Een wereld met louter harteloze mensen

Barry Miles' biografie van William Burroughs, 'Call me Burroughs', las ik nu pas, terwijl het boek vorig jaar al verscheen. Burroughs was, in de woorden van Norman Mailer, 'misschien de enige nog levende Amerikaanse schrijver die iets geniaals heeft'. Burroughs' persoonlijke leven was rampzalig. Hij was zijn hele leven verslaafd aan opiaten, schoot per ongeluk zijn eigen vrouw dood en verwaarloosde zijn enige zoon die jammerlijk ten onder ging in pogingen om bij zijn vader langszij te komen. Burroughs' meesterwerk, 'Naked Lunch', ontsproot uit al deze ellende. Het boek bestaat uit een wervelwind van passages waarin mannen, jongens en vrouwen in korte flitsen bezig zijn met heroïne, politiek, operaties, seks, politie, drugs, psychiatrie, onderwijs, verslaving, artsen, kanker, apen, recepties, ophanging, afkicken, prostitutie, veeziektes enz. enz. De sfeer is cynisch, grimmig en grappig tegelijk. Iedereen is bezig iemand anders uit te zuigen, te kleineren, te vernederen of te vertrappen zelfs. Een klein fragment: twee artsen komen elkaar tegen tijdens een epidemie. Zegt de een: 'how long will the epidemic last?' Antwoordt de ander: 'as long as we can keep it going'. Een wereld van harteloze door mensen aangerichte ellende opgesomd in één zin.

Burroughs is de schrijver over wie Reve zich verbaasde tijdens het Edinburgh Festival van 1961. Hij legde daar zijn knip-en-plak-methode van compositie uit. Je hebt een verhaal geschreven. Knip nu de rechterhelft af van pagina 10 en de rechterhelft van pagina 20 en plak deze helften op elkaars plek. Krijg je iets prachtigs. Barry Miles beschrijft hoe hij na 'Naked Lunch' letterlijk jaren bezig is met via dit procedé geconstrueerde teksten, waar ik helaas nooit veel plezier aan beleefd heb. Ik zit er mogelijk naast, maar voor mij is Burroughs de schrijver van 'Naked Lunch', en daar hoeft niets meer aan toegevoegd te worden.

Behalve dit denkelijk vruchteloze gehannes met teksten, dat hij ook toepaste op geluidsopnames van gesprekken, was ik verbaasd over zijn jarenlange verslaving aan Scientology en zijn onverwoestbare geloof in The Orgone Box, een energieconcentrator afkomstig uit het merkwaardige brein van Wilhelm Reich. Burroughs, de man die werkelijk alles wat mensen hoog achten met benzine durfde te overgieten om eens te kijken hoe het brandt, nam zijn leven lang in alle ernst plaats in een Orgone Box, een zelfgetimmerde kast van hout en metaal waarbinnen orgonen gevangen worden die je weer energiek maken. Nou ja, de een z'n patat is de ander z'n hostie, maar begrijpen doe ik het niet.

Van een andere onbegrijpelijkheid is zijn geslachtsleven. We hebben het wel over misbruik in de katholieke kerk, maar wat Burroughs en vele andere blanke rijke homo's van zijn generatie in Tanger deden was toch eigenlijk ook volstrekt ongepast. Het leven in Marokko was erg goedkoop en de jongens ook. Burroughs die zo genadeloos en trefzeker elke vorm van onderwerping door religie en staat aan flarden wist te trekken, was zelf zeer ijverig in het onderwerpen van Marokkaanse jongens. Het was seks in allerlei leuke en nare vormen die hij zich verschafte tegen geld. De jongens kwamen uit een armoedige en kansloze wereld en waren bereid om zo'n beetje alles te doen voor een paar van zijn dollars. Er was zelden sprake van vriendschap of genegenheid. Het is op zijn zachtst gezegd onduidelijk wat de jongens van dit alles vonden.

Ik vraag me af hoe Burroughs het gevonden zou hebben als tientallen schatrijke Marokkaanse mannen waren neergestreken in zijn geboortestad om daar in de armenwijken tegen grof geld met jongens dezelfde dingen te doen die hij vond dat hij mocht doen met de jongens in Tanger. Ik dacht hierbij ineens aan Céline, die moreel een veel beroerdere reputatie heeft dan Burroughs, maar die per saldo naar mijn inschatting heel wat minder ellende heeft aangericht.

Hoe het ook zij, aan het eind van de rit gloeide Burroughs mooi na. Hij woonde gedurende zijn laatste jaren goed verzorgd door trouwe vrienden in een Amerikaans gehucht, omringd door pistolen en hopeloos verliefd op zijn katten. Dat deelde hij dan weer wel met Céline, die ook een kattenaanbidder was. Dat zie je wel vaker bij mensen die eigenlijk niks met mensen kunnen, dat ze hun kat, paard, hond of kaketoe dan ervaren als ver boven alle mensen verheven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden