Een wereldmerk van karigheid

(Trouw) Beeld EPA

Als zoon van een arme kruidenierster bouwde hij een winkelketen op die zich over de wereld verspreidde. Maar de wereld kende hem niet.

Het was zo’n onopvallende man dat zijn ontvoerders in 1971 eerst zijn paspoort wilden zien om te weten of ze de juiste te pakken hadden.

Theo Albrecht, die in de jaren vijftig met zijn broer Karl het Aldi-concern oprichtte, wist bijna zijn hele leven buiten de publiciteit te blijven. Maar zijn winkels kent iedereen en het Aldi-concept was bij de oprichting revolutionair. Hij laat een groot – en soms omstreden – concern achter, maar van hemzelf is weinig bekend.

Na zijn overlijden vorige week wist niemand zijn exacte geboortedatum te noemen. Hij werd 88 jaar oud. De omvang van zijn vermogen werd geschat op 16,7 miljard euro. Het Amerikaanse blad Forbes plaatste Theo dit jaar nog op de 31ste plek van zijn fameuze lijst met rijkste mensen ter wereld.

De broers Albrecht werden straatarm geboren in het Duitse Ruhrgebied. Hun vader was mijnwerker, maar moest daar vanwege stoflongen vroeg mee stoppen. Moeder Albrecht begon een kleine kruidenierszaak in hun arbeiderswijk om het hoofd boven water te houden. Na de Tweede Wereldoorlog, in 1946, namen de twee broers het winkeltje over en breidden de zaak al snel uit tot een keten van winkels. Hun moeder zei ooit over dit succes: „Als het met de Duitsers financieel slecht gaat, hebben wij het goed”. In 1950 bezaten zij 13 winkels, in 1960 al 300. Vandaag de dag bezit Aldi wereldwijd 7600 filialen, waarvan 406 in Nederland.

Achter de schermen voerden de Albrechts voortdurend strijd. Die escaleerde toen de broers het in 1961 niet eens werden of zij in hun winkels sigaretten moesten verkopen. Theo vond van wel, broer Karl vond van niet.

Duitsland was in oost en west opgesplitst; de broers Albrecht deelden het op in noord en zuid. De lijn die zij door Duitsland trokken noemen de Duitsers de Albrecht-Equator. Theo kreeg de leiding over alle filialen in het noorden, Karl over die in het zuiden.

Hun grote doorbraak kwam in 1962 toen zij de eerste grote Aldi-winkel (Albrecht-Discount) in Dortmund openden. Over één principe bleven zij het altijd eens: alles moest goedkoop. Aan deze filosofie is tot op de dag van vandaag geen verandering gekomen. De winkels zijn spartaans ingericht, hebben weinig personeel en verkopen relatief goede producten tegen lage prijzen.

In 1971 nam Theo's leven een radicale wending: hij werd ontvoerd. Een advocaat die zijn gokschulden niet kon betalen en een kleine crimineel hadden in een boek over de Duitse superrijken Theo's naam zien staan en besloten hem te kidnappen. Deze gebeurtenis kwam hij nooit te boven. Zijn familie betaalde na 17 dagen 7 miljoen Duitse mark aan losgeld zodat hij vrij kwam. De daders kregen gevangenisstraf, maar de helft van het geld werd nooit teruggevonden.

Na de ontvoering gaf Theo het enige interview van zijn leven, waarin hij zei vooral met rust gelaten te willen worden. Sindsdien vertoonde hij zich nooit meer in het openbaar. Wel voerde hij enkele jaren later een rechtszaak omdat hij het losgeld van de belasting af wilde trekken. Volgens velen was dat tekenend voor zijn karakter.

Theo stond bekend om zijn extreme zuinigheid. Volgens de overlevering moest het personeel in de beginperiode de producten uit de winkels naar de kelder brengen, omdat hij geen koelruimtes wilde kopen.

Aldi-medewerkers vertelden Duitse media dat er binnen het concern een gevleugelde uitdrukking bestaat dat niemand zo’n oude aktentas bezit als Theo Albrecht. Ook schijnt hij eens boos geweest te zijn op een personeelslid dat een doosje pennen had gekocht. Hij vroeg of deze medewerker wilde laten zien met meer pennen tegelijk te kunnen schrijven. Anders was één pen voldoende geweest. Ook schakelde Theo, als hij ergens binnenkwam, meteen de lampen uit als hij dat licht onnodig vond.

Deze zuinigheid is ook terug te zien in de winkels: die zijn kaal en hebben volgens sommigen de uitstraling van een voormalige Oostblokwinkel. Lange tijd wilden mensen die het zich enigszins konden veroorloven nog niet dood gevonden worden in een Aldi. Van dat imago is steeds minder over, mede door het verschijnen van enkele Duitse kookboeken die alleen Aldi-ingrediënten gebruiken. Tegenwoordig kopen ook rijkeren bij Aldi en uit onderzoek blijkt keer op keer dat de producten een goede tot zeer goede kwaliteit hebben.

Toch kwam Aldi geregeld negatief in het nieuws. Het bedrijf zou veel druk op leveranciers zetten om de prijzen laag te houden en werknemers zouden slechte werkomstandigheden hebben en worden geïntimideerd. Dat leidde vaak tot een conflict met vakbonden.

Het zegt ook iets over Theo's leiderschap dat erom bekend stond dat hij van caissières verwachtte dat zij een minimum aantal artikelen per uur verwerkten. Hij verbood het personeel om met de media te praten.

In 1993 droeg Theo de dagelijkse leiding van Aldi-Nord over, maar tot 2006 ging hij nog dagelijks naar kantoor. Hij is 60 jaar getrouwd geweest met Cilly en heeft twee kinderen die op de achtergrond bij het concern betrokken zijn.

Uit het schaarse dat bekend is, weten we dat hij een verzameling schrijfmachines bezat, orchideeën kweekte, een groot golfliefhebber was en trouw naar de katholieke kerk ging. De winkels laat hij als monument achter. Van hemzelf rest slechts één publieke foto uit 1971.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden