zijn naakten zou hebben aangedikt. De hardnekkigheid waarmee Cayetana de vermeende romance ontkent (een Alva als minnares van een schilder? Veertig jaar ouder dan zij, en niet eens van adel? Kom nou!) slijt in de loop der jaren. De hertogin begint zelf ook te schilderen, harlekijnen en honden en zo, eerst nog natuurgetrouw, later meer abstract.

Wanneer Pablo Picasso vraagt of zij - eenmaal gekleed, eenmaal naakt - voor hem wil poseren, raakt ze van haar stuk. Picasso wil een eigentijdse interpretatie van Goya's meesterwerk met de eigentijdse hertogin van Alva, in dezelfde trant als hij Las Meninas van Velazquez heeft nageschilderd. Cayetana wil maar wat graag, maar Luis, haar ultra-katholieke echtgenoot, verbiedt haar zulke grillen. Maar als deze in 1972 sterft aan kanker in een ziekenhuis in Houston staat niets het portret meer in de weg. Zou je denken. De hertogin aarzelt en aarzelt. Tot het te laat is, want een jaar later sterft ook Picasso.

Cayetana van Alva mist de kans van haar leven om als onsterfelijke Maja van de twintigste eeuw de geschiedenis in te gaan. Het wachten is nu op een volgende legendarische telg uit het geslacht van Alva.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden