Analyse

Een pensioenakkoord, klimaatmaatregelen: ineens kan het niet op voor Rutte III

Koolmees tijdens de presentatie. Links Voorzitter De Boer van VNO/NCW en Calon van LTO-Nederland. Rechts FNV-voorzitter Busker en CNV-voorman Van Wijngaarden. Beeld Werry Crone

Hoezo tobberig en weinig daadkrachtig? Het kan opeens niet op voor het kabinet: na vele jaren discussie ligt er een pensioenakkoord, en dan verwacht de coalitie binnenkort ook nog haar klimaatmaatregelen te publiceren.

Negen jaar discussie was er volgens minister Wouter Koolmees van sociale zaken nodig om te bereiken wat gisteren werd gepresenteerd. De schatting van de bewindsman was voorzichtig. Zeer voorzichtig. In de eerste jaren van deze eeuw deed zich al de eerste pensioencrisis voor en begon de politieke en maatschappelijke discussie over dit onderdeel van het stelsel van oudedagsvoorzieningen.

En al in de jaren tachtig van de vorige eeuw kwam oud-minister Willem Drees jr. met een rapport, ‘Gespiegeld in de tijd’, waarin de onontkoombare conclusie getrokken werd dat op termijn de AOW onbetaalbaar zou zijn. Het is met andere woorden een betere inschatting om te praten over bijna veertig jaar discussie, maatschappelijke acties, demonstraties op het Amsterdamse Museumplein. En dan, eindelijk, afgelopen dinsdagavond een akkoord tussen kabinet, werkgevers- en werknemersorganisaties en twee oppositiepartijen over aanvullend pensioen en de AOW-gerechtigde leeftijd.

De tweede prioriteit, een akkoord in de coalitie over het te voeren klimaatbeleid, kan volgens vertegenwoordigers van de regeringspartijen ook deze maand worden gepubliceerd. Zo wordt juni 2019 voor het derde kabinet-Rutte een uiterst productieve en daarmee ook succesvolle maand. De maand van het keerpunt. De maand ook waarin het imago van een tobberig tot weinig daden komend kabinet grondig wordt gecorrigeerd. Net als Wouter Koolmees de kritiek van zich af kan schudden over een tot voor kort behoorlijk mislukt ministerschap.

Veertig jaar discussie werd door Koolmees tot een goed einde gebracht en ook al waren er goed gevulde zakken met geld voor nodig om onwillige partners in beweging te krijgen, het is dan toch maar tot een akkoord gekomen, over onderwerpen die heel Nederland bezighouden. De pensioenvoorziening wordt soberder, de AOW-leeftijd stijgt. Dit na de jaren waarin iemand die vond dat we met de oudedagsvoorziening op te grote voet hebben geleefd, niet hoefde te rekenen op een begripvol onthaal.

Stelselwijziging

Vorig jaar november scheelde het al een haar of het kabinet had een van zijn twee grootste prioriteiten kunnen binnenhalen. Die zakken met geld had Koolmees toen voor het overgrote deel ook al. En ook in de herfst liet hij de vakbeweging weten bereid te zijn rustiger aan te willen gaan doen met de geplande verhogingen van de AOW-leeftijd.

Ook was er een soort van overeenstemming over de opbouw van het stelsel van aanvullende pensioenen zelf. In plaats van de hoogte van de uitkering vast te leggen (meestal zeventig procent van het gemiddeld in de loopbaan verdiende loon) zou de hoogte van de premie komen vast te staan. De hoogte van het pensioen zou dan afhangen van de ingelegde premies en het rendement op de belegde premies. Bovendien moest de bevoordeling van ouderen in pensioenverzekeringen verdwijnen. De zogenaamde doorsnee-systematiek (een zelfde premie, ongeacht of je snel of pas over jaren met pensioen gaat) diende plaats te maken voor een reële premie. Uiteindelijk wordt het pensioenstelsel met andere woorden rechtvaardiger voor de nog jonge werknemer. Zijn premie wordt niet langer gebruikt om het pensioen van een oudere collega op te bouwen.

Dit klinkt allemaal plausibel, maar er is wel een slordige zestig miljard euro nodig om een dergelijke overgang naar een nieuw stelsel mogelijk te maken. Bij het ene pensioenfonds is de financiële nood groter dan bij het andere, maar door de bank genomen zal elk pensioenfonds geld moeten vinden. Zestig miljard klinkt als een onoverkomelijk hoog bedrag, maar, zoals bij veel zaken rond pensioenen, het ophoesten kan over dertig jaar of meer worden uitgesmeerd, zodat het om een beter te behappen bedrag van rond twee miljard euro per jaar gaat.

Groot punt van onenigheid in november - en toen uiteindelijk ook het struikelblok - was de vraag wat te doen met mensen met een fysiek zwaar beroep. De AOW-leeftijd gaat immers omhoog, ook in het akkoord van dinsdagavond, na een paar jaar bevroren te zijn op 66 jaar en vier maanden. Tenminste als de gemiddelde levensverwachting blijft stijgen. Die koppeling van de levensverwachting aan de uiteindelijke AOW-leeftijd wordt weliswaar minder streng (in plaats van een jaar later AOW bij een jaar langere levensverwachting wordt het nu acht maanden later AOW), maar er blijft een koppeling.

Koolmees was beducht voor een regeling waarbij zware beroepen een uitzonderingspositie zouden krijgen. Voor je het weet wordt zo’n algemene regeling de achterdeur waardoor de verhoging van de AOW-leeftijd alsnog teniet gedaan wordt.

De D66’er, die ideologisch nooit veel op had met de overlegeconomie en de sociale partners, koos als oplossing van dit dilemma voor een typisch instrument uit juist de overlegeconomie.

Hij maakt nu ruimte om in de cao’s, dus in het arbeidsvoorwaardenoverleg in bedrijfssectoren, specifiek voor die bedrijfstak afspraken te maken over vervroegd uittreden voor daarvoor aan te wijzen beroepen. Zo kunnen toeslagen en overwerkvergoedingen belastingvrij worden opgespaard om eerder te kunnen stoppen. Daar kunnen nog eens honderd weken aan vakantiedagen bij worden gespaard, ook zonder dat de fiscus zich ermee bemoeit. En tenslotte wordt de boete die de overheid oplegt aan de werkgever als drie jaar voor de AOW-gerechtigde leeftijd een werknemer stopt aanzienlijk verlaagd.

Tekort

Deze oplossing voor het gevaar van massaal vervroegd uittreden had Koolmees in november nog niet in zijn achterzak. Dat hij dit nu wel kon aanbieden, maakte de onderhandelingen met de vakbeweging een stuk gemakkelijker.

De al eerder gememoreerde zakken met geld staan overigens niet zomaar klaar. Om dat geld beschikbaar te krijgen, moet het kabinet de bij het regeerakkoord aangekondigde ambitie rond de overheidsfinanciën enigszins naar beneden bijstellen. Naast een tekort dan wel een overschot op de begroting, wordt in Den Haag met nog een criterium gewerkt. Het houdbaarheidstekort (dan wel -overschot) geeft aan in hoeverre op de langere termijn het huidige niveau van overheidsuitgaven te handhaven valt zonder dat er een enorm tekort ontstaat. Dat tekort laat het kabinet nu ten behoeve van het pensioenakkoord oplopen. Volgens vertegenwoordigers van de coalitie een te verdedigen besluit, omdat er naast het houdbaarheidstekort ook zoiets zou bestaan als een ‘sociaal tekort’. Het ene kan omhoog als het andere omlaag gaat.

Sinds november is echter ook de politieke context, waarin onderhandeld moest worden aanzienlijk veranderd en, vanuit het perspectief van in ieder geval de vakbeweging, aanzienlijk verbeterd. De verkiezingen voor de Provinciale Staten in maart maakten ook de landelijke politieke verhoudingen in de Eerste Kamer duidelijk.

Voor het gisteren gesloten akkoord is in nogal wat wetten een wijziging nodig en om die in het Staatsblad te krijgen is ook de steun van de Eerste Kamer noodzakelijk. De coalitie verloor in de Eerste Kamer weliswaar de meerderheid, maar het werd bepaald geen volledige ramp. Dat zou het geval zijn geweest als bijvoorbeeld van alle drie de linkse fracties, dus ook van de Socialistische Partij, steun moest worden verkregen voor de pensioenplannen. Nu is de steun van alleen de PvdA of GroenLinks, of de steun van allebei desnoods, voldoende.

Minister Koolmees leest buiten het SER-gebouw nog wat stukken over het pensioenakkoord, terwijl de chauffeurs van de hoofdrolspelers aan de koffie zitten. Beeld Werry Crone

Rugdekking

Het liet zich al lang van tevoren aanzien dat deze partijen bereid waren tot serieuze gesprekken over steun aan een pensioenakkoord. Een belangrijk element, omdat in november de vakbeweging de steun van deze partijen voor een eventueel te sluiten akkoord niet had. Rugdekking heet dat in onderhandelingstaal. Die rugdekking wilde in ieder geval Lodewijk Asscher maar al te graag geven. Voor hem is een pensioenakkoord en een getemperde stijging van de AOW-leeftijd immers een correctie op zijn eigen besluit als minister van sociale zaken in het vorige kabinet om die leeftijd versneld te verhogen. Asscher noemde dat besluit al eerder een fout.

Nu er een voorlopig pensioenakkoord ligt, wacht een interessante periode in politiek Den Haag en daarbuiten. Als inderdaad nog deze maand ook de klimaatmaatregelen van de coalitie worden gepubliceerd, ontstaat voor het kabinet een nieuw momentum. De twee grote doelen zijn dan binnen handbereik en dus wordt het de vraag of het kabinet dat momentum vast kan houden in de komende maanden.

De Socialistische Partij besloot zich aan te sluiten bij de partijen waarvan verwacht mocht worden dat zij hoe dan ook geen pensioenakkoord zouden steunen. Voor Wilders’ PVV is elk akkoord dat de AOW-leeftijd nog steeds verhoogd taboe en voor 50Plus is elk akkoord dat pensioenfondsen niet meer lucht geeft door een verhoging van de rekenrente onmiddellijk rijp voor de prullenbak. De SP heeft echter met een dilemma te maken, mochten de FNV-leden het pensioenakkoord uiteindelijk in het referendum van de vakcentrale omarmen.

De banden tussen (delen van) de FNV en de SP zijn innig. Hoofdonderhandelaar en FNV- vicevoorzitter Tuur Elzinga was bijvoorbeeld Eerste Kamerlid voor de SP. Door zo categorisch het akkoord af te wijzen neemt de SP dan ook een risico. Het risico dat, als de partij haar zin krijgt, op 1 januari alsnog kortingen op de pensioenen plaats zullen vinden en de AOW-gerechtigde leeftijd sneller blijft stijgen. Dat is nog een hypothetisch risico nu GroenLinks en PvdA al politieke steun uitspraken en er dus een meerderheid is in beide Kamers.

Het risico dat de verhouding met de grootste vakcentrale bekoelt, is groter als die het akkoord accepteert. Kennelijk neemt fractievoorzitter Lilian Marijnissen dat op de koop toe.

Minister Koolmees leest buiten het SER-gebouw nog wat stukken over het pensioenakkoord, terwijl de chauffeurs van de hoofdrolspelers aan de koffie zitten.

Lees ook: 

Er ligt een pensioenakkoord op tafel, nu is het wachten op de FNV-leden

Er is een voorlopig pensioenakkoord, het lot ervan ligt nu in handen van de FNV-leden. 

Het akkoord in punten

Nieuw pensioencontract, doorsneepremie, AOW-leeftijd, vervroegde uittreding: dit staat in het akkoord.

De verwende 70-plussers of de twintigers? De lezers zijn het niet eens over wie het beste pensioen verdient

‘Wie verdient het meeste bescherming als het om het pensioen gaat?’ vroeg chef opinie Monic Slingerland deze week aan de lezer. Die zijn het onderling niet helemaal eens.   

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden