Een reus is omgevallen

Een groot schrijver, maar een klein politicus. Zo zal Günter Grass, die gisteren op 87-jarige leeftijd overleed, herinnerd worden. Een leven in de schaduw van de oorlog.

Het was een langzaam ontwaken, zeventig jaar geleden. Günter Grass was nog geen achttien jaar toen hij na de oorlog als jong soldaat in Amerikaanse krijgsgevangenschap raakte. Daar werd hij geconfronteerd met foto's van de stapels lijken en de verbrandingsovens in het kamp Bergen-Belsen. Met zijn medegevangenen werd hij het snel eens. Dat was propaganda van de overwinnaars. Dat kunnen Duitsers niet op hun geweten hebben. Dat doen Duitsers niet.

Het duurde maanden voordat de verschrikkelijke waarheid tot hem doordrong. En jaren voordat hij erover begon na te denken waarom hij het nooit heeft willen zien. Toen, in die oorlogsjaren. En in de eerste jaren na de oorlog, toen het leven opnieuw ontdekt moest worden. Hij was jong, hij wilde niet met vroeger bezig zijn, hij wilde het leven proeven, de toekomst, de vrijheid, de vrouwen, Parijs.

Maar het verleden achterhaalde hem, sprong op zijn nek, liet zich niet meer afschudden. Het werd zijn levensproject. Het verleden kroop in zijn pen. Eenmaal schrijver schreef hij geen boek zonder dat de misdadige Duitse geschiedenis van het Derde Rijk meeschreef. In 1966, toen hij weer eens een grote internationale literatuurprijs in ontvangst nam, zei hij het zo: "Wie in de jaren twintig is geboren, wie het einde van de oorlog als bij toeval heeft overleefd, wie niet uit het hoofd valt te praten dat hij, ook al was hij jong, mede schuld draagt aan de allergrootste misdaad, wie heeft ervaren dat geen enkel amusant heden het verleden kan weglachen, die is niet meer vrij in de keuze van zijn stof, bij zo iemand ligt de verhaallijn vast, want er kijken te veel doden mee over zijn schouder."

Grass werd in 1927 geboren in Danzig, het tegenwoordige Gdansk, als kind van een gruttersfamilie. Danzig is de stad waar de Tweede Wereldoorlog begon. In de stad woonden Duitsers, maar ook Polen. Grass maakte mee hoe de Polen onderdrukt en, na de opmars der Duitsers, regelrecht vervolgd werden. Maar, zoals hij later ruiterlijk bekende, een zeker enthousiasme voor Hitlers onderneming was hem niet vreemd.

Als hij vijftien is, meldt hij zich bij de Wehrmacht. Om de benauwenissen van het ouderlijke huis te ontvluchten, heeft hij steeds beweerd. Totdat hij acht jaar geleden in een interview terloops opmerkte dat hij ook enkele maanden bij de Waffen-SS had gediend, de fanatieke stoottroepen van Hitler. Het beeld van de onschuldige jongeling die het avontuur zocht, viel aan duigen. Het morele gezag dat hij als schrijver had opgebouwd, loste in lucht op.

Voordat hij schrijver werd, volgde hij een opleiding aan de kunstacademie van Düsseldorf. Met grafisch werk en beeldhouwerij, dat uitblonk door vitaliteit en humor, had hij bescheiden succes. Ook publiceerde hij enkele dichtbundels. Maar het grote succes kwam in 1957, toen 'Die Blechtrommel' ('De blikken trom') verscheen, het verhaal over het jongetje Oskar Matzerath uit Danzig, dat maar niet wilde groeien zolang de Duitsers hun misdadige geschiedenis bleven verdringen.

Vele geliefden

Met 'Die Blechtrommel', nog grotendeels in Parijs geschreven, verwierf Grass terstond wereldfaam. Hij vestigde zich in Berlijn, waar hij het middelpunt werd van een naoorlogse generatie schrijvers die voorgoed met het verleden wilde breken. Grass verzamelde niet alleen schrijvers en kunstenaars om zich heen, maar ook vele geliefden die hij naar hartelust kinderen schonk.

Grass werd een vooraanstaand lid van de Gruppe 47, die tientallen jaren de toon aangaf in literair Duitsland. Mede door het optreden van Grass kregen de discussies in de groep allengs een steeds politieker karakter. Maar niet alleen de literatoren interesseerden zich steeds meer voor de politiek, ook de politici steeds meer voor de literatuur. In de jaren zestig meldde Willy Brandt zich bij de groep met de vraag of zij hem van dienst konden zijn.

Grass schreef toen regelmatig redevoeringen voor Brandt en nam actief deel aan zijn verkiezingscampagnes. In zijn campagneteam zat overigens ook Gudrun Ensslin, de latere terroriste van de Rote Armee Fraktion, een beweging die Grass altijd sceptisch heeft bekeken en scherp veroordeeld. Grass is altijd dicht bij de SPD gebleven, al had hij ook veel kritiek op de partij, vooral bij vraagstukken over oorlog en vrede en over de Duitse hereniging.

Grass was geen groot politiek denker. Hij ageerde vooral vanuit zijn onderbuik. Hij voerde actie tegen kernwapens en voor de bestrijding van de honger in India, waar hij geregeld naartoe reisde. Van het getheoretiseer van de protestgeneratie moest hij niets hebben, dat vond hij burgerlijk. "Ik ben sociaal-democraat", schreef hij eens, omdat ik socialisme zonder democratie maar niks vind en asociale democratie geen democratie is."

Grass heeft binnenlands altijd veel kritiek te verduren gekregen op zijn vaak starre en soms ronduit onnavolgbare politieke standpunten. De zwaarste kritiek kwam na zijn late bekentenis dat hij bij de Waffen-SS was geweest. De op één na zwaarste kritiek was recenter, nadat hij in de Süddeutsche Zeitung een gedicht had gepubliceerd waarin hij Israël de grootste bedreiging voor de wereldvrede noemde. Nooit heeft Grass enig begrip voor zijn critici getoond, steeds kroop hij in de rol van het slachtoffer tegen wie een hetze werd gevoerd.

Kunstig proza

Was hij nationaal een hoe langer hoe meer omstreden morele instantie, internationaal was hij vooral een onomstreden gevierd schrijver. Elke keer als er weer een boek van hem uitkwam, stroomden de vertalers uit alle delen van de wereld toe om Grass' kunstige proza onder diens persoonlijke toezicht in hun eigen taal om te zetten. Over die bijeenkomsten van vertalers is veel geschreven, de deelnemers roemen Grass' vriendelijkheid en behulpzaamheid en de aangename vorm van ijdelheid die hij tentoonspreidde.

Met de Nobelprijs in 1999 bereikte Grass' internationale roem zijn hoogtepunt. De laatste jaren van zijn schrijversloopbaan wijdde hij voornamelijk aan een trilogie waarin hij op ingenieuze wijze enkele hoofdthema's uit zijn werk met terugblikken op zijn leven verbond. Het eerste deel, 'De rokken van de ui', gaat over herinneren en verdringen. Dat is het omstreden boek waarin hij de bekentenis over de Waffen-SS doet.

In het tweede deel, 'De box', blikt hij aan de hand van foto's terug op zijn rijpe jaren na het verschijnen van 'De blikken trom'. Het derde deel, dat zojuist in Nederlandse vertaling is verschenen, heet 'De woorden van Grimm' en is een gloedvolle liefdesverklaring aan de Duitse taal. Toen het boek vijf jaar geleden in het Duits verscheen, zei Grass al dat het zijn laatste boek zou zijn. Hij heeft zich aan zijn woord gehouden.

Boeken van Grass die je moet lezen

Kat en muis (1961)

De novelle (zo'n 150 pagina's in druk) is het tweede deel van de zogeheten Danzig-trilogie, waarin Günter Grass ervaringen uit zijn jeugd heeft verwerkt. De andere Danzig-romans zijn 'De blikken trom' en 'Hondenjaren'. Hoofdpersoon is de gymnasiast Joachim Mahlke, een jongen met een opvallende, op en neer springende adamsappel, die ooit door een kat voor een muis werd aangezien. Mahlke is de aanvoerder van een groepje vrienden die hun volwassenwording tegen de achtergrond van de oorlog beleven. Een sensibel verhaal over vriendschap en verraad, heldendom en lafheid, beschreven vanuit het perspectief van een klasgenoot van Mahlke.

In krabbengang (2002)

Deze kleine roman toont uitstekend hoe Grass in zijn werk het politieke heden en verleden met elkaar verweeft. Centraal staat de ondergang van de Gustloff, een door de nazi's gebouwd sanatoriumschip. In januari 1945 wordt het schip met Duitse vluchtelingen aan boord door de Russen tot zinken gebracht. Een van de overlevenden is de moeder van journalist Paul Pokriefke. Het verhaal speelt in het heden. Pokriefke moet toezien hoe zijn zoon zich hoe langer hoe meer identificeert met de NSDAP'er Wilhelm Gustloff, naar wie de boot genoemd is. Gustloff werd door een Joodse jongen doodgeschoten, Pokriefkes zoon schiet een Joodse vriend neer. Een verhaal over de bronnen van het neonazisme.

De woorden van Grimm (2010)

'Een liefdesverklaring' luidt de ondertitel van dit derde deel van Grass' autobiografische drieluik. Bedoeld is Grass' liefde voor de taal. Grass haalt herinneringen op aan zijn schrijversleven en laat zich daarbij leiden door de gebroeders Jacob en Wilhelm Grimm, de 19de-eeuwse sprookjesverzamelaars die daarnaast werkten aan een groot woordenboek der Duitse taal. Grass kijkt hen daarbij over de schouder en gaat met hen in debat. Associërend over de woorden die de Grimms verzamelen, rakelt Grass allerlei anekdotes op uit zijn politieke leven. Die herinneringen zijn niet van ijdelheid en betweterij gespeend, maar wat hij intussen met woorden doet, is grote kunst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden