Review

Een vraatzuchtige Tamagotchi

De populairste kinderboekenschrijver van het moment is zonder twijfel Paul van Loon. Sinds 1993 wordt hij onophoudelijk door de Nederlandse kinderjury getipt, genomineerd of bekroond. Aanstaande zaterdag krijgt hij zeer waarschijnlijk opnieuw een prijs van de kinderjury, dit jaar voor 'Dolfje Weerwolfje', dat is genomineerd in twee categorieën; de leeftijd 6 tot en met 9 en de categorie 10 tot en met 12. Of voor 'Lyc-drop', dat in de laatste categorie eveneens werd genomineerd.

Van Loon is voorzitter van het Griezelgenootschap, een club griezelboekschrijvers waarvan onder anderen Tais Teng, Eddy C. Bertin en Jack Didden deel uitmaken. Het Griezelgenootschap biedt de mogelijkheid lid te worden van De Griezelclub, waarvan maar liefst negenduizend kinderen gebruik maakten. In Nederland is de oplage van ieder normaal boek, voor zowel kinderen als volwassenen, tussen de twee- en drieduizend exemplaren, maar van 'De griezelbus 4' werden er dertigduizend (!) gedrukt.

'De griezelbus' gaat over een aantal kinderen dat al dan niet vrijwillig in een bus wordt getracteerd op griezelverhalen. In deel vier is het een klas schoolkinderen, van wie hun meester Jacques niet meer zichzelf is. Iemand heeft bezit van hem genomen, de schrijver P. Onnoval (anagram van Van Loon), die wil dat zijn verhalen worden gehoord, zodat ze tot leven kunnen komen. “Al mijn figuren zijn echt. Het zijn mijn kinderen. Mijn verhalen moeten gaan leven in jullie hoofd (...). Dan worden ze op den duur vanzelf echt.”

Die verhalen gaan over een vraatzuchtige Tamagotchi die jóu opeet wanneer je hem niet tijdig voert, waarna je voor altijd in het ei zit opgesloten; over 'de auto van de duivel' met enorme aantrekkingskracht op kinderen, die hun naam op zijn stoffige karkas schrijven, waarna ze als geesten moeten rondwaren; over een pestkop die een meisje de stuipen op het lijf wil jagen door te doen alsof hij weerwolf is, waarna hij zelf slachtoffer wordt. Een wereld wordt geschetst waarin zelfs je moeder ineens een vampier kan blijken.

Van Loon schrijft ronduit adembenemend. Realiteit en fantasie weeft hij behendig door elkaar en het lukt hem griezelig te beschrijven zonder doorzichtig te zijn. De koude hand van een griezel is écht koud, net als de kille bries die veelvuldig wordt gevoeld. Het is moeilijk een verhaal te recenseren dat zo'n ongelooflijke zuigkracht heeft, want om de zoveel pagina's vergeet je dat het een boek is dat je in handen hebt, en niet een werkelijke wereld. Gruwelijkheden druipen van de pagina's: “In zijn spierwitte gezicht gloeien bloedrode ogen. Grijnzend kijkt hij in het rond; scherpe, witte tanden blikkeren achter zijn dunne, rode lippen. 'Onnoval is mijn naam. P. Onnoval.' Achter hem zakken twee donkere gedaantes uit het plafond.”

En tegelijkertijd spat het plezier in griezelen ervan af. “Van mij mag alles. Jullie mogen skeletten, vleermuizen en spinnen in de bus hangen, zoveel je wilt. Als jullie nog een spook nodig hebben, breng ik mijn vrouw wel mee, ha ha, geintje.”

Van Loon gaat niet voor zijn lezers door de knieën; hebben duistere krachten je eenmaal te pakken, dan ben je er gewoon geweest, simpel zat. Maar in geheel eigen stijl biedt hij in het overkoepelende verhaal wel een uitweg, als schrijver Onnoval de kinderen wil ontvoeren naar de AW. In deze Andere Werkelijkheid zijn bange fantasieën realiteit. Wanneer Onnoval in zijn opzet slaagt, zullen de kinderen van meester Jacques er altijd wonen. “Het is geen pretje om daar voor eeuwig te moeten blijven. Het is een krijsende, gierende wereld, een voortdurende nachtmerrie.” En het lukt hem. Er lijkt niets te zijn dat de kinderen nog kunnen doen. Alsof het een herhaling in slow-motion van een doelpunt is, trekken alle gruwelijke verhalen aan hen voorbij. Maar dit keer in werkelijkheid.

Totdat Van Loon zijn lezers helpt te realiseren dat ze niet de rest van hun leven slapeloze nachten hoeven hebben. “'Wij hebben het door!' roept Sanne (...). 'Al die figuren van u leven niet. Niet als wij het niet willen.' 'Ja!' schreeuwt Wouter. 'En wij willen het niet! De verhalen zijn afgelopen en wij willen niet dat het verder gaat.”' Je kúnt dus aan de gruwelijkheden ontsnappen. Dat wil zeggen, alleen als je niet persoonlijk door een weerwolf of vampier te grazen bent genomen.

In 'De griezelbus 4' houdt iedereen van griezelen; er worden grapjes over gemaakt of mee uitgehaald. De opgevoerde kinderen zijn vaak fervente griezelboeklezers en vreemde geluiden, bleke gezichten, smalle, rode monden en hoekige tanden horen gewoon bij het leven. Daardoor vergis je je gemakkelijk, en onderschat je het gevaar als het echt dreigt. Daarmee blijft Van Loon verrassend, spannend, grappig en griezelig. “Wist u dan niet dat je kinderen nooit moet onderschatten?” Ze zijn namelijk prima in staat de boeken van een goede schrijver te erkennen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden