Een poging tot reputatiemoord

Zou een bericht dat de pacifistische Gandhi zijn kinderen mishandelde de krant halen? Zeker. De voorpagina? Misschien. Hangt een beetje van het seizoen af. Het is een beproefd procédé: associeer iets dat bekend staat als idealistisch, verheven en goed met het allerlaagste wat denkbaar is en je hebt groot nieuws. Sinds de Tweede Wereldoorlog wordt dat allerlaagste aangeduid met het etiket 'fascisme'.

Oorspronkelijk is het fascisme een antidemocratische politieke beweging in Italië, ontwikkeld en aan de macht gebracht door Benito Mussolini (1883-1945). Het begon als een vechtbeweging die zich schuldig maakte aan brandstichting, mishandeling en moord. Begin 1925 vestigde de fascistische partij de dictatuur in Italië. Daarmee trad een relatieve rust in. Daar kwam een eind aan toen in 1935 Abessinië (nu Ethiopië) werd aangevallen, waarbij onder meer mosterdgas werd ingezet tegen de hopeloos primitief bewapende Abessijnen. Hoewel de wreedheid van de fascistische dictatuur in Italië niet moet worden onderschat, was zij minder gruwelijk dan de andere totalitaire regimes van deze eeuw. In zijn Geschiedenis van het moderne Italië (1989) schrijft Jaap van Osta dat in het fascistische Italië tussen 1926 en 1943 25 doodvonnissen zijn uitgesproken vanwege antifascistische activiteiten. ,,Uit deze cijfers blijkt dat de fascistische onderdrukking niets voorstelde vergeleken met de meedogenloze wreedheden van het naziregime in Duitsland of de miljoenen Sovjetburgers die onder Stalin vermoord werden.''

Onder historici is het gebruikelijk geworden om het begrip 'fascisme' ook te hanteren voor het Duitse nationaal-socialisme. Buiten de wetenschap is de begripsverruiming veel verder gegaan. In de jaren zestig en zeventig werd de term 'fascist' steeds meer gebruikt als scheldwoord, om uitdrukking te geven aan de verderfelijkheid van mensen en ideeën die in linkse ogen niet deugden. Een simpele associatie kon iemands carrière voorgoed om zeep helpen. Toen de criminoloog Buikhuisen in 1977 zei dat hij onderzoek wilde doen naar de biosociale kenmerken van criminelen, was de vraag die Cherry Duyns hem voor de VPRO-tv stelde: 'Meneer Buikhuisen, bent u een fascist?' Een paar jaar later beëindigde Buikhuisen noodgedwongen zijn criminologische werk.

Een mooi voorbeeld van een poging tot reputatiemoord door de toeschrijving van 'fascisme' was deze week te lezen in de Volkskrant. Die onthulde dinsdag, middels een interview met de pedagoge H. Leenders, die donderdag is gepromoveerd op een studie over 'Montessori en fascistisch Italië', dat Maria Montessori 'innige contacten' had onderhouden met het fascistische regime van Mussolini. Heerlijk! De idealistische Montessori die zo sterk heeft bijgedragen aan een menselijker behandeling van kinderen in opvoeding en onderwijs, was gewoon een fasciste geweest. Niet alleen kon ze lange tijd goed overweg met Mussolini, maar ze had ook 'haar leer verkwanseld aan het fascisme'.

Na 1945 hebben we met veel moeite geleerd dat mensen die gedwongen zijn te leven onder een dictatuur niet zo gemakkelijk zijn op te delen in goeien en slechten, helden en schurken, maar dat zich tussen de extreme uitzonderingen van zwart en wit altijd een min of meer dichte mist bevindt waarin 'goed' en 'fout' nauwelijks te onderscheiden zijn.

Dit inzicht ontbreekt volkomen in het artikel in de Volkskrant. Noch de verslaggever, noch de geïnterviewde geeft blijk van het besef dat de term 'fascisme' zoals Montessori die in brieven uit 1926 en 1931 gebruikte destijds een heel andere lading had dan nu. De overheersende tendens van het stuk is dat Montessori zich verbond met het fascisme en dus verschrikkelijk fout was. Dat Montessori de banden met het fascisme al vóór 1935 verbrak, dus voor de gruwelen die Mussolini in Abessinië bedreef en voor zijn pact met Hitler, wordt wel terloops opgemerkt, maar uitgelegd als het gevolg van een persoonlijk conflict met Bodrero die door Mussolini's regering was aangesteld als voorzitter van de Montessorivereniging. Maar als Montessori werkelijk een overtuigd fasciste was geweest, hoe valt het dan te verklaren dat ze Italië al in 1934 verliet om er pas in 1947 terug te keren?

Merkwaardig is ook de willekeur waarmee 'fascisme' tot nieuws wordt gebombardeerd. De Volkskrant had kunnen weten dat wat ze met veel bombarie op 7 september presenteerde, op 7 mei al tussen neus en lippen in het eigen katern Cicero was gemeld. Dat deed Han van Gessel in een bespreking van de toen net verschenen Montessori-biografie van hoogleraar vrouwengeschiedenis Marjan Schwegman. Van Gessel vindt dat Schwegman 'een indrukwekkende prestatie' heeft geleverd en vermeldt dat zij 'interessant archiefonderzoek in Italië' heeft verricht, 'bijvoorbeeld naar de contacten van Maria Montessori met het regime van Mussolini'.

Die zinsnede kreeg geen vervolg. Toen geen voorpagina, geen opwinding en geen follow-up; nu wel. Op 8 september oogst de krant de zelfgezaaide verontrusting. Nieuws over fascisme komt altijd 'hard aan'. Zo ook in het Montessori-onderwijs. Ouders komen met vragen op school. Een geschokte directeur van een Brabantse Montessorischool vraagt zich af of ze de naam van de school niet moeten veranderen. Een andere directeur heeft het 'nieuws' ervaren als 'een koude douche'. Arme scholen die hun directeuren alleen nog selecteren op managementkwaliteiten, niet op kennis van de achtergronden van de onderwijskundige stroming waartoe ze behoren, niet op belezenheid, niet op kritische weerstand tegen wat kranten zoal te melden hebben.

De enige die de Volkskrant erop wijst dat de dubieuze contacten van Montessori met het regime-Mussolini al zijn besproken in de biografie van Schwegman, is de Amsterdamse hoogleraar opvoedkunde G. F. Heyting. Heyting zou het betreuren 'als er een hetze ontstaat tegen een op zichzelf zeer gewaardeerde tak van het Nederlandse onderwijs'. Maar is de Volkskrant niet juist bezig zo'n hetze aan te blazen? De follow-up van 8 september eindigt met de mededeling dat 'de Nederlandse Montessori Vereniging (NMV) ... zich onbereikbaar voor commentaar houdt'. Dat is niet waar. Op 7 september heb ik voorzitter De Jong van de NMV telefonisch gesproken. Hij zei dat hij dezelfde dag 'tal van uw collega's van andere media' te woord had gestaan, maar dat de Volkskrant geen contact had gezocht. Ook de secretaresse van de NMV heeft de Volkskrant niet aan de lijn gehad.

De boodschapper van het 'nieuws' kan van alles verweten worden. Maar de promovenda die het bedacht heeft lijdt aan hetzelfde euvel: de onbedwingbare neiging om mensen die bijzondere prestaties hebben geleverd met verwijzing naar hun 'fascisme' voorgoed onmogelijk te maken. Hen als het ware weg te wissen uit de geschiedenis. Als bewijs voor haar bewering dat Montessori haar leer 'verkwanselde' aan het fascisme citeert ze in de Volkskrant uit Montessori's brieven aan Mussolini en Bodrero. Maar daaruit blijkt alleen dat Montessori haar uiterste best deed haar onderwijsmethode aan te prijzen als analoog aan fascistische ideeën. Niet dat ze die methode ook heeft aangepast aan het fascisme. In de Volkskrant zegt Leenders: ,,Zolang het regime niet sleutelde aan het conceptuele kader van haar methode, bleef deze wat Montessori betreft zuiver, ook al kreeg het onderwijs inhoudelijk gezien fascistische trekken.''

Hier komen we aan wat Leenders zelf het belangrijkste punt van haar proefschrift vindt, namelijk dat Montessori's ,,conceptie zelf niet is bestand tegen misbruik door een totalitair bewind''. Dat komt volgens haar ,,doordat het Montessori-onderwijs alleen een methode is en geen leerplantheorie bevat''. Daardoor zou er ook zoiets als 'fascistisch Montessori-onderwijs' kunnen ontstaan, iets waaraan de voorstanders van het Montessori-onderwijs te gemakkelijk voorbij zouden gaan.

Prof. G. F. Heyting is het niet eens met de redenering van Leenders: ,,Er wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen zogenaamde 'hulstheorieën' en inhoudelijke theorieën. Montessori's methode wordt dan gezien als voorbeeld van een hulstheorie. Ze biedt een kader voor verschillende inhouden, bijvoorbeeld voor een psycho-analytische. De andere theorieën hebben een specifieke levensbeschouwelijke inhoud en zouden daardoor minder vatbaar zijn voor misbruik door totalitaire regimes. Dat is niet zo. Ook die ingevulde theorieën kunnen op allerlei manieren worden misbruikt. Kijk maar naar de maatschappijkritische theorieën in de jaren zeventig. Die werden door verschillende groeperingen verschillend uitgelegd, en elke groep claimde haar interpretatie als de enig juiste. Het onderscheid is ook niet houdbaar in het licht van de verhouding tussen wetenschap en praktijk. Wetenschappelijke theorieën moeten altíjd afzien van situationele bijzonderheden. Ze moeten hun waarde in de praktijk bewijzen, maar mogen de wijze waarop ze worden toegepast niet voorschrijven. Ze moeten duidelijk maken dat ze slechts een instrumentarium bieden dat je goed en slecht kunt gebruiken. Het debat over het juiste gebruik moet in de praktijk worden gevoerd.'' Heyting vindt dan ook dat er geen reden is het Montessori-onderwijs te gaan wantrouwen.

Maar is er nu wél reden de persoon van Montessori te wantrouwen? Door de reductie van die persoon tot haar banden met het fascisme, zou je bijna vergeten dat Montessori óók graag in Noordwijk aan Zee kwam en daar urenlang kon mediteren bij de aanblik van la purezza del mare. De Afsluitdijk beschouwde ze als een spirituele daad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden