Een oermens die voor kriebel in je buik zorgt

De broers Adrie en Alfons Kennis maken reconstructies van aap- en oermensen voor musea. Schedels, skeletten en ander genetisch materiaal vormen het uitgangspunt.

Het reconstrueren van een oermens is een tijdrovend proces. De tweelingbroers Adrie en Alfons Kennis uit Arnhem brengen elke spier, rimpel en elk lichaamshaartje één voor één met de hand aan waarbij schedels, skeletten en ander genetisch materiaal het uitgangspunt vormen. "We hebben het hoogste bereikt in ons vak", zeggen de broers. Maar de computergeneratie hijgt in hun nek.

De afgelopen twee jaar werkten Kennis en Kennis, zoals ze zichzelf noemen, onder hoge druk aan zes reconstructies van onze voorouders voor het Deense cultuurhistorische museum Moesgard in Aarhus. De zes beelden staan prominent opgesteld op de 'trap der evolutie', bij de ingang van het museum. Voor de gebroeders Adrie en Alfons Kennis (48) was het de omvangrijkste museumopdracht tot nu toe. Hun reconstructies van aap- en oermensen staan in musea over de hele wereld. Onder meer maakten ze een reconstructie van de ijsmummi Ötzi, wiens lichaam ruim 5.000 jaar in het gletsjerijs op de grens tussen Oostenrijk en Italië lag. Het werk van Kennis en Kennis haalde meerdere malen de cover van National Geographic en werd besproken in het wetenschappelijke blad Science. De broers maken alleen wetenschappelijk kloppende illustraties en beelden van mensen en dieren die echt hebben bestaan.

Tegelijk met de opdracht voor het Deense museum werkten de broers de afgelopen periode aan een Neanderthaler en een Homo Sapiens voor het prestigieuze Natural History Museum in Londen. "Acht beelden in twee jaar, het was een enorme klus", zeggen de tweelingbroers terugkijkend op die hectische periode waarin ze bovendien problemen hadden met het siliconenrubber, één van de belangrijke materialen waarmee ze werken. "Het ging zweten en loslaten, bbrrrraaaah", zuchten de broers, die met een aanstekelijk enthousiasme, weidse gebaren, in hoog tempo én in stereo over hun werk praten. Nu ook in Denemarken de beelden op hun voorname plek staan, is de spanning weggevallen.

'Lucy' met brutale blik

In het Deense museum staat 'Lucy' bovenaan de trap der evolutie. Een reconstructie van de 3,2 miljoen jaar oude rechtop lopende mensensoort. Hoewel, reconstructie is een term die de lading niet dekt. Want vraag je de internationale experts van het pas verbouwde Moesgard Museum, dan zijn ze het allemaal eens: Adrie en Alfons Kennis zijn de besten in hun vak. 'Lucy' is niet alleen een beeld van een rechtop lopende soort, van wie de hersenen iets groter waren dan die van een chimpansee. De austronesische afarensis van de gebroeders Kennis staat in het museum met een ongelofelijk levendige en brutale blik. Kijk je Lucy (107 cm) diep in de bruine ogen, dan kriebelt het even in je buik, zo écht lijkt ze. In een flits word je de geschiedenis van de mensheid ingezogen.

"Eigenlijk wilde het museum zes oermensen hebben die in actie waren", vertelt Adrie, terwijl hij met twee vuisten een hamerend gebaar maakt. "Dat vond ik niks. Wij laten onze beelden over het algemeen weinig doen. Ze staan op de een of andere manier naar je te kijken, zodat er een contact ontstaat met de toeschouwer. Dit is geïnspireerd op oude antropologische films en foto's van ontmoetingen tussen westerse lieden en weinig bezochte stammen. Het is leuk om te zien hoe die mensen op elkaar reageren. Die sfeer willen wij neerzetten."

"Een actie als rennen, vuistbijl maken, speerwerpen, enzovoort, leidt te veel af. Je maakt geen contact", vult Alfons aan. Een beeld contact laten maken is moeilijk, benadrukt hij. "Je moet zorgvuldig zijn met de anatomie van een gezicht. Daar kunt je niet van afwijken. Het vormt een groot deel van het karakter. Maar met de mimiek kun je een karakter versterken en interessanter maken. Dat kost ons nóg meer tijd dan het werken aan de anatomie van een hoofd. Daarbij gaat het om smaak en soms doorploeteren tot het gezicht iets met je doet", vult Alfons aan.

"Wij wilden geen clichés. Zo van: dit is de Neanderthaler. Wij wilden beelden die contact maken met de bezoeker. Daarom hebben we ons idee met hand en tand verdedigd en uiteindelijk begrepen ze wat we bedoelden. Tegelijkertijd wilden we laten zien dat het altijd om individuen gaat. De evolutie verliep niet van A naar B naar C, maar er was eerder sprake van een mozaïek-evolutie. Sommigen lijken op ons, anderen hebben een heel vreemd gezicht. Het museum ging om en uiteindelijk mochten we naast de zes beelden ook nog een serie van witte kunstharsen hoofden van verschillende oermensen maken, waarvan er een aantal parallel leefden", vertelt Alfons.

Andere paleo-kunstenaars die op dit niveau werken - ze zijn op één hand te tellen - maken hun reconstructies vaak 'te mooi', vinden Adrie en Alfons, autodidacten en van oorsprong illustratoren. Op school waren ze alléén goed in tekenen, zeggen ze zelf. "Als je oude antropologische foto's van inheemse volkeren bekijkt, kom je de prachtigste dingen tegen. Bijvoorbeeld een inwoner van de Molukken met een enorm kapsel, zeg maar een soort koraalrif op het hoofd. Oermensen waren fantasierijker dan wij denken. Een homo sapiens met een bamboekoker door de neus, dat mag best. Voor sommige collega's is een staartje in het haar al heel wat", zegt Adrie.

Robuuste kaken

Waar hun kracht ligt? In het contrast dat ze in hun beelden leggen, menen ze. "Een masculiene Neanderthaler, die stevig en robuust is, zetten we juist in een vrouwelijke pose", zegt Adrie. "Of we laten een stoere houding en robuuste kaken juist contrasteren met een vrouwelijke mond of een wipneus", vult Alfons aan. "Bij het beeld voor het museum in Londen heb ik bijvoorbeeld één wenkbrauw laten zakken. Dat kun je niet afleiden aan de schedel. Je moet het toeval durven toelaten", zegt Alfons. Voor de haren die ze één voor één innaaien gebruiken ze haren van Schotse hooglanders, de yak en de muskusos. "Maar ook van die nep extensions, van die afrodreads", grinnikt Alfons.

Een ander beeld dat de gebroeders Kennis maakten voor het Deense museum is de australopithecus sediba ('Karabo'), twee miljoen jaar oud, waarvan het skelet zes jaar geleden is gevonden in Zuid-Afrika. Het is de eerste reconstructie van het hele lichaam van Karabo ooit. Via hun contacten in de museumwereld ('wheelen en dealen', zegt Alfons), kregen ze een afgietsel van het skelet. Voor de reconstructie van de homo floresiensis, een aantal jaar geleden gevonden op het Indonesische eiland Flores, kregen ze scans van het skelet in ruil voor een hars versie van hun beeld.

"Regeringen zijn er niet happig op om dergelijk materiaal uit handen te geven. Het is onze mazzel dat we kunstenaars zijn en geen wetenschappers, want dan hadden we zo'n skelet nooit mogen bekijken omdat we er dan over hadden kunnen publiceren."

Naakte beelden

Uit ervaring weten ze dat hun beelden emoties oproepen omdat ze naakt zijn. "Toen we aan het begin van de samenwerking met het Deense museum een aantal dia's lieten zien van ons werk, dacht ik: 'Oeh, dit wordt link.' Het zijn vooral de ouders die zich druk maken. In het museum in Londen had een echtpaar erover geklaagd dat hun dochter enorm geschrokken was. Ze begrepen het niet: een Neanderthaler leeft in de kou, dus waarom was hij naakt?" lachen de twee broers, terwijl ze bijna gelijktijdig vragend hun handen in de lucht steken. Daarna meteen weer serieus: "In de ijstijd lag er ijs en sneeuw, maar in Mongolië op de steppe was het heet en droog. Mensen waren de hele dag buiten en werden gebruind door de zon. Daarom maakten wij bijvoorbeeld voor het museum in Londen een Neanderthaler met een donkere kop en een witte bast. Het wielrenner-effect. Denk maar aan de Tour de France-renners, die hun shirtje uittrekken."

Het Deense museum koos bewust voor de naakte beelden. "Maar ik moet het nog zien", zegt Adrie. "In het Neanderthaler Museum in Mettmann (in Duitsland, red.) was het ook oké, maar na een paar weken hing er toch een schaamlap voor."

Bij de ingang van het Deense museum kunnen de bezoekers de gebroeders Kennis in een vier minuten durende film aan het werk zien in hun werkplaats in Arnhem. In de film beweegt de eeneiige tweeling zich bijna synchroon, met zelfde lichaamstaal en dezelfde gezichtsuitdrukking. Verdiept in hun eigen wereld. Als het beeld uiteindelijk uit de mal komt, moet je onwillekeurig denken aan een geboorte.

"Niemand kan stilistische verschillen zien in ons werk, omdat de mix van onze twee stijlen één complex geheel vormt", zegt Alfons. We zijn enorm bezig met 'ons ding'. Wanneer wij het eens zijn, weten we dat het goed is", vult Alfons aan.

"We hebben het hoogste bereikt in ons vak. Het Natural History Museum in Londen is het grootste ter wereld. Maar wij zijn zelf binnenkort ook een uitgestorven soort", zegt Adrie. "Wij zitten nog haartje voor haartje in te naaien. Het duurt niet lang meer en de computergeneratie neemt over. Die maken straks een hologram en klaar."

Onder meer te zien in:

Engeland, Londen: Natural History Museum

Duitsland, Mettman: Neanderthaler Museum

België, Onoz: Museum Espace de'Homme de Spy

Italië, Bolzano: Museum Archeologico dell'Alto Adige (reconstructie Ötzi de ijsman)

Nederland, Leiden: Museum Naturalis

Denemarken, Aarhus: Cultuurhistorisch museum Moesgard

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden