Een poëtisch en fantasierijk universum

Dans

'An evening with Crystal Pite' Nederlands Dans Theater

Ze zijn totaal verschillend, de twee gepresenteerde werken van Crystal Pite, huischoreograaf ('associate') van het Nederlands Dans Theater. En toch komen ze overduidelijk uit één creatief brein en vormen een zowel poëtisch als fantasierijk universum. Maar wel een met een onheilspellend randje.

Letterlijk zelfs: de wereldpremière 'Parade' speelt zich af onder een hemelgewelf, waarin de sterren elk moment door een zwart gat kunnen worden opgeslokt. Als contrast voor die dreigende oneindigheid staat op het toneel een lullig tweepersoonstentje. Een pleisterplaats voor circusclowns die een verjaardagsfeestje willen vieren, maar in hun clowneske ledigheid worden gestoord door een fanfarestoet. Wat volgt is een knap gechoreografeerde Felliniaanse beeldenorgie die Goya zó in een van zijn oorlogsschilderijen had kunnen verwerken. De losse slapstick van de clowns en de marcherende bewegingen van de fanfare vormen een mooi contrast tussen geest en denken, instinct en ratio, een idee dat verder wordt uitgebouwd door een prachtig schimmenspel waarbij de vraag centraal staat of het de schaduwen van de dansers zijn of zelfstandig opererende 'entiteiten'.

Die vraag speelt ook in 'Frontier', een reprise uit 2008 die qua toneelbeeld vooral soberheid uitstraalt. Wat is zichtbaar, en welke rol spelen de dingen die we níet zien en dus ook niet kunnen weten? In een door duister omzoomde ruimte worden dansers in beweging aangedreven door figuren in het zwart. Soms zijn de rollen omgedraaid tussen poppenspeler en 'pop', of gaan de zwarte figuren met elkaar aan de haal. Ook dit werk zit choreografisch uitstekend in elkaar; Pites vrije, niet-gemaniëreerde bewegingstaal komt vooral in de duetten het best tot zijn recht.

Dit is het eerste programma dat bij Nederlands Dans Theater rond Crystal Pite is samengesteld. Het smaakt niet alleen naar méér, het geeft nu al een lekkere afterbite: Pites bijzondere dansuniversum is inzichtelijk gemaakt. En waar dat het geval is, kun je van een van de betere dansprogramma's spreken.

Sander Hiskemuller

Klassiek

Orgelpark Thomas Trotter

Het Amsterdamse Orgelpark is als podium voor experimentele orgelprojecten uniek. Daarnaast worden de vijf orgels gebruikt voor traditionele orgelrecitals, vergelijkbaar met de Meesterpianistenserie in het Concertgebouw. Vrijdag gaf de vermaarde Britse orgelvirtuoos Thomas Trotter een recital met muziek uit vier landen.

Trotter is als stadsorganist van Birmingham de vaste bespeler van het fameuze orgel in de Townhall aldaar. Op dergelijke voor wereldlijke doeleinden gebouwde reuzenorgels ontstond in de negentiende eeuw een traditie om er transcripties van symfonische muziek en opera's op te spelen. Trotter specialiseerde zich in dit genre. Vrijdag besloot hij zijn optreden met een spectaculaire vertolking van de ouverture uit Wagners opera 'Rienzi'. Daarin liet hij het Duits-romantische Sauer-orgel als een waar symfonieorkest klinken. Dit is kleiner dan Trotters orgel in Birmingham. Toch klonk het overweldigend, vooral als het om het aantal klankkleuren gaat. Dat kan doordat Trotter zijn recital gaf vanaf de tweede, gecomputeriseerde speeltafel die het orgel vorig jaar kreeg. De oude staat nog onder de preekstoel, waar de organist zichzelf nauwelijks kan horen. De nieuwe is verrijdbaar. Hierop zijn honderden registraties voor te programmeren. Een dergelijke faciliteit hebben inmiddels vele concertorgels, maar deze speeltafel heeft meer snufjes: zo kan ieder orgelregister op elk van de drie klavieren en worden bespeeld, terwijl alle tonen ook nog eens geoctaveerd kunnen worden. Daardoor klinkt dit orgel veel groter dan het feitelijk is.

Nieuwe computersystemen zijn kwetsbaar. Dat bleek toen de software tijdens de climax van de Rienzi-ouverture crashte en een dissonant akkoord bleef doorbrullen totdat de stekker uit de speeltafel werd getrokken. Nadat de computer weer opgestart was bracht Trotter zijn briljante vertolking alsnog tot een goed eind.

Trotters verdere programma was weinig homogeen. Op het Sauer-orgel vertolkte hij nog werken van zijn landgenoten Parry en Elgar, naast de virtuoze, maar muzikaal weinigzeggende 'Homage to Händel' van de Duitser Karg-Elert. Van totaal andere sfeer waren werken van Guilmant en Franck, die hij gedegen maar weinig bevlogen op het Frans-romantische Verschueren-orgel speelde. Een sprankelend intermezzo, maar binnen het programma wezensvriend, was zijn flitsende uitvoering van 'Ride in a High Speed Train' van de Nederlander Ad Wammes. Beide orgels kort na elkaar horend viel weer op dat de klank van het oude Sauer-orgel in deze zaal veel beter gedijt dan die van het nieuwe Verschueren-orgel.

Te hopen is dat Trotter spoedig wordt teruggevraagd voor programma dat volledig gewijd is aan transcriptiekunst, te spelen op de van kinderziektes genezen computerspeeltafel van het Sauer-orgel.

Christo Lelie

Klassiek

Patricia Kopatchinskaja

Slofjes uit, viool onder de kin, en spelen maar. Patricia Kopatchinskaja houdt er zo haar eigen gewoonten op na wanneer ze op het podium staat. Ook muzikaal: maar zelden ontdekt de luisteraar níet allerlei nieuws in een oude partituur die de Moldavische tot leven wekt.

De violiste is op tournee met het Orchestre des Champs-Elysées van Philippe Herreweghe. Bekende partners van elkaar; ze speelden bijvoorbeeld exact hetzelfde Beethovenprogramma ¿ het Vioolconcert en de Derde symfonie ¿ bijna vier jaar geleden in ons land, en legden het soloconcert ook vast op cd.

In Muziekgebouw Eindhoven is Kopatchinskaja dit seizoen artist in residence. Avontuurlijk, haar Beethoven aldaar? Zeker. Alleen al in de cadens van het Allegro kwam je oren te kort. Stampvoetend onderstreepte ze de partij die ze deelde met de concertmeester en de paukeniste. In het middendeel kon ze zachtjes en met lichte streek de tijd stilzetten ¿ net als de adem van de luisteraars. En o, die ene beeldschone triller!

Spannende luisterervaring ook, het verschil tussen avonturierster Kopatchinskaja, die nog tijdens het concert de temperatuur per noot leek af te tasten, en de wat tammere begeleiding van Herreweghe en kompanen. De vrijgevochten toon van de violiste zat haar, opmerkelijk genoeg, ook in de weg, zelfs technisch. Het muzikale verhaal was aantrekkelijk van opzet, maar waar was de Kopatchinskaja van de briljante, allesverzengende vertelkunst?

Heilig vuur brandde in de toegiften van Berio en Bartók. Kopatchinskaja bond opnieuw de strijd aan met de concertmeester en bewoog zich al tokkelend en met glijers over de snaren door het flitsende materiaal - haar Moldavische roots kwamen luid en duidelijk door.

Ook luid en duidelijk aanwezig was Beethovens 'Eroica' ¿ misschien wel te duidelijk; moeten de zintuigen niet iets meer geprikkeld worden door naast het Vioolconcert een uitdagender tegenpool te zetten? Herreweghes Beethoven klonk zonder poespas: geen gewichtigdoenerij in de Marcia funebre en niet al te zeer het dak eraf in de finale. Wel zat daar een orkest in vorm, met bevlogen strijkers en knetterend koper.

Frederike Berntsen

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden