Column

Een nieuwe index voor economische groei?

Aan vuilnis is nooit een gebrek in Griekenland, zeker niet als de vuilophaaldienst staakt, zoals is te zien in bovenstaande foto.Beeld AFP

Duitsland wordt de laatste jaren vaak de economische motor van Europa genoemd. Het land doet het beter dan Nederland, Frankrijk en de zuidelijke eurolanden. Toch haalde de Duitse economie vorig jaar maar net positieve cijfers. Hetzelfde geldt voor de voorspelling voor het lopende jaar. Geen wonder dat Europa met zo'n pruttelende motor economisch in het slop blijft.

De veruit best presterende economieën in de Europese Unie zijn die van de Baltische staten. Zij maakten direct na de kredietcrisis een voor ons onvoorstelbare krimp mee - in Letland daalde de economie in één jaar (2009) zelfs met 18 procent - maar hun kleine economische motortjes draaien inmiddels alweer jaren op volle toeren.

In Letland bedroeg de groei zowel in 2011 als in 1012 5,5 procent; de voorspellingen voor 2013 en 2014 liggen voor alledrie de landen tussen 3 en 4 procent groei. De gedachte dat de euro als zodanig bevorderlijk is voor economische groei, wordt hier overigens gelogenstraft door het feit dat twee van de drie landen (nog altijd) hun eigen munt hebben. En Estland, dat in 2011 zijn kroon inwisselde voor de euro, draait niet beter dan de beide andere Baltische landen.

Armer, maar minder verwend
Statistisch zijn de inwoners van de Baltische staten net iets armer dan de Grieken, en maar half zo rijk als de Nederlanders. Maar de Balten zijn minder verwend; zij hebben in hun recente geschiedenis vol nationaal-socialistische en vooral communistische staatsterreur wel erger tijden meegemaakt en zetten nu liever hun schouders onder hun economie dan te klagen of te staken.

Dat het inkomen per hoofd van de bevolking zoveel lager ligt dan bij ons, vormde voor de Balten voorts geen excuus om dan maar de overheidsuitgaven op te schroeven. Het overheidstekort van Letland ligt rond 1 procent; de Estse (liberale) regering heeft het staatshuishoudboekje zelfs geheel op orde.

In Litouwen is het tekort iets hoger, maar ook de Litouwers doen het beter dan wij. De staatsschuld ligt in Letland en Litouwen, met rond 40 procent van het BBP, op ongeveer de helft van het Nederlandse niveau; in Estland - met rond 10 procent - is de staatsschuld verwaarloosbaar. Vergelijk dat eens met een Griekse staatsschuld die nu al naar 175 procent is gestegen.

Toekomst zonniger voor Balten dan voor Grieken
Dat de vooruitzichten voor Estland, Letland en Litouwen heel wat beter zijn dan die voor Griekenland blijkt niet alleen uit dergelijke cijfers en uit de prognoses van IMF en Europese Commissie, maar is ook uit alledaagse waarnemingen als reiziger af te leiden. Ten eerste spreken Balten onder de veertig jaar allemaal goed Engels, veel beter verstaanbaar bovendien dan wanneer een Fransman of Zuid-Europeaan die taal probeert te spreken.

Na het herwinnen van hun onafhankelijkheid in 1991, is in de Baltische landen het Engels als tweede taal in het onderwijs ingevoerd. De drie landen zijn Westers gericht, al sinds in de dertiende eeuw Hanze-handelsbanden ontstonden.

Waarschijnlijk is uit dit Hanze-verleden, ten tweede, een dienstbare instelling voortgekomen. De Balten houden rekening met vreemdelingen en hun mogelijke behoeften; zij organiseren hun land niet uitsluitend ten behoeve van de eigen beperkte familie- en kennissenkring.

Wie met de bus - nee, ik bedoel niet een touringcar, maar de gewone lijnbus - bijvoorbeeld Letland intrekt, treft zelfs bij haltes waar in een wijde omtrek amper bebouwing is te vinden, steevast keurige halte-aanduidingen en tijdtabellen aan. Kom daar maar eens om in Griekenland, waar je vaak aan de lokale bevolking moet vragen waar de bus wordt geacht te stoppen. En indien er in Griekenland wel een halte-aanduiding is, zul je meestal nog vergeefs naar een vertrektijdentabel zoeken.

Netter
Balten zijn niet alleen betere organisatoren, zij zijn ook anderszins beduidend netter. Langs Baltische wegen tref je niet gauw afval aan. Daarentegen zijn de Grieken uiterst bedreven in het omtoveren van welke berm dan ook in een vuilnisbelt. Reeds op basis van deze taal-bushalte-vuil-index durf ik wel te voorspellen dat de Balten meer economische voorspoed dan de Grieken tegemoet gaan.

De vuil-factor zou ons eigen land trouwens te denken moeten geven. Weliswaar zijn wij (nog?) niet zulke smeerkezen als de Grieken, qua properheid scoren Tallinn of een Letse landweg beduidend beter dan Amsterdam of een gemiddelde Vinex-wijk. Misschien een idee om niet alleen het huishoudboekje in 'Baltische' orde te brengen, maar ook de openbare ruimte weer eens schoon te houden?

Patrick van Schie is historicus en directeur van de Teldersstichting, het onafhankelijk wetenschappelijk bureau ten behoeve van het liberalisme gelieerd aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

 
Dat de vooruitzichten voor Estland, Letland en Litouwen heel wat beter zijn dan die voor Griekenland is ook uit alledaagse waarnemingen als reiziger af te leiden.
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden