Een Rijksbureau ter Verstrekking van Dodelijke Middelen

Twee getuige-deskundigen traden gisteren aan voor het gerechtshof in Amsterdam in de geruchtmakende zaak tegen de huisarts die oud-senator E. Brongersma hielp sterven omdat deze 'levensmoe' was. De deskundigen, een arts en een jurist kwamen tot dezelfde conclusies. Bijna.

Hij is niet a priori tegen stervenshulp bij mensen die 'levensmoe' zijn. Alleen: het mag niet binnen de huidige wetgeving. Aldus prof. mr. J. Legemaate, hoogleraar gezondheidsrecht aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam.

Johan Legemaate (42): ,,Ik verwachtte in mei een uitspraak in de zaak-Brongersma. Maar tot mijn verbazing zette het hof een tussenstap; het besloot twee getuige-deskundigen te horen. Die verbazing is inmiddels wel wat minder. Als je je nog eens goed verdiept in de vragen waar deze zaak om draait, realiseer je je beter hoe cruciaal die zijn. Het gaat hier om een zaak van groot maatschappelijk belang.'

,,Ik heb mij ook verbaasd over de eerste uitspraak van de rechtbank Haarlem, die de huisarts van Brongersma vrijuit liet gaan. Euthanasie was altijd een samenspel tussen arts en patiënt, waarbij de arts zijn eigen verantwoordelijkheid heeft en dus ook nee kan zeggen op een verzoek. De rechtbank Haarlem echter schoof de verantwoordelijkheid meer in de richting van de patiënt. Diens subjectieve lijden kreeg zoveel aandacht, dat de meer objectieve beoordeling van het lijden wat ondergesneeuwd raakte. Daarmee raakt de arts een belangrijk anker kwijt, en wordt zijn ruimte om nee te zeggen beperkter.'

,,Het hof heeft Spreeuwenberg en mij situaties voorgelegd waarbij géén sprake was van ondraaglijk en uitzichtloos lijden vanwege een lichamelijke of psychische ziekte. Naar mijn mening vallen die situaties niet onder de huidige regels voor euthanasie en hulp bij zelfdoding. Als het hof beslist dat ze daar wel onder vallen, is dat een nieuwe kijk op de bestaande criteria. Hoe dan ook zal de uitspraak een belangrijk baken betekenen in de euthanasiediscussie.'

,,In algemene zin past het lijden van een patiënt onder een zinloos geworden bestaan níet onder de huidige euthanasiewet. Die gaat uit van een relatie tussen lijden en ziekte. Als je die relatie loslaat, als je vindt dat in dit soort situaties toch stervenshulp gegeven mag worden, zul je daar een nieuw juridisch kader voor moeten scheppen.'

,,Ik ben daar niet a priori tegen - ik kan me ook voorstellen dat het die kant op gaat. Maar dan moet daar eerst een uitvoerig debat over gevoerd worden door artsen, door de hele samenleving. De aanleiding is er nu, namelijk de zaak Brongersma, en daar zijn al vele meningen over geuit. Maar we weten nog niet wat de meerderheid van de bevolking of van de dokters ervan vindt.'

Ik durf niet de uitkomst van zo'n debat te voorspellen, maar het zou me niet verbazen als artsen er liever niet aan beginnen. Want het feit dat een hoogbejaarde het leven als zinloos ervaart: is dat nou een medisch of maatschappelijk probleem? Het is zeker óók een groot maatschappelijk probleem. Waarschijnlijk zullen veel artsen daar liever buiten gehouden worden. Zij zien zichzelf als medische, niet als maatschappelijke probleemoplossers.'

,,Zo staat het ook in de wet. De wet BIG (beroepen individuele gezondheidszorg, red.) beschrijft tot in detail het domein van de dokter. Het beëindigen van een leven staat daar niet in, en dat is maar goed ook. Daar hebben we een aparte euthanasiewet voor. Uit die twee wetten volgt dat ls een dokter zich al in de uitzonderingssituatie van euthanasie begeeft, er een verband moet blijven met zijn oorspronkelijke taak. En die is: het wegnemen van lijden dat het gevolg is van ziekte. Ik denk dat je niet alle problemen moet medicaliseren en op het bordje van de dokter moet leggen. Ik ben mijn getuigenverklaring begonnen door te schetsen waar de dokter wél voor is. In die redenering is hij er dus ook voor sommige dingen níet. Zodra je buiten de context van ziekte of stoornis stapt, krijg je volgens mijn redenering een probleem. Het gerechtshof moet nu uitspreken of de casus Brongersma wel of niet binnen die context valt. Dat is de hamvraag.'

,,Ik heb weleens zeer oude mensen in mijn omgeving meegemaakt van wie ik me kon voorstellen dat ze het leven uitzichtloos geworden vonden. Ik vind dat we als samenleving goed moeten luisteren naar dergelijke verhalen. De vraag is of wij het dan ook reeël vinden dat zij om euthanasie vragen. Persoonlijk kan ik me dat best voorstellen. Of je ook op zo'n verzoek in moet gaan, zou voor mij onder meer afhangen van de vraag of je dat kunt regelen op een manier die misbruik en willekeur tegengaat. Het moet wel transparant en toetsbaar zijn, zoals dat ook geldt voor de huidige euthanasiepraktijk.'

,,Als we als samenleving besluiten dat mensen die een pil van Drion willen, die moeten kunnen krijgen, zou ik daar niet tegen zijn. Ik zou er niet de barricaden voor op gaan, en ik zou het niet onder de huidige regels willen toestaan. Maar onder nieuwe, goede voorwaarden voor een enkeling wel. Een debat hierover voeren is in ieder geval prima. Laten we daar maar mee beginnen.'

Artsen hebben niets te zoeken op het gebied van stervenshulp aan mensen die 'slechts' oud en der dagen zat zijn. Als we hen al van dienst willen zijn, moet er maar een Rijksbureau ter Verstrekking van Dodelijke Middelen komen. Dat vindt prof. dr. C. Spreeuwenberg, hoogleraar geneeskundige zorg voor chronisch zieken in Maastricht.

Cor Spreeuwenberg (57): ,,Ik zat dit voorjaar op de fiets in de buurt van Milaan, op weg naar Rome, toen mijn GSM ging. De griffie van het gerechtshof in Amsterdam wilde me snel laten weten dat ik was aangewezen als getuige-deskundige in de zaak-Brongersma, want in Nederland had het al in de krant gestaan. Toen ik terugkwam van vakantie lagen er drie vragen voor me klaar. Die stonden een beetje los van deze specifieke zaak. Dat is goed, vind ik. Het gaat niet om deze patiënt en deze huisarts, maar om de achterliggende principiële vragen.'

,,Ten tijde van de zaak-Chabot heb ik daar al stelling in genomen, als hoofdredacteur van het artsenblad Medisch Contact. Volgens Chabot was de patiënte die hij hielp te sterven, psychisch niet ziek maar wel in een geestelijk deplorabele toestand. Als er geen sprake is van ziekte - het domein van de arts - is hulp bij zelfdoding voor mij over de grens. Alleen over het gebied van ziekten kan een arts uitspraken doen die gebaseerd zijn op zijn kennis en ervaring. Als er noch een lichamelijke, noch een psychische aandoening in het geding is, op grond van welke deskundigheid zou een arts dan kunnen beoordelen of het lijden van een patiënt uitzichtloos is?'

,,Mensen kunnen om allerlei redenen ernstig lijden. Door de gevolgen van een scheiding, of vanwege geldgebrek. Er zijn mensen die een einde aan hun leven maken omdat ze financiële problemen hebben. Dat bedoel ik niet badinerend, maar ik wil de zaak scherp stellen. Als arts - ik ben zelf jarenlang huisarts geweest - moet ik oog hebben voor alle verschillende vormen van lijden. Maar dat betekent niet dat ik er meer van afweet dan een willekeurige leek, laat staan dat ik er iets aan kan doen.

Dat geldt wat mij betreft ook voor existentiële nood. Er zijn hoogbejaarden die hevig lijden onder de zinloosheid van een leeg, eenzaam bestaan; voor wie elke dag een kwelling is. Maar als dit lijden niet valt toe te schrijven aan een depressie of een andere psychische aandoening, heb je als arts geen legitimatie voor stervenshulp. Schoenmaker, blijf bij je leest. Daarom moeten artsen zich ook niet inlaten met de pil van Drion (een - nog fictieve - zelfdodingspil voor hoogbejaarde mensen die niet meer willen leven, red.).'

,,Als de meerderheid van de Nederlanders toch zo'n pil wil, regel er dan maar iets anders voor. Een Rijksbureau ter Verstrekking van Dodelijke Middelen, dat is waar je dan op uitkomt, met speciale lijdensdeskundigen. Nee, ik denk niet dat de overheid dat aandurft. Ik zou het zelf trouwens ook een jammerlijke ontwikkeling vinden. Ik besef dat het leven voor sommige hoogbejaarden ellendig is, en ik begrijp hun vraag om stervenshulp.'

,,Toch vind ik dat we moeten accepteren dat we voor hun lijden geen oplossing hebben. We kúnnen nu eenmaal niet alles oplossen in het leven. Hoofdregel is voor mij: Gij zult niet doden. Euthanasie is dan ook alleen gelegitimeerd in noodsituaties, als artsen echt met de rug tegen de muur staan en levensbeëindiging de minste van twee kwaden is. Dan moet je als arts ook je verantwoordelijkheid durven nemen.'

,,Euthanasie wordt in Nederland vaak gerechtvaardigd door de autonomie van de patiënt voorop te stellen. In die redenering mag de beslissing over leven en dood alleen door de eigenaar van het leven worden genomen. Door de patiënt zelf dus. Ik ben in dat opzicht niet zo liberaal. Mijn kompas is vooral barmhartigheid. Vanuit die achtergrond heb ik mij in de jaren zeventig en tachtig sterk gemaakt voor euthanasie.'

,,Het is heel gek. Twintig jaar geleden werd ik beschouwd als progressief. Ik was betrokken bij de totstandkoming van een rapport van de artsenorganisatie KNMG in 1984. Dat moest een advies tégen euthanasie worden. Mede door mijn toedoen werd het een voorzichtig-positief rapport. Mijn eigen opvattingen zijn sindsdien niet wezenlijk veranderd. Maar tegenwoordig heb ik wel eens het gevoel rechts ingehaald te zijn door de autonomie-denkers.'

,,Eén van de vragen die het hof mij stelde, was of er onder artsen consensus bestaat over levensbeëindiging bij mensen die geen ernstige lichamelijke of psychische kwalen hebben. Het antwoord daarop is nee, dat kan het hof zelf ook bedenken. Het is een utopie te denken dat artsen het hierover ooit wel eens zouden worden. Het past niet in onze samenleving dat mensen hun mond houden en zich schikken naar het standpunt van de meerderheid. Nee, het is nu aan de rechter om de grenzen te bepalen.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden