Een van de schaarse paradijzen op aarde

Pikante pieken tot 1700 meter, ruisende beekjes, hier en daar een cirkelende gier, en verder weidse stilte. Wandelen in de Sierra Franca is een genot. Eten kan in historisch hoofdstadje La Alberca. Overal hangt de geur van hammen en worsten.

In trance cirkelen drie gieren hun rondjes tegen de strakblauwe lucht. Het is een adembenemend schouwspel. Minutenlang zweven de roofvogels op een paar honderd meter boven de aarde.

Wij zijn de pas El Portillo (1247 m) gepasseerd en hebben de provinciale weg overgestoken die van La Alberca naar het zuiden loopt. Daarmee laten we de bewoonde wereld achter ons. In natuurpark Las Batuecas zullen we de eerste uren waarschijnlijk geen mens tegenkomen, is ons voorspeld.

In La Alberca, aan het begin van onze wandeling, hebben we de gieren van dichtbij kunnen observeren op de foto's in het informatiecentrum van het natuurpark. Vale gieren, monniksgieren, Egyptische gieren: ze weten allemaal de weg in dit park. En hun vleugels hebben een ontzagwekkende spanwijdte van een paar meter.

We wandelen in de Sierra de Francia, een streek in Spanje op een uurtje rijden van Salamanca. We hebben ons geweldig vermaakt in die oude universiteitsstad (sinds 1218), waar jongeren uit de hele wereld elkaar ontmoeten. Je hoort er voortdurend een mengelmoesje aan talen - in de kathedraal, het park, het museum, op de terrassen en ook op misschien wel het mooiste stadsplein dat een mens zich kan dromen, de Plaza Mayor. Dit is een topproduct van de barok, ongemeen esthetisch in het vierkant. De bogen en façades, de tientallen medaillons van Spaanse koningen en andere Bekende Spanjaarden uit het verleden (ook 'onze' Karel de Vijfde en Filips de Tweede), de gebouwen in de verplichte goudgele kalksteen en het stadhuis dat er bovenuit steekt, de terrassen die nooit vervelen en die uitzien op een mozaïek aan mensen - voor dit grote plein zou je met genoegen je bus naar de luchthaven van Madrid missen.

Het bezoek aan de oude stad is de opmaat naar een wandeltocht door de Sierra de Francia. De 'Vergeten Bergen van Salamanca' (de provincie), zoals ze wel worden genoemd, vormen een landschap van pikante pieken tot ruim 1700 meter. De hellingen zijn vaak bekleed met eiken, dennen en kastanjebomen. Ruisende beekjes vullen de symfonie op met gekabbel. Op de vlakkere gebieden bloeit brem en worden wijngaarden en fruitbomen gecultiveerd. Af en toe duikt er een kudde geiten op, laten wilde zwijnen sporen achter en delen de gieren het luchtruim met de zwarte ooievaar, de koningsarend en de Spaanse keizerarend. Tussen de struiken van de vallei die we afdalen staan overal bijenkorven. Meer levende wezens dan bijen nemen we niet waar. De weidse stilte noodt tot een rustig tempo en geregelde pauzes. Rondkijken en genieten, luisteren en ademhalen. Dat houd je uren vol.

Het duurt een hele tijd voordat we het klooster van de ongeschoeide Karmelieten in het dal gewaar worden. Het is in de zestiende eeuw gesticht. Je mag naar binnen, maar dan wel definitief. Er wonen nog een paar monniken. Bij de gesloten toegang hangt een (Spaans) citaat van de Russische schrijver Fjodor Dostojevski: 'Iemand liefhebben is hem zien zoals God hem gewild heeft'.

Het scheelde overigens weinig of de beroemde Spaanse filmmaker Luis Buñuel had het klooster in 1933 gekocht. Hij logeerde er tijdens het maken van een documentaire over Las Hurdes en was erg onder de indruk van deze verlaten bergstreek. Hij noemde de plek 'een van de schaarse paradijzen die ik heb leren kennen'. Buñuel besloot het klooster (voor een grijpstuiver) te kopen, maar voordat het contract gesloten kon worden, brak de Spaanse Burgeroorlog uit en werd de koop afgeblazen.

La Alberca is in de avondzon een heerlijk plaatsje. In de smalle straatjes hangt de geur van hammen en worsten, die niet alleen aan passanten worden verkocht, maar ook naar het buitenland worden verhandeld. Op de Plaza Mayor laven toeristen zich aan Spaanse dranken en tapas, voordat zij tegen de schemering naar binnen schuiven voor een late maaltijd. De kinderen van het dorp bruisen van energie, houden onvermoeibaar hardloopwedstrijdjes over het plaveisel en kletsen de hele wereld bij elkaar tot zij door hun ouders naar binnen worden gehaald. Dan is het intussen al laat op de avond.

In 1940 kreeg La Alberca als eerste een plaats op de Spaanse lijst van beschermde dorpsgezichten - vanwege dat intieme dorpsplein met z'n zuilengalerij, het stratenpatroon en de gave bouwkunst. Dwalend door de steegjes horen we ineens haastige voetstappen en een knorrend geluid. Een boer - of is het een slager? - snelt over de kasseitjes. Hij wordt gevolgd door een zwart (Iberisch) varken, dat amechtig zijn baas nadribbelt en tenslotte tegen een oude muur in slaap valt. Kennelijk is hij nog niet rijp voor de slacht.

La Alberca is de hoofdplaats van de Sierra de Francia. Rondom liggen veel meer dorpjes, kleiner en minder goed bewaard, maar langzaam stervend in schoonheid. We lopen erheen over veelal onverharde paden, langs olijfgaarden, watermolens, moestuinen en verwilderde akkers, notenbomen en andere stillevens. De routes (Grote Route-paden, schapendriften, bospaden, soms een donzig dek van dennenaalden) zijn perfect gemarkeerd. De bordjes geven niet alleen de richting en de afstand aan maar ook de duur van de tocht. Soms kijkt een ezel even op of scharrelt er ander vee rond. En in de dorpen blijkt altijd meer leven dan gedacht. Vrijwel overal is een café, waar altijd mannen aan de bar samenzweren en ondertussen van een biertje happen, een tapasbordje leegplukken of een uur over een espresso doen.

Hotelletjes zijn er soms ook in de dorpen. Zo kent Mogarraz een historisch pand aan de Plaza Mayor, is er in Miranda del Castañar een modern hotel in een oude Posada en verblijf je in San Martin del Castañar in een stijlvol onderkomen achterin het dorp.

De kraker van alle wandelingen begint op de pelgrimsberg Peña de Francia op een hoogte van 1727 meter. Hier beklimmen al eeuwen lang pelgrims een kruisweg op hun knieën om de plaats te bezoeken waar inwoners van San Martin del Castañar in de vijftiende eeuw de verschijning van Maria meldden. Op de top heb je een grenzeloos mooi uitzicht, torent een zendmast overal bovenuit, staan een kapel en een klooster, kunnen pelgrims overnachten in een gerestaureerde hospederia en stoppen taxi's al vroeg in de ochtend om wandelaars af te zetten. Drie gieren - misschien wel dezelfde - doen ons uitgeleide vanuit het luchtruim boven de berg. Steenbokken huppelen vooruit alsof ze de weg willen wijzen en kijken ons nieuwsgierig na. Over oude paden dalen we af. Rustplekjes genoeg onderweg, rotsen en bankjes. Aan het einde van het dal wacht La Alberca op ons.

Oliva Travel
Paul Smits werkte tot zijn vijftigste als sociaal-geograaf voor de overheid, maar koos er toen voor zijn werk en zijn passie voor landschappen, de mediterrane cultuur en het wandelen te combineren. Hij richtte in 2006 Oliva Travel op, een eenmansreisbureau in een mooie bovenwoning in Amsterdam. Sindsdien organiseert hij individuele wandelvakanties in gebieden van Spanje en Portugal, die hij zelf goed kent maar die niet alledaags zijn, zoals een wandelreis door de Vergeten Bergen van Salamanca. De wandelingen voeren van hotel naar hotel, waarbij de bagage wordt vervoerd, of ze worden gemaakt vanuit één standplaats. Smits kiest voor kleinschalige accommodaties en werkt samen met plaatselijke organisaties. Paul Smits staat op de Fiets- en Wandelbeurs.

www.olivatravel.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden