Een zombiefilm in Brabant! Nederland is klaar voor horror

Nederland heeft niet bepaald een sterke horrorfilmtraditie. Sterker nog, de Nederlandse cinema is zo stevig verankerd in realisme dat de meeste genrefilms, of het nu gaat om actiefilms of romantische komedies, science fiction, avonturenfilms of thrillers, het doorgaans afleggen tegen sobere filmische bespiegelingen op de werkelijkheid.

Maar misschien gaat dat wel veranderen. Deze zomer werden maar liefst vier lange horrorfilms van eigen bodem voltooid, waarvan er drie in première gaan tijdens het Nederlands Film Festival. Aanleiding voor het programma-onderdeel ’Nederhorror en andere vreemde verschijnselen’. Dat toevoegsel is slim gekozen, want wie de festivalcatalogus erbij pakt ziet dat in de loop van de jaren toch heel wat filmmakers zich hebben gewaagd aan fantasy verhalen. Dick Maas schreef geschiedenis met de griezelige ’De Lift’ en de spannende ’Amsterdamned’, Rudolf van de Berg maakte de bloederige ’De Johnsons’. Vooral in korte films zoeken makers nogal eens de grenzen van de fantasie op. ’Dokter Vogel’, over de enge dromen van een jongetje tijdens een keelamandeloperatie, werd twee jaar geleden met een Gouden Kalf bekroond. In ’The Prodigal Son’ wordt een mannelijke prostitué onaangenaam verrast door een bloeddorstige klant. En zanger Huub van der Lubbe speelde in de geestige ’R.I.P.’ een zombie die zijn weduwe opzoekt. Toch bleef het zelfs met dit soort geslaagde buitenissige verhalen bij incidenten, die vooralsnog niet leidden tot een werkelijk vruchtbaar griezelklimaat.

Maar voor horrorfans begon de 26ste editie van het festival alvast goed met de bekroning van ’DoodEind’, een eng verhaal rond een groepje vrienden dat voor een vakantie naar Schotland gaat en al bij het eerste het beste kampvuur in het bos zwaar in de problemen komt. Regisseur Erwin van den Eshof kreeg tijdens de openingsavond de Filmprijs van de Stad Utrecht voor het beste debuut, lvanwege, zo luidde het oordeel van de jury „de intelligente benadering van het genre, de goed gekozen casting, de prestaties van de acteurs en de doeltreffende art design”. ’DoodEind’ is gewoon een goed gemaakte en geacteerde griezelfilm die visueel uiterst professioneel oogt.

Inmiddels zijn nog twee andere horrorfilms onder grote belangstelling in première gegaan. ’SL8N8’, van Frank van Geloven en Edwin Visser speelt zich af in een Limburgse mijn waar een groepje studenten op paranormale gruwelen stuit. En ’Complexx’ is een film van Robert A. Jansen waarin een aantal fervente gamers verwikkeld raakt in een spel dat al gauw niet leuk meer is. De meest opmerkelijke film van de recente horror-hausse is misschien wel ’Horizonica’. Regisseur/scenarist/producent Ramon Etman deed er een jaar of vier over om met 1236 vrijwilligers een zombiefilm te maken die zich afspeelt in en rond Eindhoven. Daar besmet een psychopaat het leidingwater met een knalgroen spulletje dat het ergste in de mens losmaakt: ernstig verminkte Eindhovenaren vallen medemensen aan om hun ingewanden op te eten en gnuivend hun botten af te kluiven. Zo gruwelijk als het klinkt, zo leuk moet het zijn geweest om aan de film mee te werken: al die honderden mensen kreeg Etman puur op basis van zijn eigen enthousiasme mee. Zijn wens om deze horrorfilm te maken was zo vurig, vertelt Etman daags voor de première, dat hij niet alleen een onbetaalde crew en cast om zich heen wist te verzamelen, maar ook nog uit allerlei hoeken facilitaire hulp kreeg en op de onbezoldigde gastoptredens van bekende Nederlanders als Joost Prinsen en Henk Westbroek mocht rekenen. Zelfs de nachtopnamen van een massascène met honderden figuranten bleek geen probleem. De makers hadden door middel van wijdverspreide flyers een oproep gedaan. Aan het begin van de avond was er nog niemand. Etman: „Toen hoorde ik via de portofoon ’eeh, Ramon, er staat hier een file’. Toen dacht ik, wow, we kunnen beginnen!” Meer dan vijfhonderd mensen waren komen opdraven om een nachtje zombie te mogen spelen. Maar volgens Etman verklaart niet alleen zijn passie voor het project de soepele medewerking die hij vrijwel overal kreeg. Het genre speelt ook een rol. „Als ik vertelde dat ik bezig was met een zombiefilm begonnen mensen eerst te lachen. Maar vervolgens vonden ze het wel leuk en werden ze nieuwsgierig. Het is nog niet eerder gedaan, een zombiefilm in Brabant!”

Daarmee is ’Horizonica’ voor een deel een provinciaals feestje geworden. Toen afgelopen zaterdag Etman de volgestouwde zaal binnenliep waar even later zijn film voor het eerst op een bioscoopdoek geprojecteerd zou worden, ging er een luid gejuich op onder de ’Horizonica’-supporters, deels passend gekleed in ’bebloede’ kledij. Hetzelfde gebeurde toen een bekende uit het Eindhovense straatbeeld even in de film opdook en er een grapje in werd gemaakt over PSV. Wat de film, vooralsnog zonder distributeur, buiten dat lokale circuit zal gaan doen is een beetje de vraag. Want ’Horizonica’ is filmisch, op z’n zachtst gezegd, niet sterk. Etmans scène-opbouw, dialogen, mise-en-scène en dramatische logica zijn harkerig en stroef. Maar zijn plezier in het genre is aanstekelijk. Dat is volgens hem wat de horrormakers van dit moment verbindt. Etman: „Ze zijn opgegroeid met horrorfilms uit de jaren tachtig. Zo is het gaan kriebelen: dat wilden ze ook maken.”

Dat betekent dat er ook een aanzienlijk, loyaal publiek voor hun films moet zijn, zoals ook het aanhoudende succes van het Amsterdam Fantastic Film Festival (voorheen Weekend of Terror) laat zien. Vertoont dat festival jaarlijks een brede mix van genrefilms uit de hele wereld, de komende editie zal Nederland voor het eerst sterk vertegenwoordigd zijn. Holland is klaar voor horror.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden