JELLE'S WEEKDIER

Een rockband met zijn eigen mier

null Beeld RV
Beeld RV

Wie meent dat de landbouw tienduizend jaar geleden in het Midden-Oosten is uitgevonden, vergist zich deerlijk.

Jelle Reumer

De mens is inderdaad pas sinds die tijd bezig met het telen van granen, peulvruchten, aardappelen, koolsoorten en paddestoelen, maar de gewoonte om op industriële schaal producten te kweken om die vervolgens te consumeren bestaat al wat langer. De mieren waren ons namelijk voor. Zij kregen het champignonkweken al onder de knie toen het stof van de meteorietinslag die de dinosauriërs deed verdwijnen nog maar amper was opgetrokken.

De grote groep van schimmelkwekende mieren, de zogenoemde Attini, ontstond vermoedelijk doordat schimmels en mieren wederzijds voordeel ontleenden aan hun samenwerking. De schimmels konden in de relatief vochtige ondergrondse kweekkamers overleven in een te droog of te heet klimaat, de mieren konden de schimmels benutten als voedsel. Deze symbiose heeft ertoe geleid dat er tegenwoordig tientallen geslachten en meer dan duizend soorten schimmelkwekende mieren bestaan. De bekendste zijn de bladsnijdermieren, die stukjes plantenblad losknippen, naar het nest meenemen, fijnkauwen en in speciale kweekruimtes ophangen en met schimmel laten doorgroeien. Het principe is identiek aan onze champignonkwekerijen in grotten of oude bunkers.

Binnen de groep van de Attini vormen de zijdemieren een apart geslacht, Sericomyrmex geheten, dat voorkomt in tropisch Midden- en Zuid-Amerika. Sericomyrmex omvatte tot voor kort meer dan twintig soorten die allemaal enorm op elkaar lijken, waardoor veel taxonomische verwarring was ontstaan. Beschrijvingen waren verouderd of gewoon vaag, en het meest recente overzicht van de zijdemieren dateert van 1916. Twee Amerikaanse biologen, Ana Ješovnik en Ted Schultz, publiceerden deze week een revisie van het geslacht.

De beide mierkundigen besteedden 109 pagina's in het tijdschrift ZooKeys aan hun revisie, die het aantal soorten terugbracht tot elf, waaronder drie nieuwe. De andere in de loop van meer dan twee eeuwen ooit beschreven soorten bleken bij gebrek aan verschil allemaal synoniemen te zijn van één van deze elf. De drie nieuwe soorten mochten een nieuwe naam krijgen; dat is altijd een leuke bezigheid voor taxonomen. Ješovnik & Schultz kwamen op de proppen met de soortnamen Sericomyrmex maravalhas, saramama en radioheadi.

Verantwoording

Bij de beschrijving van een nieuwe diersoort wordt altijd een verantwoording afgelegd waarom de naam wordt gegeven. De soort maravalhas is genoemd naar een collega mierkundige (ene Jonas Maravalhas) en saramama naar de Inca-godin van de landbouw, vanwege de landbouwpraktijken die de miertjes erop nahouden. Tot zover niks bijzonders. De verantwoording van Sericomyrmex radioheadi luidt (vertaald): 'De soort is genoemd naar de Engelse rockband Radiohead, als een eerbetoon aan hun gedurige inspanning op het gebied van het milieuactivisme, vooral bij het bevorderen van inzicht in de klimaatverandering; en ter ere van hun muziek die een perfecte afleiding vormt terwijl men vele uren achter de microscoop aan de systematiek van mieren werkt'. Er is ooit een kwal naar Frank Zappa genoemd, een vogelspin naar John Lennon, een trilobiet naar Paul McCartney, een slak naar Mick Jagger en een wesp naar Pink Floyd. De radioheadmier bewijst opnieuw dat popmuziek en droge wetenschap elkaar niet uitsluiten.

Jelle Reumer is paleontoloog

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden