Een minderheid van één individu

Literaire roem kan snel ontstaan, bewijst Imre Kertész. Tien jaar geleden had bijna niemand van hem gehoord, gisteren werd hem de Nobelprijs voor de Literatuur toegekend.

Voor zijn belangrijkste roman 'Onbepaald door het lot', die hij al omstreeks 1960 voltooide, kon Kertész jarenlang geen uitgever vinden. In Hongarije had niemand belangstelling voor de kampervaringen van een joodse burger. Het thema was achterhaald en door andere schrijvers afdoende behandeld, zo luidde het oordeel.

Imre Kertész hoort thuis in het rijtje Primo Levi, Jean Amery en Paul Celan: zijn hele leven staat in het teken van de literaire verwerking van de holocaust. In 'Kaddisj voor een niet geboren kind' (1990), dat uit een lange pathetische monoloog bestaat, antwoordt de verteller op de vraag van zijn vrouw of hij kinderen wil met een bruusk 'nee'. 'Nee' is het sleutelwoord in de roman, waarin de hoofdpersoon weigert zijn leven - via nageslacht - voort te zetten.

Troost vindt de verteller, die zich zelf een 'halve dode' noemt en aan 'gevoelsverkalking' lijdt, uitsluitend nog in de literatuur en filosofie waarmee hij zich op welhaast obsessionele wijze omringt. Het is het verhaal van Kertész zelf, hoewel hij zich altijd heeft gekeerd tegen het idee dat zijn werk simpelweg autobiografisch is.

Imre Kertész werd in 1929 in Boedapest geboren, en op 15-jarige leeftijd naar Auschwitz gedeporteerd. Een jaar later werd hij in Buchenwald bevrijd. Na de oorlog werkte hij eerst als journalist en later als vertaler van vooral Duitstalige literatuur. Canetti, Freud, Nietzsche, Wittgenstein en Thomas Bernhard heeft hij volgens kenners met verve in het Hongaars overgezet. De sporen van de Duitse literatuur en filosofie zijn overal in zijn werk aanwezig; het wemelt van de citaten en verwijzingen naar de grote denkers.

Pas in 1975 verscheen bij een kleine Hongaarse uitgeverij Kertész' debuut als schrijver, de roman 'Onbepaald door het lot'. Na een maand verdween het in de ramsj. In een interview zei Kertesz daarover: ,,Er was niet alleen geen weerklank, er was in feite sprake van opzettelijke ontkenning, van Vernichtung. Het boek bestond niet. Het leek erop alsof het hele literaire bedrijf erop gericht was mijn bestaan en dat van het boek te ontkennen.''

'Onbepaald door het lot' verhaalt van een jongen die naar Auschwitz wordt gedeporteerd en daar kennis maakt met de totale ontmenselijking. Maar het hoofdstuk over zijn gevangenneming begint met de zin 'De dag daarop overkwam mij iets vreemds'. Het is kenmerkend voor de manier waarop de hoofdpersoon György Köves kijkt naar dat wat hem overkomt: zonder verwondering, zonder zijn toestand onnatuurlijk te vinden. Köves past zich aan de omstandigheden aan en overleeft.

Ook in zijn overige werk thematiseert Kertesz de 'functionele mens', de mens 'die zich voortdurend aanpast en zich een rol laat opdringen, tot hij zichzelf vergeet en alleen nog maar aan zijn bestaan denkt'. Het is niet alleen de mens die in Auschwitz moet overleven, maar ook de mens die het binnen een communistisch systeem moet zien te rooien. ,,Ik heb ook na de oorlog het leven voortgezet dat ik tijdens het nazi-totalitarisme had aangeleerd. Je moest een hol zoeken waarin je je verstoppen kon'', vertelde Kertész eens.

Schrijven is voor Kertész altijd de manier geweest om niet zelf zo'n functioneel mens te worden, deel uit te maken van een collectiviteit. Nooit heeft hij zichzelf willen zien als Hongaars schrijver, en ook niet als een Hongaarse Jood. Uit alles wat hij ooit heeft gezegd, blijkt een diep wantrouwen jegens de Hongaarse maatschappij. Hoop op begrip heeft Kertész, anders dan bijvoorbeeld Primo Levi, nooit gehad.

Ook na de 'Wende' is er in Hongarije niets veranderd, gaf hij meermalen te kennen. Kort na de val van het communisme stapte hij nog uit de Hongaarse schrijversbond uit protest tegen antisemitische uitlatingen van de vice-voorzitter. Het zal Kertész dan ook deugd doen dat hij in het rapport van het Nobelprijs-comité wordt aangeduid als 'in essentie een minderheid die bestaat uit één individu'. Pijnlijker zal het voor hem zijn dat hij in Hongarije nu wordt toegejuichd als een groot Hongaars schrijver.

Van Imre Kertész zijn in Nederland vier boeken verschenen bij uitgeverij Van Gennep: 'Het fiasco', 'Ik, de ander' (beide leverbaar), 'Kaddisj voor een niet geboren kind' en 'Onbepaald door het lot' (vanaf volgende week weer leverbaar).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden