Een slijtvaste broek gooi je beter niet tussen de aardappelschillen

ROBIN VAN WECHEM

De composthoop is geen voor de hand liggende plaats om afscheid te nemen van je oude spijkerbroek. Toch kan de nieuwe broek van Freitag daar zijn laatste dagen slijten. Maar of dat duurzamer is dan de textielbak?

De broers Daniel en Markus Freitag ontwerpen alleen spullen die ze zelf zouden willen dragen. Dat resulteerde twintig jaar geleden in de karakteristieke tassen van afgedankt vrachtwagenzeil. Nu heeft het Zwitserse bedrijf een kledinglijn die begon met werkkleding voor de werknemers in de eigen fabriek. De broeken zijn gemaakt van een combinatie van hennep (81 procent) en linnen (19 procent) en zijn volledig biologisch afbreekbaar. Het garen, de labels en de binnenvoering kunnen eveneens zonder problemen wegrotten tussen de aardappelschillen. Alleen de schroefknoop moet eraf en kan op een nieuwe broek.

De keuze voor hennep en linnen als grondstof voor de broeken was vooral een keuze tegen katoen, een uiterst dorstig en bestrijdingsmiddelenbehoeftig plantje. Ook vindt de productie van (biologische) katoen volgens Freitag te ver weg plaats, kost het te veel ruimte en zijn de arbeidsomstandigheden voor katoenplukkers abominabel. Het linnen en de hennep komen uit Frankrijk, Nederland en België. Deze gewassen hebben bijna geen bestrijdingsmiddelen nodig. Ook worden zo min mogelijk chemicaliën gebruikt bij de verwerking van de vezels tot stof.

Van de combinatie van hennep en linnen is zeker een robuuste broek te maken, zegt Ger Brinks, lector Smart Functional Materials bij Saxion Hogeschool. "Of hij lekker draagt, weet ik niet. Hennep levert een grof en niet zo flexibel garen." Brinks onderschrijft de nadelen van katoen, maar plaatst de kanttekening dat de ruimteproblematiek ook voor linnen en hennep kan gelden, als die gewassen op dezelfde schaal worden geteeld.

Lynsey Dubbeld, trendanalist en auteur van het boek 'Mode voor Morgen', vindt hennep en linnen ook relatief duurzaam. "Linnen heeft in vergelijking met katoen minder pesticiden en chemische stoffen nodig voor de productie van de vezels en stoffen. Hennep is zelfs nog beter. De plant groeit razendsnel en heeft geen kunstmest, bestrijdingsmiddelen of irrigatie nodig. Bovendien kan hennep erosie en verontreiniging van de grond tegengaan. Hennepteelt kost minder landbouwgrond dan katoenteelt, omdat de opbrengst per hectare hoger is. Hennepkleding is biologisch afbreekbaar, goed herbruikbaar en toch ijzersterk. Een broek van hennep schijnt tot wel vijf keer langer mee kunnen dan een katoenen versie."

De milieurisico's van hennepproductie hebben vooral te maken met de verwerking en het transport, vervolgt ze. "Om de vezels uit te plant te krijgen, wordt hennep geroot (een proces waarbij hennepstengels aan water worden blootgesteld zodat de vezels worden gescheiden van het hout, RvW). Meestal is dat een chemisch proces, omdat handmatige verwerking veel duurder is. De meeste hennep wordt gekweekt in China en India, waardoor garens en stoffen veel transportkilometers maken."

Dat is bij de broeken van Freitag niet het geval. Niet alleen komen de grondstoffen enigszins uit de buurt van het hoofdkantoor in Zürich, de verdere productie van de kleding vindt bijna helemaal plaats in Europa. De garens worden gesponnen in Slovenië, Italië en Tunesië en de stof wordt geweven in Italië. De naaiateliers staan in Polen en Portugal. Freitag claimt dat zijn broeken ongeveer 5000 kilometer reizen voor ze in de winkel liggen, 1/20 van de circa 100.000 kilometer die een 'gewone' broek aflegt.

Anton Luiken, projectmanager bij Texperium, voegt daaraan toe: "De milieu-impact van transport moet je van geval tot geval bekijken. Het transport per containerschip kost vanwege de enorme capaciteit relatief heel weinig energie. Productie in Europa betekent niet automatisch dat er minder energie voor het transport nodig is."

Op zich zijn de experts positief over het duurzame gehalte van de Freitag-broeken. Het enige waarover ze struikelen, is de composthoop. Luiken: "De broek zal daar uiteindelijk wel vergaan, maar het is veel beter om hem in te leveren bij een kringloopwinkel of textielbak." Brinks: "Als je textiel in de grond stopt, zit het er over een paar jaar nog in. Het materiaal van de broek is composteerbaar, maar moet daarvoor wel aan bepaalde normen voldoen."

Freitag redeneert anders. "We hebben geen proces gevonden waarbij we stof voor 100 procent konden hergebruiken in een nieuw kledingstuk," zegt de woordvoerster. "Ons doel was om een volledig gesloten kringloop te hebben, dus we zijn teruggegaan naar de vezel. We hebben de afbreekbaarheid van de broeken getest op het dak van onze fabriek. In een paar maanden waren ze volledig weggerot."

Brinks stelt dat volledige recycling inmiddels wel degelijk kan. "Op de Dutch Design Week in Eindhoven worden deze week een garen, een stof en een kledingstuk gepresenteerd van 100 procent gerecyclede katoen, SaXcell. Ook bij Texperium is aangetoond dat recycling wel degelijk kan."

Dubbeld wijst tenslotte op nog een ander punt: "Recycling vergt ook energie en grondstoffen. Als consumenten negen maanden langer doen met een kledingstuk, kan zowel de impact op water als de CO2-uitstoot met 20 tot 30 procent worden verminderd."

Freitag-broeken zijn er voor mannen en vrouwen in verschillende kleuren. Ze kosten 190 euro. www.freitag.ch

Kritische blik op producten en diensten

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden