Een proces als zoenoffer

Oud-dictator Rios Montt staat terecht voor moord op Maya's Guatemala

GUATEMALA-STAD - Met tientallen stonden ze gisteren zwijgend in de rij voor de ingang van het Guatemalteekse Hooggerechtshof; de mannen en vrouwen die als getuigen deelnemen aan het proces tegen oud-dictator José Efraín Rios Montt, bijna allemaal etnische Maya's in traditionele kleding. Drie decennia hebben ze gewacht tot ze eindelijk hun verhaal konden doen over de verschrikkingen van de burgeroorlog. Nu is het moment eindelijk daar.

Rios Montt (86) wordt beschuldigd van het organiseren van genocide tijdens zijn bewind in 1982 en 1983. Onder zijn leiding beleefde het Centraal-Amerikaanse land de gewelddadigste periode van de burgeroorlog (1960-1996). In de slechts zeventien maanden van Montts bewind zijn naar schatting 70.000 mensen ontvoerd, gemarteld en vermoord in een serie bloedige campagnes van het Guatemalteekse leger tegen linkse rebellen.

De directe aanklachten tegen Rios Montt behelzen de moord op bijna tweeduizend etnische Ixil-Maya's in de centraal gelegen provincie Quiché, in vijftien verschillende massaslachtingen. Volgens de aanklagers, die duizenden pagina's aan getuigenverklaringen en forensische rapporten als bewijs presenteren, is Rios Montt alleen al schuldig door die slachtingen niet te hebben voorkomen. Onder zijn bewind werden Maya's met linkse guerrillastrijders vereenzelvigd, en zouden hele dorpen zijn uitgemoord.

Buiten, voor de ingang van het Hooggerechtshof, verzamelden zich al vroeg in de ochtend tientallen belangstellenden, de meeste om de getuigen te steunen. "Natuurlijk was er genocide", zegt Isabel Ramírez, bijna verontwaardigd dat haar de vraag überhaupt wordt gesteld. "Mijn oom is ontvoerd en maandenlang gemarteld door de militairen. Rios Montt moet boeten voor de misdaden die hij de Guatemalteken heeft aangedaan."

Het proces is in veel opzichten een mijlpaal. Niet alleen is hij het eerste Latijns-Amerikaanse ex-staatshoofd dat in eigen land voor genocide wordt vervolgd, ook wordt zijn rechtszaak als het definitieve begin gezien van een proces van nationale verzoening. Guatemala volgt daarmee andere Latijns-Amerikaanse landen als Argentinië, Chili en Brazilië op de voet in hun pogingen af te rekenen met het gewelddadige dictatoriale verleden.

Net als in die landen duurde het ook in Guatemala lang voor Rios Montt werd aangeklaagd. Tot vorig jaar genoot hij onschendbaarheid als lid van het congres.

Ook hebben zijn advocaten op alle mogelijke manieren geprobeerd de rechtszaak te traineren. Zelfs gisteren, tijdens de eerste zitting, riep de verdediging nog meermaals op tot uitstel.

De rechters en het Openbaar Ministerie zijn echter onvermurwbaar: Rios Montt moet zich hoe dan ook verantwoorden. "Het is een bijzondere ontwikkeling in een land waar straffeloosheid voor in het verleden gepleegde gruweldaden lang de norm was", zegt Reed Brody, die namens mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch het proces volgt.

Hoewel de rechtszaak, die naar verwachting in ieder geval enkele maanden zal duren, tot een voorzichtige juichstemming heeft geleid onder de overlevenden en familieleden van de slachtoffers, is het geen uitgemaakte zaak of Rios Montt ook voor genocide zal worden veroordeeld. Als de facto president en legerleider was hij destijds ontegenzeggenlijk van veel gruweldaden op de hoogte, en uitspraken als 'wie voor ons is zullen we voeden, wie tegen ons is vermoorden' spreken boekdelen.

Een expliciete order tot het plegen van genocide is echter nooit gevonden, en zelf heeft Rios Montt altijd ontkend. Zijn advocaten stellen bovendien dat lagere officieren direct verantwoordelijk waren voor de gruweldaden, en dat de dictator er niet of nauwelijks van wist.

Daarbij staat hij er niet alleen voor; voor het Hooggerechtshof stonden gisteren ook tientallen aanhangers van de generaal die hem luidruchtig steunden. "Dit is een politiek proces, er was helemaal geen genocide", zegt de 63-jarige Pedro Pérez. Hij houdt een spandoek met anti-communistische leuzen op. "Het doet me verdriet dat hij op deze manier wordt behandeld. Rios Montt heeft juist voor de vrijheid gevochten."

De Guatemalteekse Burgeroorlog
De Guatemalteekse Burgeroorlog (1960-1996) was het langste en bloedigste Centraal-Amerikaanse conflict tijdens de Koude Oorlog. Wat begon als een opstand van linkse militairen, zou ontbranden in een decennialange bittere strijd tussen verschillende groepen linkse rebellen en opeenvolgende, door de Verenigde Staten gesteunde, militaire dictaturen. In 36 jaar tijd vonden naar schatting 200.000 Guatemalteken de dood en verdwenen zo'n 50.000 mensen spoorloos.

Vooral de etnische Mayabevolking op het platteland van Centraal- en Noord-Guatemala leed zwaar onder de strijd. Efraín Rios Montt beschouwde hen als bondgenoten van de guerrilla en tijdens het hoogtepunt van de oorlog in de jaren tachtig werden vele duizenden Maya's daarom door het leger op brute wijze gemarteld en vermoord, waarbij tientallen dorpen volledig van de aardbodem werden geveegd. Pas in 1996 sloten rebellen en regering vrede.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden