Een moordhuis

In de maand van het Spannende Boek gaat het dit jaar over de plek waar de misdaad is gepleegd. In boeken en films zijn dat niet altijd oude, afgelegen huizen met piepende deuren. Ook universiteiten zijn geliefd. Soms zelfs lieflijke dorpjes. De schrijver W.H. Auden had daar een theorie over.

In 'Het graf' van Henning Mankell, dit jaar het geschenk ter gelegenheid van de maand van het spannende boek, overweegt inspecteur Kurt Wallander een huis op het platteland te kopen. Weg uit de hektiek van het door misdaden geteisterde Zweedse Ystad. Hij wordt te oud, vindt hij. ,,Te oud voor mezelf en te oud voor mijn beroep''.

Als een collega hem tipt over een huis dat te koop staat, besluit hij een kijkje te gaan nemen. Het is even rijden. Als lezer voel je de bui dan al hangen. Ja hoor: piepend hek, vervallen tuin, krassende kraaien, kastanjeboom. Wel een prettige stilte, vindt Wallander dan nog. Binnen ruikt hij oudemannengeur. De meestal flegmatieke, nurkse Kurt raakt toch enthousiast, onderhandelt telefonisch over de prijs, en begint in gedachten al te verbouwen. En dan struikelt hij in de tuin. Eerst heeft hij het nog niet zo door, maar als hij voor vertrek nog even checkt, ziet hij het. Een hand, recht omhoog stekend vanuit de grond. Er is een graf. Een ontbindend lijk. Een onbekende vrouw. Een moord. Natuurlijk!

Het is de ultieme moordlocatie: het afgelegen huis. Een prototype. 'The terrible place', zoals Carol Clover het noemt in haar studie naar horror-films en thrillers. Beroemdste voorbeeld is Norman Bates' huis in 'Psycho' van Hitchcock, sindsdien in verschillende variaties eindeloos herhaald. Het geïsoleerde huis dient als voorbode van die locatie die het einde van alles is. Vandaar ook de titel van de novelle die verwijst naar de doodsangst die je kan bespringen in de stilte en die er loert in iedere donkere hoek. Zo'n oord is een plek die om een lijk schreeuwt en in dit geschenk naar aanleiding van het thema 'de misdaadlocatie', zal je in zo'n huis dat lijk zeker ook vinden.

Waar ben je liever niet? Dat is de vraag die je je zou moeten stellen als je na gaat denken over ideale misdaadlocaties in thrillers en detectives. Na het zien van een thriller als 'Psycho' is die vraag gemakkelijk te beantwoorden. Liever niet in een huis ver weg, alleen met Anthony Perkins.

Hoewel we die enge plek al in zoveel varianten hebben gezien in films of erover hebben gelezen in boeken, lukt het zo'n echt misdadig oord iedere keer opnieuw toch weer om heel eng te zijn. Zo diep zetelt de doodsangst wel. Je hoeft maar een blik te werpen op het half oplichtende gezicht van Rex die in de film 'Spoorloos' (naar 'Het Gouden Ei' van Tim Krabbé) met vlammende aansteker ontdekt dat hij net als zijn vriendin Saskia levend begraven is en je keel knijpt dicht. Er is geen bloed nodig, geen geweld, geen dood lichaam. Alleen maar een angstschreeuw, houten planken en een wegstervend vlammetje.

Toch is de enge plek niet de enige traditionele locatie in misdaadromans. In de traditie van de klassieke whodunit schuilt de misdaad juist liever daar waar je in principe best graag wil zijn. Deze klassieke detective onderscheidt zich hierin van de thriller of misdaadroman. Neem het vredelievende 'St Mary Mead' van Miss Marple: een oord met oude juffrouwen, een kerk, een pastorie, twee landhuizen. Of het Oxford van Inspector Morse. Pubs met tapijt tot in de wc en oude academische gebouwen die nog naar eeuwig durende studie ruiken. Naar boeken, bibliotheek en oude stenen. Ook wordt de misdaad wel gelocaliseerd in een gerespecteerd museum, zoals in het Louvre in de 'Da Vinci Code', de encyclopedische bestseller van Dan Brown.

De Engelse dichter en detective-lezer W.H. Auden schreef over die voorkeur voor heldere locaties als universiteiten, kloosters en dorpsgemeenschappen in het genre van de detective. Een noodzakelijke, magische formule, zo stelde hij zelfs in zijn essay 'The guilty vicarage' (1962). De beste misdaadlocatie voor detectives (te onderscheiden van de misdaadroman en de thriller) was volgens hem zo'n schijnbaar ongeschonden oord: een onschuldige, gesloten samenleving. Liefst een plek waar het lijk extra misplaatst oogt. Dus liever vind je de dode op het parket dan in de sloppenwijk, liever op het platteland dan in de stad. Wanneer je een misdaad laat gebeuren in een crimineel milieu, dient dat niet het escapisme van de detective-lezer, maar dan gaat het om een serieuze, realistische reflectie en dus om literatuur, meende Auden. Dat laatste gold volgens hem voor de boeken van Raymond Chandler, de misdaadroman-schrijver die zich tegen de conservatieve detective keerde en stelde dat het lijk in haar natuurlijke habitat moest worden neergelegd: in de stad, tussen de gangsters.

De detectivelezer is, volgens Auden, iemand die gepreoccupeerd is met de zonde en die van die schuld bevrijd wil worden. Idealiter draait de detective daarom om een schijnbaar onschuldige gemeenschap die plots niet zonder zonde blijkt; vaak is er een moord die eerst een zelfmoord lijkt; verschillende mensen blijken schuldig te zijn, zij het aan mindere vergrijpen; aan het slot kan de echte schuldige verbannen worden door toedoen van de geniale buitenstaander. Dat moet een buitenstaander zijn omdat een betrokkene niet minder geloofwaardig is. Pas na die verbanning wordt de ware onschuld gevestigd. Het detectiveverhaal, zo stelde Auden, onderstreept de Socratische gedachte: de echte zonde schuilt in de onwetendheid.

Hoe hoger de aspiraties, hoe beschamender de smet, en hoe bevredigender het is wanneer die smet toch kan worden verwijderd. Zo ongeveer ging Audens gedachtegang. Vandaar die voorkeur voor universiteiten. Moord maakt van de professor die de waarheid dient niet alleen een slecht mens maar ook een slechte professor. In sommige opzichten is Audens analyse gedateerd. De speurders zijn bijvoorbeeld al lang niet meer de door hem aangewezen geniale geesten van onbesproken handel en wandel, gelijk de door hem bewonderde Sherlock Holmes. Kijk naar Morse of Wallander. Het zijn melancholieke mannen met stokpaardjes en blinde vlekken.

Tegenwoordig gelooft niemand nog in de ongeschonden identiteit van universiteiten of kloosters, hoe gewild de locaties ook zijn. De meeste lezers staan bij voorbaat even sceptisch tegenover de dons van Oxford als Morse zelf doet, die als gesjeesd student maar doorleefd intellectueel een moeizame relatie had met de professoren, zeker zo moeizaam als met zijn anti-intellectuele commissaris. Goed en kwaad zijn ook niet meer strikt gescheiden in de moderne detectives en dat heeft ook zijn invloed op locatie en setting.

Maar er is in hedendaagse setting opvallend veel nog wel geldig van Audens analyse. Lees bijvoorbeeld de tweede thriller van Saskia Noort: 'De eetclub', afgelopen week genomineerd voor 'De Gouden Strop'. Een moderne whodunit. Net als haar vorige boek 'Terug naar de kust' is het verhaal gesitueerd in Bergen, Noord- Holland, al wordt het dorp deze keer niet bij name genoemd. Het Bergen van Saskia Noort is bepaald niet het door de schrijvers bejubelde Bergen. De plek waarover J.C. Bloem lyrisch dichtte: 'Hier scheen de macht van 't onheil te vergaan'. Wel is het een plek waar iedereen heel erg zijn best doet om het paradijselijk te laten lijken. De Bergense, sexy, 'high society' eetclub van Saskia Noort excelleert in het ophouden van de schone schijn, in een veel valsere vorm dan ooit de juffrouwen in 'St Mary Mead' van Agatha Christie. Als je zulke vriendinnen hebt, dan heb je geen vijanden meer nodig. En juist omdat er bij de oplossing van de zelfmoord die moord blijkt, geen sprake is van de geniale, onbesproken speurster van buitenaf, maar van een lid van de club die wel naief maar bepaald niet zonder zonde is, weet de schrijfster tot het einde de spanning erin te houden. Ook in het eigentijdse 'De Eetclub' wordt de misdadiger uiteindelijk verwijderd, maar op herstel van de paradijselijke staat in Bergen zal dan geen lezer meer rekenen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden