Een onbemand leven

Rob Schouten bespreekt Nederlandse klassiekers over familie

Kan literatuur werkelijk troosten of louteren zoals bijvoorbeeld muziek dat kan in tijden van rouw?

Je zou het wel denken als je bijvoorbeeld Vondels gedicht Kinder-lijk over zijn gestorven zoontje Constantijn leest: "Moeder, zei hij, waarom schreit gij."

Ook Willem Bilderdijk begroef verschillende van zijn kinderen en dichtte er over ('Ontwikkeld deeltjen van my-zelven, - Beminlijk, dierbaar kind - vaarwel!'), maar hij had nogal de neiging tot bulderen en bulken. Ik denk niet dat zijn lezers erdoor geroerd, laat staan getroost werden. Het ging ook eigenlijk meer over hemzelf dan over zijn kind.

Met kindersterfte als wijdverbreid verschijnsel was het trouwens misschien niet eens zo'n bijzonder evenement.

Pas in de moderne tijd wordt het verlies van een kind een ware tragedie, die nogal wat schrijvers naar de pen drijft. A.F.Th. Van der Heijdens 'Tonio', een requiem voor zijn verongelukte zoon, is het meest recente en indrukwekkendste voorbeeld. Maar ook dichteressen als Anna Enquist, Esther Jansma en Hester Knibbe beschrijven hun gevoelens bij de dood van hun kind in ontroerende, soms ook heel bittere verzen.

De indringendste tekst op dit vlak kwam een paar jaar geleden van P.F. Thomése, die in 'Schaduwkind' de vroegtijdige dood van zijn dochtertje beschrijft, ingetogen en sober maar met een stom verdriet. Het is als Fauré's Requiem onder de literaire dodenmissen: sereen. Thomése zoekt in dit dunne, witte boekje naar taal om het onbevattelijke gemis te verwoorden: "de taal heeft geen zin om mij te begrijpen, zich bij mij neer te moeten leggen".

Om de feiten gaat het in 'Schaduwkind' niet, je komt er niet achter waaraan zijn dochtertje is gestorven, niet hoe ze heet, het is een bijna onstoffelijk verhaal. Samen met de schrijvende vader sluipt de lezer op kousevoeten door stille kamers, zoekend naar wijsgerige troost, naar heideggeriaans niets.

Het is bijna onbegrijpelijk dat er nog taal stroomt of sijpelt uit dat stomme verdriet: "Je hebt je uit de wereld teruggetrokken en je weer aan ons toevertrouwd. Wat je hebt laten liggen, is een toekomst die niemand meer toekomt, een onbemand leven dat er altijd zal zijn zonder ooit een spoor na te laten."

Thomése beschrijft hoe sterven geen kwestie van een moment is maar iets wat duurt, iemand, het kind, sterft in je voort, almaar en steeds opnieuw. Tijd en ruimte vallen weg.

'Schaduwkind' is in de naoorlogse Nederlandse literatuur een uniek monument voor het woordeloze verdriet dat een kinderdood brengt, heel voorzichtig, breekbaar en tastend, moeilijk om te lezen ook, ik moest geregeld slikken. Zo wereldontheven dat je het tot in je diepste vezels voelt.

P.F. Thomése: Schaduwkind. Atlas Contact, 2003

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden