Een Luo kan geen president worden

Ten koste van alles de macht behouden. Dat doel bepaalt de agenda van de elites van het Kikuyu-volk in Kenia. Een Luo als president is voor hen simpelweg ondenkbaar. Hoe een volksmythe de basis werd voor een behoudzuchtige elite.

In het hart van Kenia droeg God Gikuyu op een huis te bouwen. Daar, rond de hoogste berg van het land, viel de aartsvader van de Kikuyu’s niet alleen de vruchtbare grond ten deel, de Schepper schonk hem ook een vrouw. Zo wil althans de klassieke mondelinge overlevering die over de oorsprong van het Kikuyu-volk verhaalt. Zowel de grond als de hoge berg met de witte top is nog altijd heilig voor Kenia’s volkrijkste stam.

De legende zou ooit de bewuste territoriale aanspraken van de Kikuyu’s hebben gelegitimeerd. Hadden immers hun mythische voorouders zich niet al in het gebied gevestigd? Een Keniaan die uit het midden van het land komt en nu in Nairobi woont, lacht om de vraag of de mythe van de aartsvader nog een bindende factor vormt in de Kikuyu-gemeenschap. Feit is wel dat het verhaal tot op de dag van vandaag nog op scholen wordt verteld en hoe dan ook naadloos past in de huidige geografische realiteit: de Central Province van Kenia is etnisch homogeen.

Wie de huidige problemen in Kenia enigszins wil begrijpen, moet teruggaan naar de koloniale tijd en in het bijzonder oog hebben voor de landpolitiek. Met het aantreden van Jomo Kenyatta, de eerste president van de in 1963 onafhankelijk geworden republiek, veranderde er op dat gebied in essentie weinig. Kenyatta zag net als de Britse kolonisten dat landbouw de ruggengraat van de economie vormde. Maar in de ogen van de Britten bakten de Afrikanen weinig van hun eigen grondbeheer. Geheel in de koloniale geest meenden zij dat de ’inboorlingen’ het land veel efficiënter konden bewerken. En meer nog, dat aan het kleinschalige boeren een eind moest komen.

De Britse landbouwexperts kregen hun zin. Rijke Afrikanen werden in staat gesteld nog meer grond te verwerven. Dat ging uiteraard ten koste van de kleine man. „De koloniale regering bereidde zich voor permanente sociaal-economische ongelijkheid binnen de Kikuyu-gemeenschap te creëren gebaseerd op landbezit”, schrijft de Amerikaanse historica Caroline Elkins in haar boek ’Britain’s Gulag’. Volgens Elkins kwam dit neer op een schaamteloze beloning van loyalisten die erop was gericht om hun positie als effectieve, toekomstige handlangers van koloniale collaboratie te bestendigen.

Direct in de jaren na de onafhankelijkheid zette Kenyatta het grondbeleid van de voormalige blanke meesters voort. Aangezien de bakermat van ’Gikuyu’ snel was verdeeld, vestigden de in aantal zeer rap groeiende erfgenamen zich in andere delen van het land. Favoriet waren de nog schaars bewoonde weiden in de Riftvallei, de White Highlands, vernoemd naar de kolonisten die zich er goed thuis voelden. Uiteraard beperkte Kenyatta’s cliëntelisme zich niet tot land alleen. Banen in allerlei sectoren werden en worden grif vergeven.

Het effect van die vriendjespolitiek was een groeiende sociale tweedeling binnen de jonge staat. Van een natie kan men onmogelijk spreken gezien de veelkleurige etnische lappendeken die Kenia bedekt. Hoewel er inmiddels een bescheiden middenklasse is ontstaan, laat de sociale tweedeling zich anno 2008 sterk voelen. Het lompenproletariaat in de sloppen van Nairobi vormt er het beste bewijs van.

Het is bij uitstek oppositieleider Raila Odinga geweest die het groeiende ongenoegen dat letterlijk hele volksstammen niet meedelen in ’s lands welvaart electoraal wist aan te boren. Odinga, die behoort tot de Luo-stam, noemt zich sociaal-democraat en hij opereert daarmee nadrukkelijk in de traditie van zijn vader, Oginga Odinga, in zijn tijd de grote tegenpool van Kenyatta.

Zijn volk leeft overwegend in het verarmde westen van Kenia maar is in de loop der jaren uitgewaaierd, op zoek naar werk en een beter leven. Om het gechargeerd te zeggen: Luo’s zijn de krachten die werken in de bedrijven van Kikuyu’s.

Cultureel gezien leeft er een hardnekkig vooroordeel. Kikuyu-jongens worden in tegenstelling tot hun Luo-evenknieën besneden. Wie dat pijnlijke ritueel niet heeft ondergaan, is in de ogen van de eersten eenvoudigweg geen echte man: die kan natuurlijk geen president worden. De Luo’s en trouwens ook andere grote stammen onder wie de Kalenjin’s zien de dominante Bantu-sprekers als zelfzuchtig en een tikje arrogant. Kikuyu’s hadden geen moeite met het overnemen van Britse culturele gebruiken zoals theedrinken, de kerkgang, golfen en het dragen van tweedcolbertjes – de voorliefde voor popmuziek erfden zij niet, maar dat terzijde. Schijnbaar moeiteloos ook waren het de elites die dominante posities bezetten in vrijwel alle belangrijke sectoren van de Keniaanse economie, het toerisme, de koffie- en theehandel, de financiële dienstverlening, het transportwezen.

Het is de vanzelfsprekendheid waarmee de ’Kikuyu-bourgeoisie’ haar bevoorrechte positie als een natuurlijk gegeven beschouwt die de toorn en de jaloezie van veel Kenianen heeft gewekt. Voor de verkiezingen van 27 december heerste een optimistische stemming. Odinga lag voor in de peilingen. Hij roerde de trom van de gelijkheid, zei een einde te willen maken aan de etnische stammenpolitiek en pleitte voor een eerlijker verdeling van de potentiële welvaart.

De vooraanstaande clans sloeg de schrik om het hart. De gevoelsmens Odinga is in staat tot rare sprongen, zo dachten zij, straks raken we alles kwijt. Daar moest een stokje voor worden gestoken. Voor de verkiezingen circuleerden mysterieuze e-mails waaruit viel af te leiden dat binnen de top van de regerende Partij voor Nationale Eenheid (PNU) geheime afspraken werden gemaakt om koste wat kost de macht te behouden. Er zou gesjoemeld worden met stemkaarten om in president Kibaki-gezinde kiesdistricten kunstmatige stemmen te krijgen.

Het uiteindelijke verloop van het stemmen tellen tartte iedere verwachting. In de nacht van 28 op 29 december bleek de gigantische voorsprong van Odinga plotseling verdampt. In sommige Kibaki-gezinde districten liet de uitslag verdacht lang op zich wachten. Volgens de oppositie was dit te wijten aan de tijd die men ’kennelijk’ nodig had om de achterstand in te lopen met gefabriceerde stembiljetten en andere methoden.

„De regering had een plan om de overwinning veilig te stellen”, zegt een politicus van de PNU tijdens een gesprek op een terrasje in Nairobi. Het is bijna te cynisch voor woorden, maar hij sluit niet uit dat er vooraf een ’kostenanalyse’ is gemaakt van hoeveel schade het gevolg zou zijn van een gefraudeerde verkiezing.

In het begin leek Kibaki de tijd nog aan zijn zijde te hebben. De relschoppers in West-Kenia en in de sloppenwijken zouden op den duur wel moe en uitgeput hun protesten staken. Nu lijkt dat scenario niet meer zo zeker. Met name in steden als Kisumu en Eldoret is nog veel verzet. Dagelijks verliest de Keniaanse economie miljoenen euro’s. De dure resorts rond Mombasa – voor een groot deel eigendom van rijke Kikuyu-families – staan leeg. De thee-industrie heeft een klap van jewelste te verduren gekregen, plantages liggen er verlaten bij. Het transportwezen ligt op apegapen, busbedrijven kijken in de afgrond van het faillissement. En dan zijn er natuurlijk de tien- zo niet honderdduizenden die hun baan verloren. Misschien beginnen Kibaki en de zijnen zich langzaam af te vragen of zij zich wellicht hebben misrekend.

De PNU-politicus haalt zijn mobiele telefoon tevoorschijn en laat een sms’je zien, dat na de verkiezingen breed werd verspreid. „Mede-Kenianen”, lezen we. „De Kikuyu’s hebben de toekomst van onze kinderen gestolen. We vertrouwden hen in 2002 (de vorige verkiezingen, toen Kibaki rechtmatig werd gekozen en opvolger werd van Daniel arap Moi, red.). Maar ze namen alles en schoven elkaar de mooie baantjes toe. Onze hoop om hen via de stembus te wippen is vervlogen. We zijn slaven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden