Een taboe op de helling

Bijna een eeuw lang durfde vrijwel niemand in Turkije met een woord te reppen over de Armeense kwestie. Niemand wilde weten wat er in 1915 was gebeurd tussen de Turken en de Armeniers. Hoeveel Armeniërs werden omgebracht. Het onderwerp was taboe: geen boeken, geen onderwijs en geen discussies over de gedwongen exodus van des tijds. Maar langzamerhand wordt het taboe heel voorzichtig doorbroken.

Vroeger, zo'n negentig jaar geleden, leefde er een nog een volk in het Turkse deel van Klein-Azië, zeker twee miljoen Armeniërs waren over heel Anatolië verspreid. Ze vormden overal een minderheid, met uitzondering van de provincie Van. Het was een ontwikkeld volk, dat aan landbouw en handel deed. Hun muziek en hun tradities leken op die van de Turken en de Koerden, waarmee ze samenleefden in de bergachtige gebieden. Alleen, er was één groot verschil: de Armeniërs waren christenen.

Nu negentig jaar later sta ik op het Taksimplein in Istanbul. Het is de enige Turkse stad, waar nog Armeniërs leven. In de steden, dorpen en bergen van Anatolië is het Armeense volk verdwenen. Op het plein is een shoarmazaak, met als eigenaar een Armeniër. Hij vertelt over zijn verleden: ,,Mijn ouders hebben in Kayseri gewoond. Na de dood van Ataturk is de druk op onze familie zo verhoogd, dat we daar wel weg moesten. In 1952 zijn we naar Istanbul gekomen. Hier hebben we nooit meer last gehad. Een groot deel van mijn familie woont in het buitenland. We hebben nog goede contacten.'

In Istanbul wonen tegenwoordig zo'n zestigduizend Armeniërs. De eigenaar van de shoarmazaak doet niet veel anders dan zijn broodjes verkopen. De zaken gaan goed. Zijn kinderen hebben met het geld van pa in het buitenland gestudeerd en hebben nu goede banen. De man wil niet praten over het lot dat zijn volk ten deel viel tijdens de Eerste Wereldoorlog. ,,Het is allemaal zo lang geleden. We moeten naar de toekomst kijken', zegt hij. De shoarmazaakeigenaar, die nadrukkelijk niet met zijn naam in de krant wil komen, wil het verleden vergeten.

De Armeniërs in het Westen doen dat niet. Ze lobbyen voortdurend om de westerse parlementen zo ver te krijgen, dat ze de 'genocide', gepleegd door de Turken op de Armeniërs, als wet aannemen. In Frankrijk is dat gelukt. De Turken worden telkens razend als het woord 'genocide' valt en dreigen de parlementen, die geneigd zijn om de volkerenmoord te erkennen met allerlei maatregelen. Daardoor komt de kwestie steeds weer op de agenda, hoe graag de shoarmazaakeigenaar het verleden zou willen begraven.

Wat is er gebeurd in de Eerste Wereldoorlog, waar de kleinkinderen van die Armeniërs nog altijd van wakker liggen?

De officiële lezing van de Turkse kant luidt als volgt: ,Eeuwenlang hebben de Armeniërs in vrede geleefd in het Osmaanse Rijk (de voorloper van de Turkse Republiek). Ze namen zelfs actief deel aan het bestuur van het Rijk. Maar naarmate het Rijk zwakker werd en grond verloor, begonnen ook de Armeniërs actief te werken aan een onafhankelijke staat. Armeense bendes vielen Turkse dorpen aan en vermoordden de boeren. Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, viel Rusland Turkije binnen. De Russische Armeniërs vochten actief mee tegen de Turken. De Turkse Armeniërs voelden zich meer verwant met de christelijke Russen. Ze begonnen dan ook een bedreiging te vormen voor het Turkse leger. Hierop organiseerde de regering een exodus van de Armeniërs naar het zuiden. Onderweg vielen veel slachtoffers. Niet vanwege de Turkse regering, maar omdat de Koerdische veldheren niet onder controle konden worden gehouden. En natuurlijk ook door de slechte omstandigheden onderweg.'

Het Armeense verhaal luidt anders: 'Alles begon met de opkomst van de nationalistische beweging 'Jonge Turken'. Ze richtten de partij Eenheid en Vooruitgang op en kwamen door de zwakte van de sultan snel aan de macht. De leiders van deze partij zagen in dat het rijk constant grond verloor.

De enige kans van overleven was om in een kleiner land te leven met een bevolking die homogeen is. De Eerste Wereldoorlog werd dan ook als een perfect excuus gebruikt om het land te zuiveren van de Armeense minderheid. Alle Armeniërs werden stelselmatig onderworpen aan een exodus. Onderweg werden ze koelbloedig vermoord door de militairen en de Koerden.

Aan het hoofd van de genocide stond generaal Talat, die voortdurend bevelen gaf aan zijn onderdanen dat ze geen genade moesten hebben met de Armeniërs. Van een miljoen Armeniërs, die aan de exodus waren onderworpen hebben uiteindelijk zo'n vijftigduizend het gehaald. De Armeniërs in Istanbul hebben de genocide wel overleefd, omdat buitenlandse afgezanten en journalisten in Istanboel waren gestationeerd.'

,,Ik ben nog nooit naar Oost-Turkije gegaan, waar mijn voorouders hebben geleefd en waar ze zijn verbannen', zegt Devrim, een 27-jarige jarige gitarist, die in bekende cafés in Istanbul speelt. ,,Tijdens de verbanning hebben de meeste Armeniërs braaf alle instructies van de militairen opgevolgd. Tegen hen werd gezegd dat ze hun bezittingen binnen een dag in ossenwagens moesten doen, de volgende dag zouden ze vertrekken. Mijn opa vertrouwde het allemaal niet. Hij verliet stiekem het dorp en dook onder bij een alevitische familie in een ander dorp. Hij was de enige in de familie, die niet vertrok naar de woestijnen in het zuiden. Hij was ook de enige die in leven is gebleven.'

Devrim zelf zegt dat hij er langzamerhand genoeg van heeft dat de Armeense kwestie telkens weer opduikt. ,,Het is wel makkelijk voor de Armeniërs in het buitenland om de kwestie warm te houden. Maar hier in Turkije moeten wij met de Turken samenleven. Ik ben hier nooit gediscrimineerd vanwege mijn achtergrond. En ik wil dat graag zo houden. Mijn Turkse vrienden zien me als Devrim en niet als Devrim, de Armeniër. Okay, het was wel tragisch wat er 85 jaar geleden gebeurde, maar het is wel 85 jaar geleden gebeurd', zegt hij.

Hij treedt die avond op met zijn groep in een café in Beyoglu, de uitgaanswijk van Istanbul. Normaal spelen de jongens popmuziek. Maar er is een volkslied, waar niemand om heen kan de laatste maanden. Devrim speelt het dan ook:

'Op de markt van Erzurum (een oosterse stad met vroeger een grote Armeense bevolking) loopt het meisje uit de bergen.

Ik weet dat ze jou mij niet zullen gunnen.

Ik wou dat ik dood was, het meisje uit de bergen...'

Devrim zingt de hit eerst in het Turks, daarna in de originele vorm, in het Armeens. Het geluid van de fluit is hartverscheurend.

Hoewel Devrim niet wil dat de Armeense zaak telkens ter sprake komt, gebeurt dat in Turkije de laatste dertig jaar wel voortdurend. Eerst kwamen de Armeniërs in het nieuws met aanslagen van de Armeense terreurbeweging Asala op Turkse diplomaten. Daarna werden de Armeniërs stof van gesprek tijdens de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan, twee Sovjet-republieken, die na de opheffing van de Sovjet-Unie in oorlog raakten om de Armeense enclave Nagorno Karabach. De Turken spraken ook over Armeniërs als het ging om de Koerdische beweging PKK. Volgens sommige Turkse nationalisten steunden de Armeniërs de PKK.

En dan was daar de publicatie drie jaar geleden van het 'Armeense taboe' van de hand van de Franse onderzoeker Yves Ternon. Het werd direct uit de schappen van de winkels gehaald na een vonnis van de rechtbank. De rechtzaak bij een hogere rechter duurde ongeveer drie jaar. Uiteindelijk mocht het boek toch worden uitgegeven. In het vonnis stond dat de Armeense minderheid te klein is om een bedreiging te vormen voor de eenheid van de Turkse staat.

Enkele dagen geleden nog deed een discussieprogramma veel stof opwaaien. Twee Turkse historici en een rechtse parlementariër waren uitgenodigd. Ze vertelden het gebruikelijke verhaal. Maar tot ieders verbazing belde de programmamaker ook Taner Akcam, een Turkse onderzoeker die vanwege zijn mening over de Armeense kwestie naar de Verenigde Staten is gevlucht. De discussie was zeer verhit, de gemoederen liepen hoog op. Zo hoog dat de doorgaans zo kalme Taner Akcam op een gegeven moment door de telefoon schreeuwde: ,,De PKK heeft mensen vermoord. Moeten we daarom alle Koerden uitroeien?'

De vrouw van wijlen president Ozal belde woedend op. ,,Hoe kunnen jullie deze man aan het woord laten. Ik vraag jullie om onmiddellijk de afkomst van deze man uit te zoeken. Ik kan niet geloven dat deze Akcam een Turk is.'

Een dag later publiceerde Hurriyet, de krant met de grootste oplage in Turkije, een brief van een lezer die schreef dat het nu eindelijk eens tijd werd om generaal Talat, de man die verantwoordelijk wordt geacht voor de gebeurtenissen in 1915, als een Pol Pot of Stalin te beschouwen.

Net als de zanger Devrim stoort ook Hrant Dink (47) zich aan het feit dat de Armeniërs zo negatief in het nieuws komen. Hij is hoofdredacteur van het Armeense weekblad Agos. Het blad verschijnt in het Turks en het Armeens. Het heeft een oplage van zevenduizend.

Hrant Dink (47) moet niet zoveel hebben van de wetsvoorstellen over de genocide op Armeniërs in de westerse landen: ,,Ik twijfel ernstig aan de houding van de westerlingen. Ze schuiven de schuld constant in de schoenen van Turkije. We horen geen woord over h£n aandeel in de gebeurtenissen in 1915. De Engelsen, de Fransen, de Italianen, de Russen en de Amerikanen waren druk bezig met de verwezenlijking van hun imperialistische idealen. Het lot van de Armeniërs kon hen niks schelen. Ze hadden alleen oog voor het verbreden van hun invloedssfeer.'

Voor Dink is het veel belangrijker om de Turkse publieke opinie te beinvloeden. ,,Het aannemen van wetten in honderd parlementen is voor mij minder belangrijk dan de empathie, het medegevoel van een Turkse burger. Vroeger kon je helemaal niet praten over 1915. Nu beginnen journalisten mondjesmaat te schrijven dat we eens in de Osmaanse archieven moeten kijken. Het proces komt traag op gang, net als de democratisering van Turkije. Maar ik geloof dat we ook dit taboe zullen doorbreken. Turkije moet ook beseffen wat die exodus het land heeft gekost. Het Armeense volk was het meest ontwikkelde volk in Turkije. Ze woonden er drieduizend jaar. Ze hadden universiteiten opgericht en gaven les in zeven buitenlandse talen. Ze hadden een goed ontwikkelde muziek, enzovoorts. Als er nu vijf miljoen Armeniërs in Turkije waren, dan zat Turkije allang in de Europese Unie', zegt Dink.

De hoofdredacteur begint steeds bozer te worden, begint bijna te schreeuwen: ,,Of ik teleurgesteld ben in Turks links. Nou en of. Ik ben duizend procent teleurgesteld. Je kunt me niet één gedicht noemen van onze beroemde linkse dichters naar aanleiding van het Armeense drama.'

Die avond ga ik naar het huis van Devrim. Een oude tante is op bezoek. Op de televisie gaat het zoals gewoonlijk de laatste tijd over de Armeense kwestie. Een Turkse deskundige vertelt hoe volgens hem de 'tweehonderdduizend Armeniërs om het leven zijn gekomen in 1915. Devrims tante ontsteekt in woede. ,,Wat', schreeuwt ze. ,,Het waren er wel drie miljoen. Mijn vader heeft het me allemaal verteld.' Als ze even later weer tot bedaren is gekomen, zegt ze tegen Devrim dat hij niet overal moet vertellen dat hij een Armeniër is. Aan de muur hangt een afbeelding van Jezus.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden