Een praatje onder de pet

Reeds als jongen was ik dol op ordeverstoringen. Vandaar dat ik altijd vluchtneigingen krijg zodra ik de pet van een smeris zie. Laatst echter tilde ik zo'n pet op en wat zat eronder? Een kwetsbaar mens.

Ik was op een toerustingdag van het Pastoraat Team Politie. Dat zijn agenten die pastorale hulp geven aan collega's. 'Onder de pet praten', noemen ze dat. Want onder die pet kunnen politieagenten behoorlijk tobben over hun kinderen of hun relatie. Of over wat ze in hun werk meemaken. Misbruik of een moord, of bedreigingen omdat je je werk doet, gaan je niet in de kouwe kleren zitten.

Als politie, vertel ik, komen jullie in actie als de orde wordt verstoord. Die moet hersteld worden. Maar een pastor kijkt met totaal andere ogen. Die ziet in elke ordeverstoring een spirituele kans. Wat is erger dan een wereld vol lijden? Een wereld zonder lijden. Dat zou pas echt een ramp zijn. Als ik bijvoorbeeld nooit geleden had of - dankzij jullie - tegen mijn grenzen was opgelopen, zou ik hier zitten als een ongevormde, monsterlijke blob. Ik zou een golem zonder ziel zijn: zonder zelfkennis, kennis van anderen of van God.

Daarmee zeg ik niet dat lijden in zichzelf zinvol is. Dat is slechts een emotionele centrifuge van pijn, wanhoop of scheurend verdriet. Wel kun je er op zo'n manier mee omgaan dat je er in spiritueel opzicht van opknapt. Daarvoor is vaak wel pastorale hulp nodig.

De grote bijdrage van het geloof is dat het van lijden een beproeving, een loutering of leerschool kan maken. Verre van zinloos te zijn, iets wat je met strakke kaken moet verduren, komt tegenslag dan in een heel nieuw licht te staan. Met een bijbels beeld, kun je ervaren dat je het aardewerk bent dat door de goddelijke pottenbakker wordt gevormd. Of, met een ander beeld van kerkvader Ireneaus, dat deze wereld een zielensmederij is waar af en toe flink gehamerd en geslagen wordt - waarbij God zelf ook de nodige schrammen oploopt. Ik wijs naar een crucifix die in de zaal aan de wand hangt: Kijk maar.

"Geldt dat ook voor misdrijven?", vraagt een agent. Ik knik: misdrijven veroorzaken lijden - natuurlijk allereerst aan het slachtoffer maar ook aan de dader, al voelt hij dat zelf op dat moment niet zo. Goed dat er politie is die ervoor zorgt dat hij zijn straf ondergaat. Dat is een kans om met zichzelf en anderen in het reine te komen. Politieagenten staan in dienst van Gods vormende pottenbakkerswerk.

"En ziekte? mag je in het gebed vragen om genezing?", vraagt een ander. Ik antwoord dat een arts of therapeut zich richt op lichamelijke of psychische genezing, dus herstel van de oude situatie. Een pastor ziet echter in ziekte altijd een mogelijkheid tot iets nieuws, namelijk verdieping van het zieleleven. Vanuit deze innerlijke transformatie gezien worden vraaggebeden banaal. Antoine de Saint-Exupéry schrijft: "Als God jou aanvaardt, als hij jou geneest, doet hij dat door al je vragen met zijn hand uit te wissen, als een koorts die tot bedaren wordt gebracht."

Daarom bid ik nooit: "God genees deze ziekte" maar: "Dank u God, voor de onverdiende gave van het leven." Uit ziekte en dood blijkt immers zonneklaar dat het bestaan onvanzelfsprekend is, een groot wonder. Dan kan je leven een dankzegging worden, je wordt een mens die mild en ruim naar de wereld kijkt.

Het gaat een pastor niet om de ziekte maar om de hele mens, niet om het lichaam maar om de ziel. Met hier een duw en daar een stomp boetseert God er lustig op los. In wezen gaat dat proces boven onze pet. Het vraagt van de patiënt vertrouwen dat door de pastorale relatie gesterkt kan worden, besluit ik.

In de wc mol ik een toiletrolhouder.

Ik ben weg voordat ik een prent krijg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden