Een rust waarachter het schuurt

Bernlefs verzamelde poëzie: van constante kwaliteit

Bernlef is vijfenzeventig geworden, en daarbij is hij vijftig jaar schrijver. Goud. En reden voor een vuistdikke bloemlezing uit eigen werk, 'Voorgoed'. Het is niet voor het eerst dat Bernlef (pseudoniem van H.J. Marsman)verzamelt en bloemleest uit eigen werk. Maar de titel van deze - voorlopige - kroon op zijn dichterschap lijkt te suggereren dat wat hier is verzameld voor altijd blijft. Latere bundels als 'Dwaalwegen' en 'Kanttekeningen' werden vrijwel integraal overgenomen, voor vroeger werk was hij minder barmhartig. Zo'n 500 gedichten selecteerde hij in totaal uit 24 (!) bundels. Indrukwekkend veel, 'genoeg voor de rechtvaardiging van een bestaan', zeker als de kwaliteit zo constant en hoog is (hij kreeg er in 1994 de P.C. Hooftprijs voor), en er daartussen ook enkele absolute uitschieters staan.

Bernlefs gedichten zijn als terloopse ontmoetingen met Zweden, duinen, zee, jazz, piano, kunst, verwante schrijvers. Vaak ook een poging om het vluchtige en veranderlijke van muziek of van een landschap woorden te geven. Net als bentgenoot K. Schippers (met wie hij in de jaren zestig werkte voor tijdschrift Barbarber) heeft Bernlef oog voor wat nauwelijks grijpbaar is. Voor kleine absurditeiten die iets onthullen van het geheim van het bestaan - zonder dat prijs te geven. Zijn taal is ongedwongen en beeldrijk, met onweer als een "Dronken verhuizer/ die de rommelzolder// volstapelt". Maar, zoals hij een sprinter in een van zijn gedichten laat zeggen: "Achter/ deze schijnbaar moeiteloze stijl/ verbergt zich een explosie".

Nu is explosie niet per se een woord om Bernlefs poëzie mee te typeren, eerder heerst er een kalme rust waarachter het nu en dan akelig schuurt. Waar hij onverdraaglijk verdriet en pijn tot taal maakt, daar is hij op z'n best. Zoals hier, waar het onwetende verdriet van een kind "dat 0-0-0 draaide/ in de hoop zo haar dode opa", geplaatst wordt naast de pijn die een volwassene ervaart bij een groot verlies: "Iemand daarbinnen drijft het krijtje/ piepend en schurend over het bord." Het is de lichtheid van de taal, die het besef van wat niet meer terugkomt allesoverheersend maakt.

Aangenaam aan een bloemlezing is het herontdekken en je opnieuw verbazen. Bijvoorbeeld over drie Zweedse avonturiers, die eind negentiende eeuw in een ballon richting Noordpool voeren - Bernlef heeft een neus voor zulke verhalen. Dertig jaar later werden hun lijken teruggevonden, samen met een serie fotonegatieven die een reconstructie van de gedoemde expeditie mogelijk maakte. "Zo poseren Fraenkel en Andrée ook/ alsof alles voorbij is, geschiedenis al// Alleen Nils Strindberg niet, hij niet/ hij is 25 jaar, verliefd". Bernlef is in vijftig jaar altijd trouw aan zichzelf gebleven. Geen breuken met wat voorafging, niet meedoen met modieuze trends. Zijn oeuvre is een persoonlijk universum dat tijdloos is geworden.

Bernlef : Voorgoed. Gedichten 1960-2010. Querido, Amsterdam; 536 blz. € 39,95

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden