Een scherm kent geen seizoenen

De automobilist rijdt in Nederland vooral tussen twee muren. Alle geluidwerende schermen bij elkaar hadden in 1977 nog een lengte van zo'n 10 km. Nu is dat al 452 km. Zonde, vindt architecte Francine Houben, voor wie de auto een kamertje met uitzicht is.

De architecte Francine Houben, directeur van het Delftse architectenbureau Mecanoo, zit eindeloos veel op de weg. Vandaag heeft ze een bespreking met de welstandscommissie te Utrecht, wat ze mooi kan combineren met een bezoek aan het organisatie-adviesbureau AEF aan de Maliebaan, dat onder haar toezicht wordt verbouwd. Vanuit haar Renault Espace, die hoger dan de gemiddelde auto op de weg ligt, kan ze extra goed zien hoe stad en landschap elkaar afwisselen, hoe dorpen uitdijen en hoe een groeiend aantal bedrijven zich pal naast de weg vestigt.

Houben betreurt het dat er zo ongebreideld langs de rijkswegen wordt gebouwd, maar paradoxaal genoeg is ze ook blij nog te kunnen zien wát er langs de weg gebeurt. ,,Als we niet oppassen, gaat heel Nederland 'in de schermen''', waarschuwt Houben, ,,We zijn dol op betonnen muren of glazen wanden om het geluid te weren, maar staan er te weinig bij stil dat we hierdoor steeds minder van onze polders, kwelders en boerderijen kunnen genieten. Ik zie nog liever die bedrijven, dan dat ik kilometers zit opgesloten tussen twee van die muren.''

Houben pleit voor het 'recht op uitzicht'. Ze is een begenadigd spreekster op congressen, waar ze haar publiek met dia's voorhoudt dat we ,,in de huidige tijd'' de auto als een room with a view moeten beschouwen. Anders dan vroeger, is de auto voor veel Nederlanders een verblijfsruimte geworden, een plek waar cursussen worden gevolgd, operamuziek wordt beluisterd en waarin keihard wordt gewerkt. ,,Over wonen, werken en recreatie worden ettelijke vormgevings-discussies gevoerd, maar er is niemand die zich druk maakt over de esthetiek van het vervoer. Neem dat vieze geluidsscherm daar: dat is toch een grof schandaal?''

De Espace verlaat Utrecht via de Berekuil en passeert een glazen wand aan de oostkant van de stad. Wat eens een mooie glazen scherm moet zijn geweest, is nu een ondoorzichtige muur. ,,Daarachter ligt het Rietveldhuis'', weet Houben, ,,het scherm wordt echter zo slecht onderhouden dat niemand dat meer kan zien. Als ik daarachter zou wonen, zou ik zelf de ramen gaan lappen.'' Om beter te kunnen 'kijken', neemt ze even wat gas terug. Helaas, zelfs in dit langzamer tempo lukt het niet ook maar een schim van het Rietveldhuis te zien.

Snel verder richting knooppunt Rijnsweerd, waar Houben de A27 pakt, tot aan knooppunt Lunetten. Tot haar eigen verbazing, telt Houben binnen tien minuten méér, en vooral lelijker geluidsschermen dan er in haar geheugen zaten. ,,Het is nog treuriger dan ik dacht'', foetert ze, wijzend op een 'wilgenscherm', een 'gamma-schutting' en een betonnen muur. Deze laatste staat deels bovenop een brug, waar hij van wat extra sierlijke bogen is voorzien. ,,Op die brug doen we even wat leuks, hebben de ontwerpers vast gedacht'', sniert Houben, ,,Over elk ontwerp afzonderlijk wordt goed nagedacht, maar de onderlinge afstemming ontbreekt.''

Houben is al jaren een veelgevraagd architecte. Ze ontwierp kantoren, theaters, musea, pleinen, universiteitsgebouwen en wijken, waaronder de veelgeprezen bibliotheek van de Technische Universiteit Delft en het Trusttheater te Amsterdam. Sinds 1 februari, toen ze op een 'relatiedag' van minister Netelenbos van verkeer en waterstaat tegen het gebrek aan visie op 's lands snelwegen ageerde, krijgt ze ineens ook opdrachten haar visie op spoor- en snelwegen te geven.

De gemeente Utrecht en tien omliggende gemeenten vroegen Houben bijvoorbeeld te onderzoeken hoe de hoge snelheidslijn (HSL-oost) kan worden aangelegd en tegelijkertijd de A12 kan worden verbreed. Juist deze A12, vertelt Houben als ze richting Bunnik rijdt, bevestigt al haar angsten. ,,Volgens de plannen wordt het hele stuk tussen Utrecht en Maarsbergen van geluidsschermen voorzien. Onbegrijpelijk, want je passeert hier eerst de Kromme Rijn, dan de Hollandse waterlinie, een landgoederenzone, de Utrechts heuvelrug en dan nog eens een landgoederenzone. Zóveel afwisseling op zo'n kort traject is uniek: ik vind het zonde als je daar vanaf de weg niets meer van zou kunnen zien.''

Op het bureau van ir. C. Padmos, programmaleider geluid en infrastructuur bij Rijkswaterstaat, ligt een kaart waarop alle zogeheten geluidswerende voorzieningen op de Nederlandse snelwegen zijn aangegeven. In 1985 was 97 kilometer snelweg van een scherm of een wal voorzien, in 1998 is dit opgelopen tot 452 kilometer. ,,Voor een wal is veel meer ruimte nodig dan voor een scherm'', licht Padmos toe, ,,In en rond de steden zie je daarom weinig wallen, omdat daar minstens zes tot tien meter extra voor nodig is.''

Padmos erkent dat automobilisten zich steeds vaker tussen twee muren voortspoeden. Maar het schrikbeeld van Houben, relativeert hij, beperkt zich vooralsnog tot de grote steden. Rond Amsterdam spreekt ook Padmos van een 'keurslijf'. ,,Omdat de bebouwing tot buiten de ring is opgerukt, moet het geluid aan beiden zijden van de weg worden geweerd. Voor het noorden van Rotterdam geldt dit ook.''

Padmos, al jarenlang dé geluids-adviseur van Rijkswaterstaat, noemt de wettelijk vastgelegde normen als verklaring voor het toenemend aantal wallen en schermen. Zo simpel is het: sinds 1981 is de wet op de geluidshinder van kracht, waarin de maximale geluidsbelasting op 50 decibel is vastgelegd. Voor een tweebaansweg geldt dit binnen een strook van 250 meter breed langs de weg, bij een drie- tot vierbaansweg binnen vierhonderd meter en bij een weg met vijf of meer banen binnen zeshonderd meter. ,,Als er in zo'n strook maar enkele huizen staan, is ontheffing mogelijk'', licht Padmos toe, ,,dan is het natuurlijk goedkoper om die paar huizen te isoleren.''

Padmos snapt de - aanzwellende - kritiek op al die 'muren', maar een uitweg ziet hij niet. Sterker nog, de aanleg van zulke voorzieningen is gewoon de logische consequentie van de oprukkende bebouwing langs de wegen én van het autoverkeer zelf. Wél hoopt hij dat niet nog meer mensen vóór zevenen weggaan om de file te ontwijken. ,,Bij het geluidsniveau dat op de autosnelwegen tussen elf uur 's avonds en zeven uur 's ochtends gemeten wordt, moet je namelijk nog een straffactor van 10 decibel optellen. In de praktijk betekent dit dat je het aanwezige verkeer met tien vermenigvuldigt: dat is een heel zware norm.''

In Duitsland, weet Padmos, loopt de nacht van tien tot zes, zodat het vroege ochtendverkeer minder vaak aanleiding is tot plaatsing van een scherm of wal. ,,Maar de gemiddelde Duitser begint ook vroeger dan wij. Als je ervan uitgaat dat mensen fatsoenlijk moeten kunnen slapen, vind ik de huidige normen niet gek.''

Padmos baseert zijn mening op klachten die hij tijdens voorlichtingsavonden regelmatig van omwonenden hoort. De hinder die zware trucks en snelle auto's veroorzaken, is volgens Padmos groot. Juist deze klachten worden volgens Houben maar al te vaak overdreven. Ze woonde zelf jarenlang vlakbij het station te Delft, waar ze samen met buurtbewoners tegen de komst van een scherm protesteerde. ,,Er wordt te makkelijk naar die wet gegrepen. Het aantal decibels is te hoog, dus komt er een scherm, is nu vaak de redenering. Alternatieven worden vaak niet onderzocht: is die bebouwing daar wel nodig? Zo ja, waarom dan niet een scherm dat 'verborgen' is in het groen?''

Vooral Duitsland, weet Padmos, is goed in de aanleg van 'getruucte' wallen of schermen. Struiken of bomen verbloemen daar de wal, zodat de passant denkt dat hij in een mooi bos of natuurgebied is verzeild. Maar wederom: dit kan alleen bij voldoende ruimte, en daarover kan Duitsland nou eenmaal makkelijker beschikken dan wij.

,,Dat is nou net de denkfout'', weerlegt Houben, ,,omdat het ontbreekt aan visie, eist tot op heden niemand die extra benodigde ruimte op. We hebben welstandscommissies die over het aanzicht van stads- en dorpsgezichten waken, maar er is niemand die zich over het aanzien van complete snelweg-tracé's bekommert. Naast normen voor de geluidsbelasting, zouden we ook visuele normen moeten ontwikkelen. Wanneer is een uitzicht zo mooi of belangrijk dat het niet door een scherm mag worden verstoord?''

Rijkswaterstaat treft weinig blaam, haast Houben zich te zeggen, die moet het vaak ook maar doen met de schaarse ruimte die hij krijgt toebedeeld. Bovendien heeft Rijkswaterstaat met tal van provincies en gemeenten te maken: alleen al tussen Den Haag en de Duitse grens telt Houben dertig gemeenten die hun invloed op de aanleg van wegen en schermen doen gelden. ,,De diversiteit is groot'', beaamt Padmos, ,,elke architect ontwerpt weer iets nieuws. De discussie over mooi of lelijk vind ik moeilijk, omdat het zo subjectief is. Ik vind bijvoorbeeld die nieuwe kap bij Dordrecht prachtig, maar ik weet dat er ook mensen zijn die 'em afschuwelijk vinden.''

In de toekomst hoopt Padmos op ,,meer samenhang'', zoals hij nu al op de snelweg tussen Eindhoven en Den Bosch aantreft. ,,De schermen langs dit traject zien er steeds iets anders uit, maar het basisprincipe in materiaal en vorm is hetzelfde. Voor automobilisten kan dit de associatie oproepen 'ik zie dit, dus ik ben hier'. Het scherm is dan een oriëntatiepunt langs de weg: 'nu ben ik nog zoveel kilometer van huis'.''

Of Padmos' wens in vervulling gaat, is nog maar de vraag. De vijf regionale directies van Rijkswaterstaat beslissen namelijk elk over hun eigen regio, in overleg met gemeenten en bewoners. Francine Houben hoopt zelfs dat zijn droom géén werkelijkheid wordt. ,,Dan kies je voor een technocratische oplossing, waarbij je de schermen zelf al niet meer ter discussie stelt. Ik wil nou juist de steden, uiterwaarden, weilanden en huizen kunnen zien. En de afwisseling der seizoenen: een scherm is altijd maar hetzelfde, zomer en winter door.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden