Een leven als een filmscript

Van armoedzaaier tot wetenschapper en voorzitter van het nationaal Olympisch comité van de VS. 'Doorzetten' was het motto van de begaafde LeRoy Walker.

De belangrijkste levenswijsheid leerde hij van zijn moeder. Toen LeRoy Walker op negenjarige leeftijd, na het overlijden van zijn vader, bij zijn 25 jaar oudere broer Joe in New York moest gaan wonen, drukte zij hem op het hart zich vooral door niemand van het pad te laten brengen. "Als iets je in de weg staat", zei Mary Walker tegen de jongste van haar dertien kinderen, "dan kijk je het recht aan, pak je het vast en dan vind je een manier om toch je doel te bereiken."

Die opdracht zijn leven nooit door de omstandigheden te laten dicteren, bleek hij in zijn oren te hebben geknoopt. "Decennialang ben ik de eerste zwarte die dit doet en de eerste zwarte die dat doet", stelde de vroegere atletiekcoach nadat hij in 1992 de eerste zwarte Amerikaan was die voorzitter werd van het nationale Olympisch Comité. "Ik zit daar niet mee, omdat ik weet dat ik steeds op mijn merites ben beoordeeld."

Zijn lijst met verdiensten is dan ook lang. Van een jongetje dat hielp in de restaurants van zijn broer, later ramenlapper was bij het Pentagon en ondertussen hand- en spandiensten verrichtte voor de beroemde Cotton Club toen die de vaste stek van Duke Ellington was, groeide LeRoy Walker uit tot de trainer die twaalf olympische gouden medaillewinnaars, veertig nationale kampioenen en meer dan honderd topsporters kweekte.

Daarnaast was hij de eerste van zijn familie die studeerde, en promoveerde hij, tussen al zijn werkzaamheden als coach door, in 1957 als eerste Afro-Amerikaan in de biomechanica. Dat deed hij aanvankelijk aan de Columbia University; maar toen hij tijdens het schrijven van zijn proefschrift een hoogleraar hoorde zeggen dat 'zwarten niet moest worden toegestaan hier een doctoraat te verwerven', pakte hij zijn boeltje en zette zijn werk iets verderop aan de New York University voort.

LeRoy Walker werd in 1918 geboren in Alberta, Georgia, in het toen gesegregeerde zuiden van de VS. Zijn grootouders waren slaven geweest, zijn vader Willie was brandweerman. Buitenshuis werd hem duidelijk gemaakt dat hij minderwaardig was, bijvoorbeeld doordat er aparte drinkkranen in het warenhuis waren voor blank en zwart. Binnenshuis zorgde zijn moeder ervoor dat de beste lamp boven de studietafel van haar jongste zoon hing, opdat zijn toekomst beter zou zijn dan het heden.

Toen hij naar Harlem verhuisde om de financiële lasten van moeder Mary te verlichten, zette zijn broer die opvoeding voort. Zakenman Joe leerde LeRoy in zijn restaurants boekhouden. Die deed dit zo goed, dat Joe hem liet delen in de winst.

Daarnaast bekommerde hij zich om de culturele opvoeding van LeRoy. Zo stond Joe erop dat zijn broertje meeging toen een klant wiens huis ze schilderden hen uitnodigde voor een avondje 'Aïda'. "Ik verstond er geen woord van", zei Walker later. "Dus besloot ik een paar talen te leren." Dat werden Duits en Frans, die hij op de universiteit aan zijn vakkenpakket toevoegde.

Eigenlijk wilde LeRoy Walker niets liever dan orthopedisch chirurg worden. Het aantal plaatsen voor zwarte studenten was eind jaren dertig echter beperkt, en omdat hij uit een arm gezin kwam, werd hij niet toegelaten tot de studie medicijnen. Hij moest zich tevreden stellen met een master lichamelijke opvoeding.

Op de universiteit blonk Walker uit in basketbal, in hardlopen en hij was een van de toppers in het American football. Daarnaast studeerde hij cum laude af. In 1945 werd hij aangesteld als coach aan de voornamelijke zwarte North Carolina Central University. (NCCU). Hordeloper Lee Calhoun, zijn pupil, was de eerste olympische kampioen die NCCU voortbracht. Makkelijk was zijn taak als zwarte coach van een zwart team niet. Bij uitwedstrijden moesten ze soms honderden kilometers omrijden om een hotel te vinden waar ze mochten slapen of voor een restaurant dat hen binnenliet 'niet eens om te zitten, maar om een paar hamburgers en sandwiches mee te nemen'.

Hij vond het onzin dat talentvolle sporters, ondanks hun goede vooruitzichten bij succesvolle teams, op de universiteit niets aan hun intellectuele ontwikkeling deden. Zijn trainingssessies waren opgebouwd uit twee delen; de eerste vond plaats op het sportveld, de laatste in de bibliotheek. Tot zijn trots waren er tijdens zijn decennia als coach slechts twaalf studenten die niet afstudeerden.

Walker trainde in de jaren zestig een aantal buitenlandse atletiekteams voor de Olympische Spelen, waaronder die van Ethiopië, Israël, Kenia en Jamaica. Pas in 1976 kreeg hij diezelfde eer in eigen land toebedeeld, waarmee hij de eerste Afro-Amerikaanse olympische coach werd. Zijn team won in Montreal 22 medailles, waaronder zes gouden.

In 1996 lukte het hem om als voorzitter van het Amerikaanse Olympische Comité de spelen naar Atlanta te brengen. Trots leidde hij de 654 leden van het team het stadion binnen van zijn inmiddels zo veranderde geboortestad, na eerst de fakkel nog een deel van de route te hebben gedragen.

"Als je het zou opschrijven in een filmscript, zou het volledig ongeloofwaardig zijn", stelde hij. "Jongen groeit op in Atlanta in de jaren dat discriminatie welig tierde, strijdt ertegen en keert terug voor het olympische eeuwfeest als de president van het belangrijkste Olympische Comité. Het klinkt volslagen Hollywood-achtig, maar zo is het dan."

Het onderstreepte ook, meende hij, wat hij zijn pupillen vertelde en wat zijn moeder hem ooit leerde. "Als je maar doorzet en niet verstrengeld raakt in zelfmedelijden", aldus LeRoy Walker, "kun je alle tegenslag en elk obstakel overwinnen."

LeRoy Tashreau Walker werd geboren op 14 juni 1918 in Atlanta. Hij overleed op 23 april 2012 in Durham.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden