Een priester is geen dominee

Verlangen naar eenheid kan uitmonden in verdeeldheid, als we ons door haast laten leiden. Zo blijkt na de prinselijke bruiloft in Apeldoorn waar ondanks het liefdespaar de sleetse twist tussen Rome en Reformatie gespijzigd lijkt met liefdeloosheid. De verontwaardiging richt zich tegen de regelgeving, een verontwaardiging die zich laaft aan vooroordeel en onwetendheid.

De tegenstelling tussen katholieken en protestanten evenwel is dunkt mij even vals als die tussen leiding en gemeente. Het verschil doet zich voor tussen ongeduldigen en geduldigen binnen de kerk in haar streven naar eenwording. Niettemin leert de oude les dat gelovigen zich niet haasten. Tevens schrijnt het verschil tussen vrijzinnigheid en orthodoxie dat katholieken en protestanten minder van elkaar scheidt dan katholieken en protestanten onderling. Orthodoxen hechten meer aan leer en traditie, vrijzinnigen meer aan leven en noviteit. Beide groepen christenen worden de Heilige Geest gewaar, hoewel orthodoxen vrezen dat vrijzinnigen te zeer een verbond met de tijdgeest aangaan. Omgekeerd vrezen vrijzinnigen dat orthodoxen te weinig rekening met de tijdgeest houden. Nog een derde verschil dringt zich op. De tegenstelling tussen de alleen binnenmenselijk ervaren God die als de mens goedkeurt wat de mens behoeft en de zowel binnenmenselijk als bovenmenselijk ervaren God die in zijn omzien naar de mens niet alleen goedkeurt maar ook afkeurt. Tenslotte heeft het huidige geschil alles te maken met de zin voor het mysterie, het geheim van het geloof, de geloofswaarheid die aan het verstand voorbij gaat, het in overgave uit de hand geven wat niet des mensen is maar van de Eeuwige.

'Mogen zij allen één zijn zoals Gij, Vader, het zijt in Mij en Ik in U.' Bede van de Heer (Johannes 17, vers 21), door orthodoxen niet minder nagebeden dan door vrijzinnigen. Het streven naar oecumene is bij alle christenen groot, het verlangen naar volledige gemeenschap met allen die gedoopt zijn. Dit verlangen geeft reeds mate van gemeenschap, omdat uit verlangen vertrouwen spreekt en hoop op eenwording vanuit beleden geloof. Maar oecumene is mijns inziens meer gediend met helderheid dan met verdoezeling. Helderheid neemt in voorzichtigheid tijd, verdoezeling loopt in vermetelheid op tijd vooruit.

Dit verheelt niet dat pastorale praktijk spanning kan geven met dogmatische theorie waarna het eigen geweten de doorslag geeft. Dit verheelt evenmin de dubbele verbondenheid waaraan katholieken gehouden zijn - enerzijds als lokale kerk jegens de universele kerk, anderzijds als kerkelijk dialect jegens andere kerkelijke dialecten in de ene taal van het christendom. Loyaliteit jegens de kerk van Rome heeft niet alleen van doen met het katholieke geloof zelf maar ook met de wereldwijde eenheid die wordt nagestreefd. Vooraan de hereniging met de orthodoxe kerken met haar oosterse oog voor mysterie met wie de katholieke kerk zo verwant is in opvatting omtrent de sacramenten van eucharistie en priesterschap. Loyaliteit jegens de kerken van de reformatie in het eigen verstandelijke westen met wie de katholieke kerk zo veel deelt behoudens in opvatting omtrent de sacramenten van eucharistie en priesterschap.

Wie zijn mijn liefste vrienden? Zij die mij mijn eigenheid gunnen terwijl ik hen wederkerig laat in hun eigenheid. Zo is het dunkt mij momenteel ook hier te lande tussen protestanten en katholieken die in genade de ene Christus belijden en die daarom samen liturgie vieren in gezamenlijk lezen en uitleggen van de Schrift, in gezamenlijk zingen en bidden van de psalmen, in gezamenlijke saamhorigheid jegens materieel en geestelijk armen, in gezamenlijke overwegingen omtrent leven van en uit de Heilige Geest. Wij doen samen wat wij samen kunnen doen en wij laten elkaar in onze onderscheiden eigenheid uit wederkerige achting. De priester is geen dominee, ook al hebben zij veel gemeen, zoals de dominee geen priester is. De eucharistie is geen avondmaal, ook al hebben zij veel gemeen en worden beide heilig genoemd.

In wat de ander het meest dierbaar is, moet de ene hem het meest ontzien. Dit geldt over en weer - tussen de ene en de andere groep christenen, tussen de ene en de andere godsdienst, tussen het ene en het andere genootschap.

Het begrip 'esoterie' kan hetgeen ik bedoel verduidelijken. Esoterie wijst naar het gans eigene en daarmee diepst wezenlijke van een religieuze dan wel levensbeschouwelijke groepering. Het is daarom slechts toegankelijk voor ingewijden die hierover beter zwijgen dan spreken omdat het zich slechts dwingend en wenkend als onvatbaar geheim doet gewaar worden.

Esoterie boezemt bij velen afkeer in, zelfs huiver. Waarom? Het begrip weerspreekt het democratische levensgevoel van openheid en toezicht. Het wordt direct verbonden met sekten en groeperingen waarbij misbruik van macht in het geding is. Zij, die esoterisch heten, sluiten anderen buiten en doen hun bijzonderheid in dezen veelal voor als verhevenheid boven anderen. Juist in kringen van het christendom is esoterie uit den boze omdat het liefdesgebod eenieder insluit en niemand uitsluit.

Niettemin is esoterie als neutraal begrip niet louter af te wijzen. Wanneer de Eeuwige Zich wendt tot Mozes en Aaron en hun regels verstrekt voor het Paasmaal, sluit Hij vreemdelingen en dagloners daarvan uit. Mocht evenwel een aanwezige vreemdeling toch daaraan willen deelnemen, 'dan moeten eerst alle mannelijke leden van zijn gezin worden besneden vooraleer hij mag aanzitten om het te vieren. Hij staat dan gelijk met een ingezetene. Maar geen onbesnedene mag ervan eten'. (Exodus 12, vers 48)

Om in de kring van ingewijden, de Israelieten, te worden opgenomen, is besnijdenis voorwaarde. Wanneer Jezus de parabel van de zaaier heeft verteld en de twaalf daaromtrent vragen stellen, antwoordt Hij (Marcus 4, vers 11): 'U is het geheim van het koninkrijk Gods gegeven, maar tot buitenstaanders komt alles in gelijkenissen.' Jezus maakt onderscheid tussen ingewijden en oningewijden, zoals ook Paulus herhaaldelijk doet tussen gemeenteleden en buitenstaanders.

En wanneer Jezus heeft geleerd niet te oordelen om niet geoordeeld te worden, voegt Hij daaraan toe (Mattheüs 7, vers 6): 'Geeft het heilige niet aan de honden en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij die niet met hun poten vertreden en zich omwenden en u verscheuren.' Een uitspraak van esoterisch bewustzijn die in de Leer van de twaalf apostelen (Mattheüs 9, vers 5) van omstreeks 100 wordt toegepast op deelname aan de Tafel des Heren: “Laat niemand eten of drinken van uw eucharistie behalve zij die gedoopt zijn in de naam van de Heer. Want daarover heeft de Heer gezegd: Geeft het heilige niet aan de honden.”

De kerk van het oosten kent nog altijd het sluiten van de ikonostasewand tijdens de heilige mis, terwijl de kerk van het westen in het verleden na de dienst van het woord de doopleerlingen heeft verzocht uit haar midden weg te gaan als nog niet gedoopten, nog niet ingewijden. Ik pleit geenszins voor terugkeer naar zo'n gebruik maar vraag wel eerbied voor hetgeen heiliger is dan de mens vermag te doorgronden, juist omdat hier en nu de zin voor het heilige afwezig lijkt.

Hoe nu verder met de oecumene waar naast toenadering nog verwijdering blijft? Christenen hebben toch 'één Heer, één geloof, één doop' (Efeziërs 4, vers 5)? Oecumene laat zich evenmin opleggen als ontzeggen. Uitgangspunt is innerlijke ommekeer die zich paart aan zin voor het heilige. In die zin wordt de genade van Gods geest afgesmeekt die onthechting en nederigheid geeft, zachtmoedigheid en ruimhartigheid, opdat wij allen die gezondigd hebben tegen de door de heer gevraagde eenheid van zijn kerk vergiffenis verkrijgen van God en de van ons gescheiden broeders en zusters in Christus. Op die wijze heeft het Tweede Vaticaans Concilie in haar decreet over de katholieke deelname aan de oecumenische beweging, Unitatis Integratio, haar verlangen naar de ene en ongedeelde kerk verwoord om met deze waarschuwing te besluiten: Onthoudt u van 'elke lichtvaardige en onbezonnen ijver die de werkelijke vooruitgang van de eenheid kan schaden'. Loopt niet vooruit op 'toekomstige ingevingen van de Heilige Geest'. Weet dat 'dit heilige voornemen' om tot de ene en enige kerk van Christus te geraken 'menselijke krachten en gaven te boven gaat'.

Niettemin is sedertdien veel geschied. Achttien jaar nadien, in 1982, is van de zijde van de Wereldraad van Kerken het zo genoemde 'Lima-rapport' verschenen, handelend over doop, eucharistie en ambt. In 1989 heeft de kerk van Rome haar antwoord daarop in duidelijkheid gegeven. Zij heeft haar instemming betuigd waar zij kon en haar instemming onthouden waar zij niet kon. Vooral instemming geldt de doop, ook onthouding van instemming de eucharistie en het ambt.

Tot de apostelen zegt Christus op de avond van zijn verrijzenis (Johannes 20, vers 22-23): “Ontvangt de Heilige Geest, wier zonden Gij vergeeft, hun zijn zij vergeven en wier zonden Gij niet vergeeft, hun zijn zij niet vergeven.” Dit is de instelling van de biecht. Eerder, op de avond vóór zijn lijden, zegt Hij over het brood: 'Neemt en eet. Dit is mijn lichaam dat voor u wordt overgeleverd.' En over de wijn: 'Dit is mijn bloed dat vergoten wordt tot vergeving van zonden.' Dit is de instelling van de eucharistie. En tot de apostelen (Lucas 22, vers 19): 'Doet dit tot mijn gedachtenis.' Dit is de instelling van het priesterschap. Het sacrament van het priesterschap is daarom ten nauwste verbonden zowel met de eucharistie als met de biecht.

De priester komt op velerlei terrein overeen met de dominee. Hij is evenals de dominee de dienaar van Gods woord. De wijding evenwel verleent hem het zegel van de priesterlijke hoedanigheid en doet hem als knecht van de bisschop opnemen in de apostolische opvolging. Daarom mag hij voorgaan in de eucharistie, de heilige mis opdragen, en biecht horen, het sacrament van vergeving toedienen. Dit afgezien van andere sacramenten. Hiermee is meteen het verschil tussen avondmaal en eucharistie in het geding waaromtrent verwarring de vaderlandse gemoederen vanuit prinselijk Apeldoorn heeft verhit.

Wanneer christenen bijeenkomen en Christus' gemeente zich verzamelt, is Hij zelf als gastheer aanwezig. Naar zijn eigen belofte (Mattheüs 18, vers 20): 'Waar twee of meer in mijn naam verenigd zijn, ben ik in hun midden.' Christus, de zoon van God, het woord dat is vlees geworden (vgl. Johannes 1, vers 14), is aanwezig in zijn woord, de lezing uit de Bijbel en de verklaring en verkondiging daarvan. Hierin stemmen protestante en katholieke liturgie overeen.

Naar katholieke opvatting is Christus in de eredienst nog op een derde wijze aanwezig - in de priester die ter onderscheiding van de dominee als alter Christus, in de plaats van Christus, de liturgie leidt. Gaat het niet om een woorddienst maar om een woord- en tafeldienst, dan wordt bij protestanten en katholieken het brood gebroken en de beker gereikt te Zijner gedachtenis zoals Hij gedaan heeft bij het laatste avondmaal. Dit is een intiem samenzijn met de Heer en door hem met elkaar in de viering.

Ten slotte is hij naar katholieke opvatting nog op een vierde wijze aanwezig in het vieren van de eucharistie. Hoe? Onder de gedaanten van brood en wijn, wel smakend als brood en wijn met alle eigenschappen van dien en toch Christus zelf volledig en werkelijk. Mysterie van het geloof. Alvorens de consecratiewoorden uit te spreken vraagt de priester brood en wijn te heiligen door de Heilige Geest, opdat zij lichaam en bloed worden van Jezus Christus op wiens woord dit geheim immers wordt gevierd.

Dit hooggebed aanhalend schrijft Johannes Paulus II in zijn jaarlijkse brief van 1998 aan de priesters bij gelegenheid van Witte Donderdag: “Hoe zouden menselijke lippen zonder kracht van de goddelijke geest kunnen bewerkstelligen dat brood en wijn lichaam en bloed des Heren worden?” En hij vervolgt: “Eucharistie en priesterwijding zijn vruchten van dezelfde geest.”

Wij ontvangen de eucharistie niet als gewoon brood en gewone wijn. Zo leert de wijsgeer Justinus (vgl. Eerste apologie 66-67) die omstreeks het midden van de eerste eeuw de marteldood is gestorven. Want zoals Jezus Christus, onze verlosser, door het woord van God vlees is geworden, zo ook is brood en wijn vlees en bloed van dezelfde mens geworden Jezus. En Cyrillus, bisschop van Jeruzalem in de vierde eeuw (vgl. Vierde mystagogische katechese 9): Wat brood lijkt, is geen brood ofschoon het ernaar smaakt, maar het lichaam van Christus. En wat wijn lijkt, is geen wijn ofschoon het ernaar smaakt, maar het bloed van Christus.

Voor katholieken is de eucharistie daarom hoogtepunt en bron van leven, de allerintiemste ontmoeting met Christus, het allerheiligste dat hun op de aardse pelgrimstocht is toebedeeld. Daarom mag alleen hij aan de eucharistie deelnemen, aldus nog eens Justinus, die gelooft dat het waar is wat wij leren en die gereinigd is in het water van de wedergeboorte tot vergeving van zonden en die leeft zoals Christus heeft geleerd. Dit voorbehoud van de filosoof brengt de vermaning van de apostel (1 Corinthiërs 11, vers 28-29) in herinnering: “Laat eenieder zichzelf eerst onderzoeken alvorens hij eet van het brood en drinkt van de beker. Want wie eet en drinkt, eet en drinkt zich een oordeel.”

Welke les zou ik verontwaardigden over de leer van de rooms-katholieke kerk ten aanzien van de eucharistie willen leren? Deze les: Eet en drinkt u geen oordeel. Nadert niet zijn liefdesmaal in liefdeloosheid; want dit is in zondigheid. Beter is het weinig en waardig te communiceren dan veel en vanzelf. Laat nooit dagelijkse sleur of menselijk opzicht u leiden te communiceren. Laat u niet overhalen aan de maaltijd des heren deel te nemen, wanneer u niet vanuit het hart daarnaar verlangt. Verlangt u steeds naar deelname aan de eucharistie, terwijl u protestant bent, laat u eenvoudigweg opnemen in de kerk van Rome. Weet u te allen tijde bemind door Hem Die heeft gezegd (Johannes 6, vers 56): 'Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden