Een ruiming volgens het boekje

De overheid heeft lessen getrokken uit de aanpak van eerdere dierziektes. Met veehouders wordt nu uiterst behoedzaam omgegaan.

Net nadat de melkwagen van de coöperatie is vertrokken, loopt de ruimploeg het erf van geitenhouder Henk van Loon op en lost een chauffeur twee grote containers bij de stallen. Haast heeft de ruimploeg van de Voedsel- en warenautoriteit (VWA) niet. Als de medewerkers maandagochtend om tien uur de geitenhouderij in het Brabantse Vinkel binnengaan, mogen ze alle tijd nemen die nodig is om de 175 drachtige geiten te doden. De ruimingen op met Q-koorts besmette bedrijven moeten in het belang van de dieren en de betrokken veehouders ’zo fatsoenlijk mogelijk’ verlopen.

Dat betekent inspraak van de veehouder over hoe de ruiming verloopt, een verdoving om de geiten ’in slaap te brengen’ en ze na de dodelijke injectie respectvol wegdragen en in de bak leggen. Voor veehouders, dierenartsen en medewerkers die door de ruimingen psychische klachten hebben, is er op verzoek psychosociale opvang. De overheid heeft geleerd van vorige crises met dierziekten. Het naargeestige beeld enkele jaren geleden van dode koeien en varkens die met grijpers in een container worden gelost, zal bij het ruimen van zo’n 40.000 geiten en schapen niet te zien zijn. De aanpak is dier- en boervriendelijker.

Gisterochtend zijn de eerste ruimingen begonnen op bedrijven in het Brabantse Vinkel, Tilburg en het Gelderse Horssen. Deze week zijn ruimingen voorzien bij negen bedrijven met samen 2200 dieren. In totaal worden 40.000 dieren bij 61 bedrijven geruimd. De operatie loopt tot ver in januari door.

Behalve beeldvorming spelen ook praktische zaken mee, zegt VWA-dierenarts Thijs Companjen aan de keukentafel van een collega-geitenhouder in Vinkel. „Een geit is nu eenmaal een kleiner dier waarmee je makkelijker fatsoenlijk om kunt gaan dan met een koe of een varken.” De dierenarts heeft het over het ’sederen’ en ’euthanaseren’ van geiten. Het geven van de eerste dodelijke injecties heeft hij als ’emotioneel’ ervaren. „Het moet gebeuren; ik zou het ook liever niet doen.”

Verschillende dierenartsen weigeren om aan de ruimingen mee te werken omdat ook gezonde drachtige dieren worden gedood. Ook bij de Voedsel- en warenautoriteit werken enkele dierenartsen niet mee. „Uiteraard respecteren we dat”, zegt Companjen.

VWA-medewerkers leggen de gedode dieren in de bak van een verreiker die ermee naar een container rijdt. In vloeistofdichte containers (’categorie 1 – uitsluitend geschikt voor verwijdering’) gaan de kadavers naar destructiebedrijf Rendac in het Brabantse Son. De kadavers komen niet terug in de voedselketen om verspreiding van de Q-koorts-bacterie te voorkomen. Het destructiebedrijf vernietigt de kadavers onder hoge druk en temperatuur; andere bedrijven verbranden de resten.

De veehouders krijgen per gedode geit een vergoeding die afhangt van leeftijd, fokwaarde en melkproductie. Belangenorganisatie LTO Nederland vindt de vergoeding ’acceptabel’, maar bestuurslid Toon van Hoof had het liever niet zo ver zien komen. „Dit is het slechtste scenario. Want behalve de ruiming geldt er voor de overgebleven geiten een levenslang fokverbod. We accepteren dat het belang van de volksgezondheid zwaarder weegt, maar deze sector moet nu een heel zwaar offer brengen.”

In de keuken van collega-veehouder Jan van Lokven hangt een foto waarop hij in de stal poseert met zijn geiten. Het is nog niet bekend wanneer de ruimploeg langs komt. Stilte voor de storm, zegt zijn vrouw Liesbeth. „Het is best raar en moeilijk. Het wordt geen leuke Kerst dit jaar.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden