Column

Een praatclubje voor wereldtoppers

Marijn de Vries.Beeld Foto: Maartje Geels

In het weekend las ik het prachtige interview met Dafne Schippers in het Volkskrant Magazine en het leek wel of ik mijn gesprek met Marianne Vos voor tijdschrift Pedala van onlangs herbeleefde. Maar dan in andere woorden en andere nuances.

Marianne Vos ging haar hele carrière als een speer. Op haar achttiende werd ze wereldkampioen wielrennen op de weg. Waar ze daarna kwam won ze, tot niemand nog verwachtte dat ze ook wel eens niet winnen kon. Natuurlijk, ze had wel tegenslagen. Maar al haar doelen haalde ze, tot het o zo gedroomde olympisch goud in Londen aan toe.

Met elke overwinning werd Marianne Vos bekender. Gevierder. Gevraagder. Een opening hier, een clinic daar. Een praatje, op de foto. Dineren met de koning. En met wie al niet meer. Het was dan wel geen fietsen, maar ze deed het voor de sport. Voor haar sponsors. Voor iedereen om haar heen. Ze voelde het drukken, op haar schouders. Ze vond het niet leuk, die aandacht en verantwoordelijkheid. Ze fietste om te fietsen. Niet om de spotlights.

Dafne Schippers werd veel plotser bekend. In 2015 won ze goud op de WK atletiek, op de 200 meter sprint. Als bij donderslag was ze een wereldster. Eten bij de koning, bij Linda de Mol en telefoontjes van de premier. Verzoeken van tv-shows, duizenden aanvragen voor interviews. Billboards met haar foto hingen ineens overal. Olympisch zilver in Rio was niet alleen een teleurstelling voor haarzelf, maar voor een heel land. En ze was nergens meer anoniem. Zonder make-up, in joggingbroek met de hond, wandelde ze niet meer. Want iedereen zou zien: daar loopt Dafne Schippers. In een slobberbroek. Zonder make-up. En iedereen zou er wat van vinden. Want zo werkt dat nu eenmaal. Ben je bekend, dan ben je publiek bezit, waar iedereen wat van vindt.

Niemand is van steen, dus dat soort dingen deren. Zo ook bij Marianne Vos: iedereen had steeds vaker commentaar. Op haar uiterlijk, op haar antwoorden. Zelfs haar buurkinderen spraken haar nooit bij haar voornaam aan. Het was altijd Marianne Vos. En zo was Dafne ineens Dafne Schippers. Het elastiekje rekte. Rekte verder. Tot het brak. Bij beiden. Marianne raakte overtraind. Dafne kreeg een burn-out.

Niet om wie ze was

Allebei te eigenwijs voor hulp. En ook te eenzaam aan de top, misschien. Marianne Vos, daar durfde niemand wat tegen te zeggen. Zij wist toch alles al, en zeker wat goed voor haar was. Dafne Schippers dacht dat geen mens haar zou begrijpen - want niemand had hetzelfde meegemaakt. Tot ze met Linda de Mol praatte, en het boek van oud-judoka Edith Bos las. Marianne Vos meende dat mensen haar alleen waardeerden om haar prestaties, om wat ze kon. Niet om wie ze was. Tot ze een jaar niet koerste, en ontdekte dat ze ook gewoon een zus, een vriendin en een dochter mocht zijn.

Als kampioen in de sport word je bekend door wat je het liefste doet. Het middelpunt van de belangstelling word je bijkomstig tegen wil en dank. Beiden worstelden en kwamen boven. Beiden hadden achteraf misschien toch graag wat hulp, of op z'n minst het gevoel van niet alleen zijn, gehad. Een praatclubje voor wereldtoppers klinkt klef, maar potverdikkie wat zou dat waardevol kunnen zijn. Al was het alleen maar om te ontdekken hoe je als Dafne Schippers of Marianne Vos je achternaam loslaat om soms even jezelf te kunnen zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden