Een lekkere grote troep

Fiets- en voetveren dreigen te verdwijnen omdat ze niet rendabel zijn. Maar er zijn nog plaatsen waar met liefde wordt overgezet. Een korte reeks over veren en veerlieden. Aflevering 1: Haerst-Agnietenberg.

Je moet weten wat je zoekt, want meer dan een speldenprik op de kaart is het niet; Haerst, een buurtschap van elf huizen aan de Overijsselse Vecht, dicht bij Zwolle. Zelfs met een routebeschrijving op het dashboard, slaat de twijfel toe.

Na Zwolle de A28 in noordelijke richting blijven volgen tot over de Vecht, dan aan het einde van de afslag Ommen rechts gaan en meteen weer rechts onder de snelweg door, richting Hasselt. Doorrijden, en dan de tweede doodlopende weg links inslaan. Jacob Versteegh had het keurig uitgelegd. Maar uiteindelijk moet hij toch op zijn fiets springen om de bezoeker het dorpje binnen te loodsen. Blootvoets, in verschoten T-shirt en korte broek wenkt hij vriendelijk met zijn lange, tanige armen. Hij lacht zijn onregelmatige gebit bloot om de verontschuldigingen over zo'n totaal gebrek aan richtingsgevoel.

Vijfentwintig jaar geleden legden Jacob Versteegh en zijn vrouw hun boot voor het eerst aan in Haerst. En hij gaat hier nooit meer weg, zegt hij vanachter een beker thee. Geef hem eens ongelijk. De 'doodlopende weg' op de routebeschrijving blijkt een schilderachtig slingerend dijkje, omzoomd door prachtig verbouwde, oude panden, richting het water. Versteegh zelf woont in een ietwat vervallen huis, met een terras onder een oude perenboom dat uitzicht biedt op het woonschip 'Leven in strijd', waar hij slaapt, en het voetgangerspontje naar Agnietenberg, dat hij beheert.

De pioenrozen hebben in de loop van de jaren steeds meer terrein gewonnen, en ook het vingerhoedskruid is nooit beteugeld in zijn expansiedrift. Voeg daar een paar grote kastanjebomen en wat vlier aan toe en je kunt je voorstellen dat mensen verrukt uitroepen: Jacob, het lijkt wel of we in Frankrijk staan. ,,Dan zeg ik: dat komt doordat het hier een lekkere, grote troep is.''

De buren hebben er wel eens wat van gezegd. Van de afbladderende verf op de kozijnen, van de planten die onbekommerd hun gang mogen gaan. Maar Jacob Versteegh wil het zo. Hij stoort zich aan zinloze luxe, aan mensen die oude boerderijen tot in de puntjes opkalefateren. ,,Daar hou ik niet van.'' Bovendien heeft hij zijn karakter tegen. ,,Ik begin vaak ergens aan, maar halverwege zie ik iets wat ik leuker vind om te doen. En dat doe ik dan.''

Het fietsers- en voetgangerspontje trekt hij met behulp van houten klossen met de hand langs een kabel van de ene naar de andere kant van de Overijsselse Vecht. Hij weet ook wel dat er een motortje op het pont gemonteerd zou kunnen worden. En dat er heel eenvoudige mechanismen bestaan waardoor passagiers het pontje zelf handmatig in gang kunnen krijgen. Vertel hem wat; van origine is Versteegh elektrotechnisch ingenieur. 'De professor' noemen ze hem in Zwolle en omstreken. Ooit promoveerde hij op het berekenen van waterstromen. Maar sinds zijn pensionering, zes jaar geleden, wijdt hij zich aan het pontje. En wie vindt dat het niet meer van deze tijd is om zo'n klein veer eigenhandig door een pontjesbaas te laten trekken, treft meer dan twee meter onverzettelijkheid tegenover zich. ,,Ik wil het zo.''

Jacob Versteegh beseft als geen ander dat je de koppigheid van een ezel en de vasthoudendheid van een pitbull moet hebben om te voorkomen dat een paradijselijke plek als Haerst opstoot in de zogenaamde vaart der volkeren. Natuurlijk moet er voor het pontje worden betaald. Maar 60 eurocent per passagier is genoeg. En als er een oma met drie kleinkinderen komt, dan knijp je een oogje toe. Vanzelfsprekend.

Natuurlijk kan hij niet alle dagen van de week, de hele zomer lang, in zijn eentje het pontje bemannen. Dus organiseert hij hulp. Meer dan een vel papier met wat handgeschreven namen en telefoonnummers is daar niet voor nodig. Administratie? Wie het pontje trekt, steekt de opbrengst in zijn zak, zo simpel is het. Nee, dat gaat hij niet controleren. In een vakantieweekeinde met mooi weer, haalt de veerman zo'n honderd euro op, door de week tussen de twee en tien euro per dag. Subsidie wil hij niet. Dan moet je je maar verantwoorden en daar zit hij niet op te wachten.

Toen de steiger aan vervanging toe was, heeft de buurman wat leuks in elkaar getimmerd. En in de winter haalt de gemeente Zwolle het pontje op voor onderhoud. ,,Je kunt van dit baantje niet leven, je moet het leuk vinden. Ik vind het leuk, en ik heb niet veel nodig.''

In de loop van de jaren heeft hij het verkeer op de A28 letterlijk horen groeien. Van af en toe een auto naar heuse files tijdens de spits. Op het pontje wordt het ook voller. Waren het vroeger vooral fietsers die hij overzette, sinds een jaar of tien zwelt het legioen wandelaars aan. Die weten feilloos de grote bel onder de kastanje te vinden: 'Hard bellen aub'. ,,Ik zou er eigenlijk een schuine plank bij moeten maken, om het geluid beter te geleiden. Maar dat zei ik vorig jaar ook al.'' Veel drukker moet het niet worden, vindt hij. Voor je het weet komen er parkeerplaatsen en grote borden. Dan is de charme weg. Jacob Versteegh stapt liever even op zijn fiets om dolende bezoekers zijn kant op te loodsen. ,,Zo is het goed.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden