Een spreker, gezang, een overpeinzing en een koffie

Het rommelt binnen het Humanistisch Verbond. De directeur, die nog geen twee jaar geleden aantrad, stapte in september plotseling op. Dit veroorzaakte de nodige onrust op het landelijk bureau. In eigen kring vraagt men zich bovendien af waar het naar toe moet met het Humanistisch Verbond. De afgetreden directeur, Marcel van den Broecke, spreekt van een identiteitscrisis.

De vraag naar het gezicht van de organisatie behoeft des te dringender een antwoord omdat de financiële situatie niet rooskleurig is. Volgens Bert Gasenbeek, directeur van het Humanistisch Archief, is er de afgelopen jaren ingeteerd: “De subsidies zijn sterk afgenomen. De trend in de samenleving is dat organisaties zelf voor hun geld moeten zorgen. Nogal wat activiteiten werden daardoor noodgedwongen opgeheven zoals bijvoorbeeld de vrouwencoördinator en het homowerk. Dat heeft binnen de vereniging een hoop discussie en strijd opgeleverd.”

Van den Broecke wist, toen hij aantrad als directeur, niet of het tekort dat jaar acht of negen ton zou bedragen. Na een reorganisatie waarbij hij een kwart van het personeel op het landelijk bureau moest ontslaan leek de situatie onder controle. “Maar aan de horizon dreigt de noodzaak voor nieuwe ontslagen.” Hij spreekt van een exploitatietekort van enkele tonnen per jaar. Inmiddels heeft hij ontslag genomen, omdat hij zich niet gelukkig voelde met 'een uitkleedpartij'.

De voorzitter van het Humanistisch Verbond, Marian Verkerk, ontkent dat er nog steeds sprake is van nijpende financiële problemen. “De financiën zijn redelijk op orde. Maar we voeren op dit moment inderdaad een discussie binnen het Humanistisch Verbond over de vraag wat de plek van het Humanistisch Verbond.” Men vraagt zich af of het nog mogelijk is om een levensbeschouwelijke organisatie als het Humanistisch Verbond overeind te houden, in een samenleving die sterk individualiseert, waarin mensen vooral een eigen identiteit willen hebben en zich niet meer zo laten leiden door collectieve opvattingen.

Bij de oprichting van het verbond in 1946 was het eenvoudig om te zeggen wat het humanisme was: een niet-christelijke levensbeschouwing. In het verzuilde Nederland van die tijd ontstond de behoefte aan een beweging van niet-kerkelijken. Het Humanstisch Verbond streed tegen het nihilisme in de naoorlogse samenleving, maar ook voor de belangen van de niet-kerkelijken. In een maatschappij waarin overheidsgeld verdeeld werd over de zuilen was het noodzakelijk om je te verenigen om aanspraak te kunnen maken op een deel van dat geld. Een echte zuil is het Humanistisch Verbond volgens Bert Gasenbeek nooit geworden. “Alleen waar de directe werkvormen raken aan de levensbeschouwing, zoals bij de omroep en de geestelijke verzorging was er een humanistische variant. Het Humanistisch Verbond had niet, zoals de christelijke en de socialistische zuilen, op alle levensterreinen organisaties met een humanistische grondslag. Er was bijvoorbeeld geen humanistische geitenfokvereniging.”

Het Humanistisch Verbond groeide gestaag en gaandeweg ontwikkelden zich werkstichtingen op humanistische grondslag die activiteiten ontplooiden op allerlei terreinen waar de levensbeschouwing een rol speelt: geestelijke verzorging, omroep, mensenrechten, vormingsonderwijs, ontwikkelingssamenwerking, en vrij recent: uitvaartbegeleiding en een Universiteit voor Humanistiek. Het verbond zelf werd vooral gezien als vereniging en 'zendend genootschap' waar het humanistisch gedachtengoed ontwikkeld werd.

Aan de groei kwam in de jaren zestig een eind. Het ledental bleef steken op zo'n vijftien- à zestienduizend. Dat aantal is de afgelopen dertig jaar zo gebleven. Tonnenverslindende ledenwerfacties hebben daar geen verandering in kunnen brengen. In tegenstelling tot sommige voorspellingen hebben de humanisten ook niet geprofiteerd van de leegloop van de kerken. Niet-christelijk zijn is nauwelijks meer een onderscheidend criterium. De noodzaak om je aan te sluiten is verder afgenomen, omdat humanistische ideeën inmiddels gemeengoed zijn geworden. Gasenbeek: “Er zijn dan misschien niet zoveel mensen lid van het Humanistisch Verbond, maar er is wel eens onderzocht dat het gedachtengoed door zeker vier à vijf miljoen mensen wordt onderschreven.”

Voor zelfbeschikkingsrecht, tegen discriminatie, voor hulp aan de derde wereld, tegen milieuvervuiling. “Dat zijn standpunten waar,” meent ook oud-directeur Van den Broecke, “elk fatsoenlijk mens het mee eens is, en waarom zou je dan nog lid worden?” Van den Broecke spreekt in dit verband van het NVSH-effect. “In het begin van de jaren zestig kon je in Nederland bijna geen voorbehoedmiddelen krijgen. De NVSH is toen met middelendepots, en Rutgerhuizen enorm opgekomen, in no time hadden ze 800 000 leden. Nu verkoopt Albert Heijn zelfs condooms, dus mensen hoeven geen lid meer te worden van de NVSH. Iets dergelijks is er aan de hand met het Humanistisch Verbond.”

Volgens Ruut Veenhoven, bijzonder hoogleraar Humanisme aan de Universiteit Utrecht, is het humanisme op dit moment de overwegende stroming in Nederland. “Je kunt heel goed aan je trekken komen wanneer je humanistisch denkt zonder lid te worden van het Humanistisch Verbond. Veel van het humanistisch gedachtengoed vindt je bijvoorbeeld ook bij omroepen als de VPRO en Ikon.” Veenhoven tilt er niet zo zwaar aan dat het aantal leden beperkt blijft. Het Verbond voorziet wel degelijk in een behoefte meent hij. “Zo'n verbond functioneert niet als een kerk waar je ingezegend wordt en de rest van je leven bij hoort. Mensen gaan er naar toe op een moment in hun leven dat dat interessant is. Bijvoorbeeld als ze wat ouder worden en met levensvragen zitten.”

“Belangrijk daarbij is hoe goed de organisatie in staat is om een humanistische visie op hedendaagse vragen te formuleren. Soms heeft het Verbond dat goed gedaan zoals in het geval van abortus en euthanasie, maar op het moment ben ik er niet bijster van onder de indruk. Men laat zich bijvoorbeeld nauwelijks uit over het gebruik van drugs, terwijl dat toch ook een kwestie is waarbij zelfbeschikking in het geding is.”

Het humanisme heeft kortom last van een zekere onbestemdheid. Waarin onderscheidt de humanistische omroep zich van de VPRO en Ikon? Wat is er nu specifiek humanistisch aan de ontwikkelingssamenwerking van Hivos? Verbondsvoorzitter Marian Verkerk noemt het typisch humanistisch dat het Hivos zoveel nadruk legt op de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Maar was dat niet juist de Novib-methode?

In 2000 wordt de zendtijd opnieuw verdeeld en als Human (de humanistische omroeporganisatie) dan niet duidelijk kan maken wat hen onderscheidt van anderen, dan ziet het er somber uit.

Gasenbeek: “Als je geen gezicht hebt wordt het moeilijker om geld te krijgen. Je ziet dan dat men behoefte heeft om die H van humanisme weer meer handen en voeten te geven.”" Belemmerende factor bij die pogingen is het feit dat een zekere vaagheid in het humanisme zit ingebakken. Een levensovertuiging die het maken van eigen, moreel verantwoorde keuzes hoog in het vaandel heeft staan, kan moeilijk met dogmatische standpunten komen. Veenhoven: “Er wordt veel gediscussieerd maar weinig besloten. Af en toe neemt men wel een standpunt in maar daar is dan ook lang niet iedereen het mee eens.”

De afdelingen, het hart van het verenigingsleven, lijken intussen te verstoffen. De gemiddelde leeftijd van de leden is 57 jaar, en het zijn vooral de ouderen die afdelingsactiviteiten bezoeken. “Nutsavonden,” zo omschrijft Veenhoven de sfeer bij dergelijke bijeenkomsten. “Die afdelingen hebben vaak nog trekjes van het oude verzuilde systeem. Men organiseert bijvoorbeeld zondagmiddagbijeenkomsten die in de verte wel op een kerkdienst lijken. Een spreker, gezang, een overpeinzing en een kopje koffie.” Hier en daar is er sprake van nieuw elan maar veel afdelingen zijn op sterven na dood. Er moet dringend iets gebeuren, zoveel is duidelijk. Samenwerking is daarbij het sleutelwoord. Een eerste stap is gezet met de verhuizing van het landelijk bureau uit Utrecht naar Amsterdam, op een steenworp afstand van Humanitas. Inmiddels heeft men de ondersteunende diensten van beide organisaties samengevoegd in een facilitair bureau. Maar daar kan het niet bij blijven, meent de ex-directeur: “Humanistische organisaties zullen noodgedwongen meer moeten samenwerken. Als ze het niet samen doen, dan houdt het op.”

Zonder slag of stoot zal dat niet gaan. Zelfs binnen het landelijke bureau was samenwerking tussen verschillende afdelingen al moeizaam is zijn ervaring. Van den Broecke: “Ze weten beter wat ze verdeeld houdt dan wat ze verenigt.” Toen hij een rondje maakte langs verschillende humanistische organisaties om te polsen of die ervoor voelden mee te verhuizen naar Amsterdam, bleek iedereen goede redenen te hebben om het niet te doen.

Voorzitter Marian Verkerk verklaart die huiver voor samenwerking als een angst om opnieuw onder moeders vleugels terecht te komen. Verkerk is niet somber over de toekomst van het humanisme, maar ook zij denkt dat er gezocht moet worden naar nauwere samenwerking. Zij spreekt van de vorming van een humanistische alliantie. Ze wil streven naar een gezamenlijk optreden waardoor de humanistische stem helderder wordt. “Het is goed dat de verschillende organisaties autonoom zijn, maar het moet geen verdeel en heersspel worden want dan rijd je jezelf in de wielen en verdwijn je van de kaart.”

Het Humanistisch Verbond moet zich ook actief gaan bemoeien met maatschappelijke thema's als armoedebestrijding, vindt Verkerk. Misschien dat dat een groter deel van de leden aanspreekt dan nu te vinden is op de afdelingsbijeenkomsten. “Wat ik jammer zou vinden is als de kerken het alleenrecht verwerven om moreel geweten van onze samenleving te zijn. Maar als wij niet duidelijk kunnen maken dat er ook een humanistisch invalshoek is voor zoiets als een moreel geweten, dan moeten we er maar mee ophouden, dan kun je niet laten zien dat je een serieuze partij bent en verlies je je bestaansrecht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden