Een wankel toevluchtsoord

Les geven aan kinderen van asielzoekers is dankbaar werk. Maar ook lastig. 'Je ziet de onzekerheid, de pijn in hun ogen.' En helaas gaat er organisatorisch van alles fout.

Tien jaar geleden scoorde nog ruim de helft van de basisscholen voor kinderen van asielzoekers een dikke onvoldoende. Bij de laatste inspectieronde werd geen enkele van de 36 scholen als 'zeer zwak' beoordeeld. Er wordt elke dag keihard gewerkt aan de kwaliteit van het onderwijs, om de asielkinderen zoveel mogelijk bagage mee te geven. Voor een toekomst in Nederland of - als ze hier niet mogen blijven - in het land van herkomst.

Onderwijs aan asielkinderen lijkt echter veel te vaak op liefdadigheid en vrijwilligerswerk. Door schooldirecteuren die er geen geld voor krijgen maar wel hun verantwoordelijkheid nemen. Door leraren die tegen de stroom in, heel hun ziel en zaligheid geven. De overheid laat steken vallen bij het organiseren van goed onderwijs voor kinderen in asielzoekerscentra.

Een beetje meer hulp zou welkom zijn, stelt de werkgroep Kind in azc, een coalitie van Unicef, Defence for Children, VluchtelingenWerk Nederland, Stichting Kinderpostzegels en Kerk in Actie. Niet als gunst, maar gewoon omdat onderwijs een recht is, vastgelegd in het VN Kinderrechtenverdrag: alle rechten gelden voor alle kinderen binnen de landsgrenzen, zonder uitzondering. Kinderombudsman Marc Dullaert zei eerder in Trouw dat kinderen van migranten worden achtergesteld: "Hier hebben kinderen met een paspoort meer rechten dan kinderen zonder. Er wordt gemeten met twee maten. Dat kan echt niet."

Uitzichtloos

Gisteren was weer zo'n rampdag, verzucht Maja Zuiderveld, teamleider van basisschool Hesselanden, gevestigd op de gezinslocatie voor uitgeprocedeerde asielzoekers in Emmen. "Soms gebeuren er van die dingen... die hakken erin. Dit is meestal dankbaar werk. Onze leerlingen staan te trappelen om te leren, ze blijven 's middags soms liever op school dan dat ze naar huis gaan. Maar je voelt als leerkracht ook dat deze kinderen in hun ontwikkeling worden bedreigd. Die uitzichtloosheid, je ziet de onzekerheid, de pijn in hun ogen. Dat maakt het dubbel."

Het is nog steeds pionieren, zonder goede landelijke afspraken en richtlijnen over de organisatie en kwaliteit van het onderwijs voor asielkinderen. Structureel geldgebrek staat scholen in de weg om ervaren personeel zekerheid te bieden en vertrouwde gezichten voor de klas te hebben en houden. Soms staan er vrijwilligers voor de klas. In noodlokalen. Kinderen gaan weken niet naar school, na de zoveelste verhuizing. En zo kan de werkgroep 'Kind in azc' nog wel even doorgaan met het oplepelen van klachten en incidenten.

'Kind in azc' bracht eind vorig jaar een rapport uit: 'Het is hier in één woord gewoon... stom!' Uit een onderzoek naar welzijn en perspectief van kinderen in gezinslocaties bleek hoe gebrekkig de onderwijssituatie van deze bijzondere groep is. Stress, spanning en slaapgebrek verstoren de concentratie, kinderen kampen met motivatieproblemen vanwege een gebrek aan toekomstperspectief. Er is in de azc's, zo stelden de onderzoekers, vaak weinig plek om rustig huiswerk te kunnen maken en er is onvoldoende toegang tot computers met een snelle internetverbinding. Dit belemmert kinderen bij hun schoolwerk (en bij het onderhouden van sociale contacten).

Het gaat hier om soms ontwortelde, getraumatiseerde kinderen die extra aandacht verdienen. Die soms ook psychische (sociaal-emotionele) begeleiding nodig hebben om te kunnen groeien en bloeien. School biedt deze kinderen vaak de broodnodige houvast en afleiding van de onzekerheid en stress in het dagelijks leven. Even weg van oude trauma's en nieuwe teleurstellingen, worstelende ouders in soms akelige leefomstandigheden, de ongewisse toekomst.

Hechting

Deze groep verdient de beste leerkrachten. En die hebben we, zegt Maja Zuiderveld. Maar, voegt ze er meteen aan toe, "wij zijn dankzij de flexwet voor het komend schooljaar voor maar liefst vier van de zes groepen hoogstwaarschijnlijk aangewezen op nieuw personeel. Juist voor deze kinderen, die zich vaak moeilijk hechten, is een beetje continuïteit ongelooflijk belangrijk. Waar we zo mooi aan gebouwd hebben, wordt nu wankel."

Dat is pijnlijk, vindt ook de werkgroep die er bij het ministerie op aandringt zich meer in te spannen voor deze kwetsbare kinderen. "Dit is toch een soort speciaal onderwijs. Maar daar is de bekostiging niet naar", zegt coördinator Tessa Smets van de werkgroep. "Ter vergelijking: er zijn in Nederland minder rugzakleerlingen dan nieuwkomers. Maar voor die eerste groep is wel van alles geregeld."

Gelukkig doen sommige schooldirecteuren niet moeilijk. Ook als gemeenten met het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (Coa) - verantwoordelijk voor de opvang en begeleiding van asielzoekers - nog steggelen over onderwijsgeld, worden kinderen soms al tot de school toegelaten. Smets geeft als voorbeeld het Da Vinci in Leiden, een middelbare school die flink wat kinderen van asielzoekerscentrum Katwijk trekt. "Die school krijgt door allerlei factoren nog geen geld voor deze leerlingen, maar hoest het voorlopig zelf op."

Niet vlekkeloos

Er zijn al te veel (tijdelijke) thuiszitters. De schoolcarrière van asielkinderen wordt soms flink gehinderd door de vele verhuizingen en dus wisselingen van school, constateert de werkgroep. Ooit is beloofd dat verhuizingen vooral zouden plaatsvinden tijdens schoolvakanties, maar dat blijkt niet altijd het geval. Daarnaast zegt staatssecretaris Sander Dekker van onderwijs dat verhuisde kinderen binnen vier weken weer in de lesbankjes moeten zitten. Ook dat wordt in de praktijk lang niet altijd nageleefd. Het ministerie erkent inmiddels dat het onderwijs voor asielkinderen allerminst vlekkeloos verloopt en maakt een rondgang om de klachten aan te horen en zo straks de knelpunten te kunnen aanpakken.

De bewoners van de gezinslocatie in Emmen wacht uitzetting naar het land van herkomst. Maar het overgrote deel wil of kan niet terug. Door het haperende uitzetbeleid zitten ook de andere gezinslocaties (in Almelo, Amersfoort, Burgum, Den Helder, Gilze, Goes en Katwijk) overvol en barsten de asielschooltjes uit hun voegen. "Het idee was om kinderen die weg moeten, en op korte termijn weg zouden gaan, bij elkaar te zetten. Maar nu blijkt dat de uitstroom de afgelopen drie jaar slechts 12 procent is, lijkt het me tijd te concluderen dat het niet werkt", zegt Zuiderveld.

En dan rijst al snel de vraag wanneer je deze kinderen laat doorstromen naar het gewone onderwijs. "Ik ben trots op de school en tevreden met wat we kinderen leren", zegt Zuiderveld. "Maar ik heb kinderen die hier nu al drie jaar lopen. Ik heb ernstige twijfels bij het 'vasthouden' van kinderen in zo'n soort 'tussenwereld'. Deze kinderen gun je dat ze loskomen uit de stresserige omgeving van een azc. Je wenst ze een gewone wereld toe, een gewone school. Met ook klasgenootjes zonder trauma's."

School biedt deze kinderen vaak de broodnodige houvast en afleiding van de onzekerheid in het dagelijks leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden