Een stroomdraad is niet eng, leren inwoners Sumba nu

De meesten wonen in houten hutten met traditioneel hoge daken. © Aline Gauchet

Het Indonesische Sumba moet binnen tien jaar het eerste compleet duurzame eiland worden. Trouw volgt de overgang: in Umburundi halen bewoners elektriciteit uit de lokale waterval.

De laagvlaktes tussen de bergen op Sumba zijn uitgestrekt: kuddes paarden grazen in het gras, vrouwen lopen met emmers water op het hoofd terug naar hun bamboe huizen in de kleine nederzettingen.

Ongerept stukje Indonesië
Sumba, dat op ruim 1500 kilometer afstand van Jakarta ligt, is een ongerept stukje Indonesië. De meerderheid van de Sumbanezen gaat slapen zodra het donker is, heeft geen stromend water en kookt nog op een houtvuur: ruim 70 procent van de eilanders heeft geen toegang tot elektriciteit.

Daud Kapading Malahina uit Umburundi verbouwt zijn eigen groenten, houdt kippen en varkens. Honden rennen blaffend over het erf. Met zijn vrouw, kinderen en kleinkinderen woont hij in een kleine nederzetting met houten hutten, met de traditioneel hoge rieten daken.

Micro-hydro machine
Na zonsondergang, tegen een uur of zes, worden de huisjes schaars verlicht met wasemende blikken petroleum die de functie hebben van olielampjes. Maar daar komt binnenkort verandering in, vertelt hij enthousiast en hij wijst naar de zwarte elektriciteitsdraad die sinds kort zijn huis verbindt met 98 andere huizen. Hij droomt al over een vriezer voor ijs en een televisie voor de kinderen.

Er is nog maar één kabel nodig om de huizen daadwerkelijk aan te sluiten op de micro-hydro machine die onder aan de waterval staat, een paar kilometer verderop. Door een felrode pijp wordt het water naar beneden gesluisd waar elektriciteit wordt opgewekt. De waterkracht-machine die dit allemaal mogelijk maakt, ziet er weinig indrukwekkend uit, het gat in de berg daarentegen is enorm.

Creëren van eenheid
Alle mannen en vrouwen uit de omgeving hebben meegeholpen de doorgang te maken. En dat is precies de bedoeling van Ibeka, de Indonesische niet gouvernementele organisatie (ngo) die de micro-hydro machine heeft ontworpen: het creëren van eenheid in kleine gemeenschappen.

"Het hebben van elektriciteit alleen is natuurlijk geen ontwikkeling, maar wanneer je economisch verder wilt komen heb je het wel nodig. Het is niet het einddoel, het is een stuk gereedschap dat het leven van arme mensen kan verbeteren", meent Tri Mumpuni, de directeur van Ibeka.

Vraag naar stroom neemt toe
Veel wereldeconomieën groeien nauwelijks, maar Indonesië sterk. De vraag naar stroom neemt hand over hand toe in de archipel. Deze behoefte zal grotendeels worden bevredigd door goedkope en vervuilende, op kolen draaiende elektriciteitscentrales. Toch heeft ondanks deze enorme economische groei bijna 40 procent van de 240 miljoen Indonesiërs geen enkele toegang tot elektriciteit, niet eens tot generatoren.

Zelfs in gebieden zoals Kalimantan, waar de gewonnen kool wordt doorverkocht aan Europa, de VS, China en India, is een tekort aan stroom en brandstof. In heel Indonesië, zelfs in armere wijken van Jakarta, hebben inwoners te maken met 'brownouts', het elke dag gecontroleerd uitvallen van stroom, omdat er niet voldoende wordt geleverd.

Toegang tot informatie
"Schandalig", meent Mumpuni. Ver weg van de hoogspanningsmasten van het door de staat gerunde elektriciteitsbedrijf PLN heeft Ibeka in de meest ruige, afgelegen gebieden van de archipel inmiddels al vijftig micro-hydro machines aangelegd. De ngo leert de lokale bewoners zelf de machines te onderhouden. "We moeten wel weg kunnen, anders houden we het niet vol."

Met een capaciteit tot 400 kilowatt kunnen de machines rond de 800 huishoudens van elektriciteit voorzien, opgeteld geven de machines elektriciteit aan een half miljoen mensen. Op plekken waar voorheen amper voorzieningen waren, hebben mensen nu toegang tot informatie, via radio, tv en op sommige plekken zelfs internet.

Meer doen in de avonduren
Dat was een van de belangrijkste veranderingen in het leven van Hinggu Panjanji. Hij was al 31 toen zijn dorp op Sumba voor het eerst werd aangesloten op elektriciteit. Panjanji heeft nu een computer. "Het is fantastisch. Vroeger hadden we alleen een klein beetje licht, verder niets." In zijn keuken staat nu een koelkast en een rijstkoker, in de woonkamer een laptop en een tv die constant aanstaat. In de avonduren werkt de boerencoöperatie van Panjanji aan projecten. Iets dat zes jaar geleden onmogelijk was geweest.

Het is een geluid dat over heel Sumba te horen valt. "Als we elektriciteit hebben, kunnen mijn kinderen 's avonds huiswerk maken en mijn vrouw kan dan kleden weven", voorspelt Malahina, de zelfvoorzienende boer uit Umburundi. Zijn mond, tanden en lippen zijn rood van het kauwen op betelnoot, af en toe spuugt hij een rode fluim op de grond. "Nu kunnen we niets. Het is hier 's avonds aardedonker."

Hij kijkt verwachtingsvol naar de lantaarnpalen die staan opgesteld langs de weg. "We kunnen straks zelfs bij de buren op bezoek als het al donker is."

De mensen in de archipel die wel toegang hebben tot het stroomnetwerk van staatsbedrijf PLN kunnen dat betalen vanwege de subsidie op elektriciteit. Het tijdens president Soeharto geïntroduceerde buitenissige subsidiesysteem op olie, voedsel en elektriciteit slokt een vijfde van het jaarlijkse overheidsbudget op.

De huidige regering van Susilo Bambang Yudhoyono heeft al verschillende malen getracht de subsidies af te schaffen, maar dat zorgt iedere keer voor een dermate keldering van de populariteit van de president dat de regering krampachtig blijft vasthouden aan het oude systeem.

Zonder corruptie
De uiteindelijke elektriciteitskosten voor de stroom van de micro-hydro machines zijn niet hoog, vertelt Mumpuni. Sterker nog, op sommige plekken wordt zoveel elektriciteit binnen gehaald dat de dorpjes de overgebleven energie kunnen doorverkopen aan PLN. Mumpuni lacht als ze dit vertelt. Beter kan het niet volgens haar.

"Het is voor mij onmogelijk om met de regering te werken. We hebben een andere ziel: ik doe niet aan corruptie, zij houden ervan. Op deze wijze laat ik ze zien dat het kan: zónder corruptie iets bereiken."

In de bergen van Oost-Sumba wonen mensen zo afgelegen dat ze soms een half uur moeten lopen voor het dichtstbijzijnde waterpunt. Petrus Lambawang komt uit dit gebied en werkt voor Ibeka. Samen met de mensen uit de kampongs heeft hij ook hier een micro-hydro machine geplaatst. Niet iedereen was direct gecharmeerd van het elektriciteits- idee, vertelt hij.

"We zijn al tijden geleden begonnen met het overtuigen van vooral de oudere mensen." Door deze bijeenkomsten wist Lambawang zelfs de minst gewillige dorpeling over te halen. "Mensen zijn bang voor stroom. Ze denken dat ze dood kunnen gaan als ze per ongeluk een snoer aanraken."

Gezondheidszorg en armoedebestrijding
Hoog in de bergen, boven de stad Waikabubak, honderden kilometers verwijderd van de waterinstallatie van Ibeka, zit Andreas Dapaloka (32). Hij woont samen met zijn hele familie in twee hutten: zonder elektriciteit, zonder stromend water. Voor het huis zitten ook zijn jonge nichtjes en neefjes. De kinderen zijn vies, er is geen water om ze te wassen.

Indonesië heeft 240 miljoen inwoners en is sinds kort zelfs lid van de G20. Het mag dan de hardst groeiende economie in Zuidoost-Azië hebben, het blijft achter op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en armoedebestrijding. Met als gevolg dat 100 miljoen mensen in de archipel moeten leven van minder dan 1,50 euro per dag.

Het leven zonder elektriciteit is zwaar, zegt Dapaloka. "We hebben niets: geen radio, geen telefoon, geen koelkast." De avonden brengt hij door met praten. Praten over het leven en verhalen vertellen aan neefjes en nichtjes. "Over hun toekomst, over dat wat ze moeten doen om hun leven te veranderen." Los van een koelkast om groenten langer goed te houden, wil Dapaloka vooral elektriciteit vanwege licht: "Ik wil het licht uit kunnen doen als ik ga slapen."

Hivos werkt aan eiland vol groene energie

De Nederlandse organisatie Hivos steunt Ibeka op Sumba met 239.400 euro, een groter bedrag dan normaal, vertelt Eco Matser van Hivos. "Gezien de afgelegen locatie en de noodzaak om een elektriciteitsnetwerk aan te leggen." De bouw van een micro-hydro machine kost, afhankelijk van een aantal factoren tot 475.000 euro. De humanistische organisatie wil heel Sumba binnen tien jaar van groene elektriciteit voorzien. Geen gemakkelijke opgave.

Sumba is ruig, bergachtig en op sommige plekken desolaat. Het eiland is groter dan Groningen, Friesland en Drenthe bij elkaar, er wonen iets meer dan 650.000 mensen. De meeste van deze mensen zijn arm. Op dit moment is Hivos bezig met het zoeken naar nieuwe manieren voor het creëren van groene energie op Sumba: andere waterkrachtprojecten, bio-brandstoffen en windmolens voor irrigatie. Naast Ibeka steunt Hivos ook andere projecten op het eiland: zo moet de bouw van 75-105 kleine biogasinstallaties eind 2012 zijn afgerond.

Grootste vervuilers

Indonesië is na de VS en China de grootste vervuiler ter wereld. Het land heeft plannen om de CO2-uitstoot te verminderen: voor 2020 moet dit met 26 tot 41 procent omlaag.

Het Sumba-project van Hivos past binnen dit streven: samen met staatsbedrijf PLN gaat de organisatie op zoek naar vergroening van de centrale energievoorziening.

Toch is er ook kritiek op het milieubeleid van Indonesië. De president roept al jaren echt iets te willen gaan doen en maakt afspraken met verschillende landen, maar analisten twijfelen aan de houdbaarheid hiervan.

In Umburundi worden de hutjes nog verlicht met wasemende petroleumlichtjes. © Aline Gauchet
De meeste Sumbanezen hebben geen stromend water en koken nog op een houtvuur. © Aline Gauchet
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden