Een onaardse schoonheid kenmerkte Jane Morris. Ze werd het levende kunstwerk van Dante Rossetti.

Ze moet van een nimmer geziene schoonheid zijn geweest. Als dochter van een stalknecht stond ze in het Victoriaanse Engeland aan de verkeerde kant van de samenleving, maar door haar huwelijk met een van de beroemdste kunstenaars van haar tijd én door haar omgang met een nog beroemdere collega van haar echtgenoot is haar naam niet meer weg te denken uit de geschiedenis van bijzondere vrouwen.

Jane Morris, geboren als Jane Burden, is de dromerig starende vrouw op tientallen schilderijen van de prerafaëlieten, de Britse schildersbeweging die zo ontevreden was met de ontwikkelingen in de destijds moderne kunst dat ze als een groep een vuist wilden maken en zich tot de schilderkunst van de vroeg-renaissance (met schilders als Giotto, Veronese, Titiaan) bekeerden. Vandaar dat Jane Morris, echtgenote van William Morris en het vaste model van Dante Gabriel Rossetti, er als een Italiaanse schoonheid uitziet. Voor Rossetti, die haar als een levend kunstwerk beschouwde, oogde Jane Morris als een mysterieuze verschijning van wie de kijker zich afvraagt wie deze vrouw wel is en wat er in haar omgaat. Daarom ook de vraag, die op de tentoonstelling van Rossetti in het Van Gogh Museum in Amsterdam maar zijdelings wordt beantwoord: wie was Jane Morris (1839-1914), geboren Burden? Weinig is over haar jeugd bekend. Ze schuift de geschiedenis bijna geruisloos in met een kort, maar veelzeggend voorval als ze op 17-jarige leeftijd samen met een vriendin in haar woonplaats Oxford naar een theatervoorstelling gaat. Het verhaal wil dat ze bij het uitgaan van de voorstelling tegen de schilders Rossetti en Morris opbotste, waarbij de twee kunstenaars onmiddellijk onder de indruk raakten van haar schoonheid.

Dante Gabriel Rossetti (1828-1882) en William Morris (1834-1896) waren beiden al wat ouder en bovendien van goede komaf. In het Engeland van de negentiende eeuw, met zijn nauwkeurig bepaalde standenmaatschappij, gaven rijk en arm zich nimmer met elkaar af. Maar zowel Morris als Rossetti waren in de eerste plaats kunstenaars die een leven als bohémien voor zich hadden. Morris zou binnen enkele jaren met de jonge Burden trouwen. Een huwelijk dat de nodige wenkbrauwen deed fronsen. Zo merkte de dichter Charles Algernon Swinburne die tot Rossetti's vriendenkring behoorde op: ,,Het idee dat hij (Morris) met haar trouwt, is krankzinnig. Haar voeten kussen is het hoogste waar een man van zou moeten dromen.''

Rossetti was op het moment van hun eerste kennismaking al verloofd met een vrouw die vooral model heeft gestaan in het vroege werk van hem. Sinds 1851 was hij geëngageerd met Elisabeth Siddal, een verloving die pas in 1860 in een huwelijk zou worden omgezet. Lang heeft het echtpaar geen geluk beleefd: Elisabeth Siddal, die vaak ziekelijk was, stierf in 1862. Ze is lang Rossetti's vaste model geweest, tot hij Jane Burden ontmoette.

Al in het jaar van hun ontmoeting (1856) vroeg hij Jane te poseren voor een reeks muurschilderingen in de zogeheten Debating Hall van de Oxford Union Society. Of Rossetti en Burden meer met elkaar hadden dan een relatie van kunstenaar en zijn model, is niet bekend. Feit is wel dat ze na de dood van Rossetti's eerste vrouw Elisabeth voor lange tijd lang bij hem introk in het gezamenlijke huis dat de schilder met zijn vriend William Morris had. Wat Morris daar nou van vond, is niet bekend. Feit is wel dat hij een tijdje in eenzaamheid te werken op prijs stelde.

Voor Rossetti was Jane Morris niet alleen schildersmodel en muze, ze groeide uit tot een autonoom kunstwerk dat hij eenvoudig maar hoefde te citeren in zijn doeken om tot een grootse prestatie te komen. Slechte vrouwen, fatale vrouwen (zoals Lilith, over wie hij ook heeft gedicht), dromerige vrouwen van het type Guinevere, de echtgenote van Koning Arthur maar ook geliefde van diens ridder Lancelot, verliefde en passionele vrouwen, voor elk van hen vond Rossetti in Jane zijn favoriete model. Een beetje bezitterig moet hij wel zijn geweest. Het valt op dat Jane Morris zich nooit rechtstreeks tot de kijker wendt. Ze staart met haar grote ogen in een verre toekomst of is met gans andere, misschien wel etherische zaken bezig.

Altijd staat haar schoonheid voorop. De Amerikaanse schrijver Henry James, die haar in 1869 zag, kon zijn bewondering niet verbergen: ,,Een figuur uit een gebedenboek geknipt (...) maar dit geeft slechts een vaag idee van haar, want als zo'n beeld van vlees en bloed wordt, is het angstwekkend en wonderbaarlijk intense verschijning''. Maar het meest had hij aandacht voor het smalle, bleke gezicht met 'een paar vreemde, trieste, diepe, donkere Swinburne-achtige ogen, met grote, dikke, zwarte, schuine wenkbrauwen'.

Jane Morris heeft Rossetti vele jaren overleefd (haar wettelijke man trouwens ook), wat haar er toe bracht om minstens nog één langdurige verhouding aan te gaan. Maar haar faam als onaardse schoonheid was toen al ruimschoots gemaakt en de nieuwe amant was niet in staat om daar ook maar iets aan bij te dragen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden