Een Parijzenaar in Amerika

Het oor is behoudend. Muziekliefhebbers huiveren nog steeds van ontwikkelingen in de vorige eeuw zoals het vaarwel van Schönberg aan de tonale muziek. In een serie portretten probeert Trouw de angst voor moderne muziek weg te nemen. Vandaag het zesde deel.

'An American in Paris' werd door George Gershwin gecomponeerd in 1927. Het stuk probeert muzikaal de ervaringen van een Amerikaan (Gershwin zelf) in Europa hoorbaar te maken. Gershwin schreef het gedurende een Europa-trip op luxe hotelkamers in achtereenvolgens Parijs, Londen en Wenen. Het is een luchtige, lichte Gershwin-potpourri waarin claxonerende auto's in de toen al drukke lichtstad een prominente, maar amuserende rol spelen. De première in New York op 13 december 1928 was een eclatant succes.

Een grotere tegenstelling met Gershwins compositie dan het ongeveer tegelijkertijd geschreven 'Amériques' van Edgar Varèse (1883-1965) is nauwelijks denkbaar. 'Amériques' was het eerste stuk dat Fransman Varèse in Amerika schreef: het beschrijft de immense indrukken van 'A Parisian in America'. Geen autoclaxons, maar stoombootfluiten en loeiende sirenes zijn de typerende geluiden in de compositie. Weinig amuserend, eerder dreigend.

Vlak voor oudjaar 1915 was Varèse in New York aangekomen. Zijn eerste kennismaking met de stad was verpletterend in meerdere opzichten. Een niet-claxonerende auto reed hem van de stoep en Varèse raakte zo zwaar gewond dat hij elf weken in het ziekenhuis moest doorbrengen. Maar ook ontmoette hij er in die eerste tijd Marcel Duchamp, Man Ray, Enrico Caruso en Fritz Kreisler. Varèse raakte zo onder de indruk van stad en haar bewoners dat hij besloot te blijven.

In 1920 begint Varèse aan 'Amériques' te werken en hij voltooit de immense compositie in 1921. De première ervan vindt pas plaats op 9 april 1926 (twee jaar voor Gershwins 'An American in Paris') in Philadelphia onder leiding van Leopold Stokowski; drie dagen later gaat het stuk in de Newyorkse Carnegie Hall eveneens onder Stokowski. Beide uitvoeringen ontketenen een groot schandaal. Ook bij de Europese première in 1930 in Parijs breekt onder het publiek groot tumult uit.

Edgar Varèse lijkt een van de meer cryptischer figuren uit de muziekgeschiedenis van de 20ste eeuw. Van muziek en schepper gaan echter in deze tijden een vreemd soort aantrekkingskracht uit die relatief grote massa's in vervoering brengt. Bij de muziek van Schönberg lopen nog steeds mensen de zaal uit, maar bij Varèse is dat nooit meer het geval. Sterker nog: toen Riccardo Chailly in Amsterdam met het Koninklijk Concertgebouworkest aan het compleet uitvoeren van Varèse's werken begon, zat de zaal steeds vol, met als climax de uitvoeringen van de originele partituur van 'Amériques', waarvoor zelfs liefhebbers teleurgesteld moesten worden. Chailly en het Concertgebouworkest werden tijdens hun Varèse-reis met opname-microfoons gevolgd en de dubbel-cd met het complete oeuvre die Decca later uitbracht, werd met een Edison bekroond en verkocht in - voor dit repertoire - onvoorstelbaar geachte aantallen.

Hoe komt het dat Varèse's muziek op tegenwoordige oren meer indruk maakt dan die van Schönberg? Hun muziek is op het eerste gehoor even ingewikkeld, even ondoorgrondelijk. Het heeft er wellicht mee te maken dat Schönberg vaak te academisch blijft, te veel gevangen en verstrikt geraakt in het door hemzelf ontdekte twaalftoonsysteem. Varèse verstaat de kunst om iets los te maken bij zijn toehoorders, zijn muziek kruipt als het ware onder de huid. Het is zinnelijke muziek en in die optiek is het niet verwonderlijk dat Varèse vaak sirenes gebruikt: een sirene is immers niet alleen een lawaaierig brandalarm, maar a siren, eine Sirene, une sirène en una sirena is ook de zinnelijke en verleidelijke nimf die mannen het hoofd op hol jaagt.

,,Als je de muziek van Edgar Varèse voor de eerste keer hoort'', schreef ooit Dieter Schnebel, ,,ben je evenzeer onthutst als gefascineerd door de lichamelijkheid van haar klank. Dat, wat klank is - namelijk vibrerende lucht - kun je in Varèse's muziek bijna lijflijk voelen: je hoort niet alleen de trillingen, maar je voelt ze op de huid, zozeer dat je dergelijke muziek eigenlijk geheel ontkleed zou moeten beluisteren om de galm zo mogelijk van alle kanten op je in te laten werken. Volledig de sonoriteit induiken niet alleen met je oren, maar met je hele lijf.''

'Amériques' onderga je als een totaalervaring met de oren als pioniers in een onbekend klanklandschap. Varèse koos de titel niet alleen als eerbetoon aan zijn nieuwe domicilie, maar ook als een 'symbool voor ontdekkingen - nieuwe werelden op aarde, in de lucht of in de geest van mensen'. Varèse was een zoeker, een onbegrepen zoeker vond hij zelf, met alle depressies en zelfs zelfmoordpogingen die daarbij horen. Hij kon de gekmakende voorstellingswereld van nieuwe klanken in zijn hoofd eindelijk van geluiden voorzien toen hij in 1953 van een anonieme bewonderaar een ultramoderne Ampex tape-recorder cadeau kreeg, waarmee hij elektronische geluiden kon creëren. ,,We hebben heel hard een nieuw soort instrumenten nodig'', had Varèse al in 1916 gezegd, maar het is wonderbaarlijk hoeveel 'nieuwe' geluiden de componist kon verzinnen met de aloude, vertrouwde strijkers, blazers en slaginstrumenten. In 'Amériques' gaan die - samen met die onheilspellende sirene - een unieke chemische verbinding aan. In zijn latere stukken heeft Varèse zelden - zelfs niet met behulp van de hem ter beschikking gestelde elektronica - een meer hallucinerende en futuristische klankenkosmos geschapen dan in de 'nieuwe wereld' van 'Amériques'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden