Een laatste mening

Nog steeds weet ik niet of ik nu steeds meer blasé, of toch steeds wijzer word. Wat het ook is: de verlokking van het geven van een wekelijkse mening werd geleidelijk steeds minder. Het bonte mediagekakel boeide niet meer, de dagelijkse lawine aan meningen en analyses boette in aan zeggingskracht. Mijn eigen filosofietje over mensen en hun meningen is redelijk eenvoudig geworden: het topje van de piramide wordt gevormd door die zeldzame mensen die een heel ruimhartige geest hebben en niet gelijk een oordeel vellen, maar de ander in alle openheid benaderen.

In het midden vind je de laag die welwillend is, niet overdreven open en ook niet overdreven gesloten. Zij zijn in principe bereid met de ander te leven, maar kunnen toch door een kleine speldeprik al tot de conclusie komen dat de ander niet bij hen past en keren dan snel weer terug tot hun eigen, vertrouwde cirkeltje.

De derde en helaas dus breedste laag wordt gevormd door diegenen die ál-tijd wantrouwig zijn, die onmiddellijk met hun oordeel over de ander klaarstaan, dat ook luidkeels uiten, en, zoals dat zo mooi christelijk heet, de splinter in het oog van de ander meteen zien, en de eigen balk nooit.

Deze categorieën lopen dwars door alle kleuren, rassen, geloven en sociale lagen heen. Zo simpel en tegelijkertijd zo ingewikkeld is het, bij welke discussie dan ook. En daarmee is eigenlijk alles gezegd.

Toch brengt het besluit om deze plek te verlaten ook de weemoed van het afscheid. In plaats van een hartgrondig 'zoek het allemaal maar uit met dat hele zogenaamde islam-debat', komen plots de mooie dingen naar boven. Mensen die ik helemaal niet kende, die me een plek in hun leven gaven.

Zoals lieve Hans, die vanaf dag één elke donderdag naar de bibliotheek wandelde om te lezen. Zoals de dame die me zo'n mooi handgeschreven kaartje stuurde toen ik in het ziekenhuis was beland. Zoals degene die me spontaan een geweldig boek over islamitische filosofie toezond. Zoals de ex-dominee, die het op zich nam aan zijn medekerkgangers uit te leggen dat ik geen antisemiet ben. En zo velen meer, die af en toe de moeite namen me een hart onder de riem te steken, te zeggen dat ze gelachen hadden, aan het denken waren gezet, oprechte vragen hadden. Wat een rijkdom.

En tsja, al diegenen die er ook waren - soms zo verschrikkelijk boos, soms zo niet-begrijpend, soms zo wantrouwend - die verdienen ook dank, want zonder duisternis geen licht.

Rest me nog te zeggen dat ik er bijzonder trots op ben, dat ik zo lang op deze allermooiste plek in de krant mijn hersenspinsels heb mogen delen.

O, en Ephi: ik ook van jou.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden