Een toren die de stad verwarmt

Daar stonden we, in de laatste winterkou. De toren tekende zich donker af tegen de donker wordende hemel. De kou namen we voor lief, je zou er na al die weken bijna aan gaan hechten. Ons was eigenlijk iets betoverends in het vooruitzicht gesteld. Nu ja, een lichtkunstwerk.

Om ons uit te leggen wat dat was, had de lichtkunstenaar aan tafel plaatsgenomen, tegenover een groepje journalisten. We bevonden ons in het ontvangstgebouw van de Domtoren.

De lichtkunstenaar was een Brit, en gerenommeerd in zijn kunst. Zijn naam was Mark Major. Hij verontschuldigde zich dat hij ondanks talloze trips naar Joetrekt nog steeds geen woord Nederlands machtig was. Gelukkig beheersten wij die heel af en toe in Londen komen het Engels goed.

Major was medenaamgever van het Londense bureau Speirs + Major, dat lichtontwerpen ontwierp voor prestigieuze gebouwen als de Londense St.Paulskathedraal, de Millenium Dome en de Grote Moskee van Aboe Dhabi. Ze waren nu doende met de beroemdste kathedraal van Engeland: die van Canterbury.

Dus Joetrekt was in goede handen.

Major sprak zijn bewondering uit voor de middeleeuwse Domtoren en zijn hoogte. Unbelievable.

Zijn bureau was niet gekomen om deze toren eenvoudig te verlichten. Om er een bak licht tegen aan te werpen. Zoals de toren tot nog toe verlicht werd. Dan kreeg je a dead monument.

Ik geloof dat ik hem op dit punt ernstig toeknikte. Dode monumenten in een eenzaam licht, nee dat wilden we niet.

Zijn lichtconcept, waarin ook de Domkerk en het plein tussen kerk en toren werden betrokken, vertelde een verhaal. Dit was een gelaagde plek, zei Major, van Romeinen, forten, verdwenen kerken. Een centrale plek in Utrecht, maar ook in Nederland. Het licht moest de plek tot leven brengen. 's Avonds, tot middernacht, zou de kerk licht naar buiten werpen, door zijn gebrandschilderde ramen, de hoge blinde muur op het plein zou gloeien, en in de toren zou elk kwartier een lichtspel te zien zijn, ademend licht, dat aan het slot in korte flitsen omhoog de toren in zou klimmen, de binnenkant verlichtend om als 'pakjes van energie', als herinneringen, de toren bij de spits weer te verlaten.

Dus daar stonden we, in de laatste winterkou. Dit was de testfase. Een dag later zou de koningin het licht ontsteken - in het kader van de Vrede van Utrecht. Toen, in 1713, werd de toren door duizenden kaarsen verlicht.

Donker was de toren. Een man telde af in een walkietalkie. Three, two, one. En zie, in de bogen en tot in de lantaarn, gloeide het licht aan, zacht, en onderaan de voet flitste het even, stroboscopisch. En het flitste omhoog, door het binnenste, tot boven in de lantaarn, en een projector wierp lichtbellen tegen de onderkant van het dak, het flitste even crescendo, en toen was het voorbij. Op slag was de toren weer donker, de betovering verbroken. Tot hij zacht ademend weer aangloeide. Als bij warm kaarslicht.

A British magician in Utrecht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden