Een wolk is neergedaald in Zwolle

De nieuwe uitbreiding op het dak van Museum De Fundatie is klaar. 'In een stad als Zwolle mag een museum met allure niet ontbreken.'

Uit de verte lijkt het of er een zilverkleurige wolk tot stilstand is gekomen. Precies boven het dak van Museum De Fundatie in Zwolle. Al zien sommigen er ook een ufo in. En anderen een ei of een oog. De ellipsvormige uitbreiding op het dak van het 170 jaar oude neoclassicistische museumgebouw is net klaar maar nu al zo spraakmakend, dat dit wel eens de nieuwe icoon van Zwolle zou kunnen worden.

Spectaculair en gedurfd is de oplossing die architect Hubert-Jan Henket bedacht om de ruimtenood van het museum - dat 1 juni weer opent voor het publiek - op te lossen. Een ondergrondse uitbreiding wilde directeur Ralph Keuning van het museum onder geen beding. Hij dacht aan een aanbouw, maar dat zou de alzijdige symmetrie van het rijksmonument aantasten. Dan maar de lucht in, was de conclusie. Maar hoe?

De eivormige koepel waarmee Henket in de zomer van 2010 aankwam, viel meteen in de smaak. Keuning: "Allengs bleek het bedrag van vijf miljoen euro dat de provincie Overijssel beschikbaar had gesteld, niet genoeg. We zijn toen meteen op zoek gegaan naar sponsors en fondsen."

De kosten liepen op tot ruim zes miljoen, ook doordat de bouw een half jaar vertraging opliep. Er waren fouten gemaakt bij het berekenenen van de draagconstructie van de opbouw, die rust op acht poten, en de staalleverancier ging failliet. Ook de lange winter leidde tot vertraging. De 55.000 geglazuurde tegels uit Makkum, waarmee de koepel is bekleed, konden niet bij lage temperaturen worden gelijmd. Nu de steigers weg zijn, is pas goed zichtbaar hoe al die duizenden geglazuurde tegels, in tinten variërend van zilverwit tot blauw, voortdurend verschieten van kleur onder invloed van zonlicht en wolkenluchten. Ralph Keuning: "Het is inderdaad net alsof er een wolk is neergedaald op het museum."

Was het niet moeilijk om in deze crisistijd sponsors te vinden?

Ralph Keuning: "Dat is me reuze meegevallen. Er zitten hier een paar grote bedrijven, het hoofdkantoor van de buizenfabrikant Wavin, de kunststoffendivisie van DSM en de Rabobank met een groot kantoor. Die wilden meteen meedoen. Maar ook familiebedrijven die hier van oudsher gevestigd zijn, hebben royaal bijgedragen. Ik vind het belangrijk dat een museum gedragen wordt door de stad en regio. Wij hebben voordeel van de stad en de bedrijven die hier zitten, maar omgekeerd kunnen wij ook iets betekenen voor de regio. Voor het vestigingsklimaat is een museum van allure van belang, maar ook voor de horeca en middenstand."

Kwam de stad met het voorstel om het museum uit te breiden?

"Toen ik zes jaar geleden directeur werd, had het museum geen helder profiel. Er kwamen 15.000 bezoekers per jaar. Nu zijn dat er 100.000. Ik heb het initiatief genomen voor de uitbreiding, omdat we steeds meer problemen kregen om onze vaste collectie fatsoenlijk te tonen. Als we hier twee grote tentoonstellingen hadden, moesten onze topstukken naar het depot. We kunnen straks al onze hoogtepunten van Turner tot Appel permanent laten zien. Bovendien vind ik dat in een stad als Zwolle een museum van allure niet mag ontbreken. Er wonen hier 120.000 mensen en er zijn 90.000 banen. Dat is ongehoord veel. Zwolle is één van de sterkste groeiregio's van Nederland."

Er is fors geïnvesteerd in het gebouw. Maar de exploitatie zal ook een stuk duurder worden. Is daar nog wel geld voor?

"Je moet na zo'n forse uitbreiding niet in de situatie komen dat de exploitatie- en personeelslasten onevenredig stijgen. We hebben de kosten vooral kunnen beheersen door het ontwerp zo op het gebouw te laten aansluiten, dat we ruwweg kunnen werken met de teams die we hebben. Er is dus geen grote uitbreiding van het medewerkersbestand nodig. Verder is er goed gelet op energiebeheersing. Tenslotte is er goed overlegd met de eigenaar van het gebouw, de gemeente Zwolle, over de huisvestingskosten."

Opvallend: bezoekers kunnen niet lunchen in het museum.

"Die keuze heeft niets te maken met het beheersen van de kosten. We willen de vierkante meters vooral gebruiken voor de kunst. Er zit hier ook al zoveel goede horeca om de hoek. Helemaal bovenin de koepel hebben we wel een bar gemaakt waar mensen iets kunnen drinken. En ondertussen kunnen ze via een groot raam genieten van het uitzicht op de oude stad."

Hoeveel extra bezoekers verwacht u?

"Geen idee. Maar we gaan ons best doen om zoveel mogelijk mensen te trekken, met speciale aandacht voor publiek dat zelden of nooit naar het museum komt."

De Fundatie stond al bekend om zijn toegankelijke tentoonstellingen. Denk bijvoorbeeld aan Jeroen Krabbé en Marte Röling. Wordt het nu nog laagdrempeliger, ook omdat er meer bezoekers moeten komen voor een sluitende exploitatie?

"Ik vind dat je er als museum voor iedereen moet zijn. Maar dat betekent niet dat onze exposities geen niveau hebben. Er wordt soms veel te snel een stempel gedrukt op bepaalde kunstenaars. Dat geldt ook voor Jeroen Krabbé, terwijl ik dat gewoon een heel goede schilder vind. Het is toch geweldig dat je met Krabbé mensen naar het museum weet te trekken die daar nooit komen? Dat is ons gelukt en daar gaan we mee door.

"De expositie van Krabbé in 2008 was een waanzinnig succes. Sindsdien hoort hij bij ons. Hij heeft nu ook weer een hele zaal gevuld en ik weet dat bezoekers daarvoor terugkomen. Maar er moet wel een balans zijn in het aanbod. Ook echte kunstkenners moeten aan hun trekken komen. Daarom streven we naar een mix van meer avant-gardistische kunst, zowel oud als hedendaags, en een populaire programmering. Die variatie zit ook in ons openingsprogramma. Naast Jeroen Krabbé brengen we de tentoonstelling 'Dans op de vulkaan' over kunst in de Republiek van Weimar. De periode tussen 1918 en 1933 geldt als een hoogtepunt van kunst en cultuur in Duitsland, maar het was ook een tijd van felle politieke strijd en economisch verval. Er was nog nooit zo'n grote tentoonstelling over dit thema in Nederland. Verder brengen we de eerste solotentoonstelling van fotograaf Pieter Henket, die bekend werd met een foto van Lady Gaga. Hij wordt wel gezien als de jonge Anton Corbijn. En dan hebben we natuurlijk nog onze vaste opstelling met de hoogtepunten uit de collectie. We hebben voor de verbouwing gemerkt dat mensen die voor Jeroen Krabbé kwamen, vaak doorliepen naar onze andere exposities. Maar ook omgekeerd bleek dat bezoekers die eigenlijk kwamen voor de expositie over Georg Grosz, ook naar Jeroen Krabbé gingen kijken en dan vaak verrast waren door de kwaliteit van zijn werk. Ik denk dat we een goede formule hebben met onze mix van exposities."

Die zilveren koepel op het dak is een echte blikvanger. Maar er loopt geen muur recht in de nieuwe eivormige zalen. Is dat niet onhandig in een museum?

"De nieuwe zalen zijn prachtig. Je waant je er in een reusachtig ei, wat nog wordt versterkt door de witte wanden die doen denken aan eierschalen. Er komt niets aan de muren te hangen. Dat zou alleen maar afbreuk doen aan de architectuur. Maar de zalen zijn zo hoog en ruim dat we op alle mogelijke manieren met flexibele wanden kunnen werken. Voor de tentoonstelling van Pieter Henket hebben we glazen standaards geplaatst, waarin de foto's worden opgehangen. Ze lijken wel te zweven. Het zijn ook ideale zalen om beelden te exposeren. Ik vind het juist wel een uitdaging dat de muren niet recht zijn. Dat prikkelt je ook om te zoeken naar nieuwe presentatievormen."

Museum De Fundatie
Prinses Beatrix heropent op 31 mei Museum De Fundatie in Zwolle. Het museum is vanaf 1 juni open voor het publiek, dat de eerste dag gratis toegang heeft, van 10 tot 22 uur.

Jeroen Krabbé toont een nieuwe serie schilderijen waarvoor hij zijn eigen kindertekeningen als uitgangspunt nam.

Pieter Henket heeft zijn eerste solotentoonstelling. Behalve foto's zijn er ook acht films van hem te zien.

De meeste ruimte neemt de expositie 'Dans op de vulkaan' in beslag over de kunst in de Republiek van Weimar. Er worden werken getoond van onder meer Käthe Kollwitz, Max Beckmann, Otto Dix en George Grosz.

En dan is er nog de vaste collectie, die in een nieuwe opstelling wordt gepresenteerd met alle topstukken, van Turner, Picabia, Franz Marc en Karel Appel tot Vincent van Gogh, Gino Severini en Auguste Herbin.

Ralph Keuning
Ralph Keuning (1961) werd in 2007 benoemd tot directeur van De Fundatie. Na zijn studie kunstgeschiedenis werkte hij twee jaar bij de Neue Nationalgalerie in Berlijn en het Prentenkabinet. Daarna was hij hoofd communicatie bij het Kröller-Müller Museum in Otterlo. Later leidde hij het Nieuw Land Erfgoedcentrum in Lelystad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden