Een kleintje, maar niet weg te denken

De Euromast heeft grote gebouwen in de Rotterdamse omgeving moeten dulden. Maar nog steeds heeft hij een symboolwaarde, is niet meer weg te denken in de havenstad. Gisteren werd hij opnieuw geopend.

,,Zoals de Euromast oprijst, hoog en machtig, boven het andere stedeschoon van Rotterdam, zo heeft Feijenoord zich in dit seizoen verheven, ook machtig en ook schoon - boven het andere voetbal dat in Nederland wordt bedreven.''

Er is het een en ander veranderd sinds het tijdschrift Revue die zin opschreef. De ij in Feyenoord. De toon van journalistiek proza. Het voetbal van Feyenoord. En ook de Euromast is niet meer dezelfde als in 1963, toen met spanning uitgekeken werd naar de wedstrijd tegen Reims. Om hem heen werkte Rotterdam zich de lucht in. Het toevoegen van een spriet van ruim tachtig meter hielp eventjes, maar uiteindelijk is de uitkijktoren een dwerg geworden tussen de hoogbouw aan de Maas.

En toch is er ook eigenlijk niks veranderd aan de Euromast. Hij is, zegt architectuurhistorica Michelle Provoost, die vorig jaar promoveerde op architect Hugh Maaskant, nog steeds het symbool van de stad. ,,Ik ben er speciaal op gaan letten: je komt hem tegen op ansichtkaarten, op t-shirts, maar ook in reclamespotjes: als iemand aan wil geven dat het over Rotterdam gaat, komt hij uit op de Erasmusbrug en de Euromast.''

Het zal dus weinig moeite hebben gekost, burgemeester Ivo Opstelten te strikken voor de openingstoast gisteren van de verbouwde Euromast. Er zijn twee hotelkamers in gekomen, en het interieur is door Jan des Bouvrie onder handen genomen, met hernieuwd respect voor de sobere uitvoering die de uitkijkposten (oorspronkelijk een 'scheepsbrug' onderin en een 'kraaiennest' op de top) in 1960 meekregen. Destijds werd de toren voor 3,5 miljoen gulden gebouwd, zonder een cent subsidie van de gemeente, als klapstuk van de Floriade - een evenement waar Rotterdam zich een paar maanden geleden trouwens opnieuw kandidaat voor heeft gesteld. En met de bouw ervan kreeg Rotterdam voor het eerst sinds de oorlog een cadeau dat zomaar leuk was. Een symbool voor de stad, maar ook voor een nieuwe tijd die er voelbaar aankwam.

,,Je had toen de omslag van herstel en ploeteren naar de jaren zestig'', zegt Provoost. ,,De vrije zaterdag was net ingesteld. Er kwam een welvaartsmaatschappij in zicht. Mensen konden met een autootje naar dat park, ze konden een ijsje kopen.''

Het doel van de toren mocht dan puur vermaak zijn, het uiterlijk was nog in de onopgesmukte stijl van de wederopbouw. Voor een deel was dat een geldkwestie. De simpele ronde doorsnede van de toren zelf was bijvoorbeeld niet de eerste keus van de ontwerper, een van de architecten die op het kantoor van Maaskant werkte. Er lagen nog mallen van een televisietoren uit een vorige opdracht, en dat maakte een gewone ronde toren natuurlijk stukken goedkoper.

Maar Maaskant had er ook over nagedacht, zegt Michelle Provoost. ,,Hoewel hij niet veel praatte over zijn architectuur, kan ik uit de meer dan tweeduizend gebouwen waar hij tussen 1934 en 1977 zijn naam onder heeft gezet, wel een lijn halen. Hij was geen moralist. Alles wat modern was en nieuw, vond hij mooi. Dus wilde hij bijvoorbeeld best meewerken aan het massatoerisme. Maar de Euromast mocht dan over vermaak gaan, hij moest wel eeuwigheidswaarde hebben. Hij vond het Atomium in Brussel bijvoorbeeld helemaal niks: 'een flauw vormpje, straks is iedereen er zat van'. De Euromast staat daar stevig en zwaar, het is ook beton-architectuur. Met staalbouw had je iets veel lichters en luchtigers kunnen maken. Voor mij verwijst het naar de Delta-werken, de Afsluitdijk.''

De Euromast is met zijn asymmetrische uitkijkplatforms ook gericht op het water, waar nog altijd de Rotterdamse welvaart vandaan moet komen. Toen de toren werd gebouwd stond hij op de grens van de stad en de nog maar net helemaal herstelde havens. En eigenlijk gaat daar pas de komende jaren verandering in komen, als Rotterdam geleidelijk de 'stadshavens' aan de westkant gaat ontwikkelen als gemengd woningen- en bedrijvengebied.

Destijds, zegt Provoost, keek je vanaf de Euromast uit op havens en negentiende-eeuwse arbeiderswijken. En natuurlijk op de binnenstad waar de Duitse bommen hadden huisgehouden. ,,Wat in die lege vlakte van toen kwam, dat was de voorbode van een heel nieuwe stad, een nieuwe schaal.''

De stijl van die herbouwde binnenstad kreeg gaandeweg veel kritiek. ,,In de jaren zeventig en tachtig vond men die hele wederopbouw-architectuur niet vrolijk genoeg: te hard, te zakelijk, het moest meer kleinschalig. Neem bijvoorbeeld het Groothandelsgebouw, dat vinden we nu een kleintje, met nog heel veel details, maar dat komt doordat er sindsdien is doorgegaan op die lijn, dus nu staan er gebouwen omheen die nog veel groter zijn, en veel strakker.''

Daarna werd er in heel Nederland geprobeerd te ontwerpen met aandacht voor de mensen die in een gebouw moesten werken of wonen. Met als een van de schoolvoorbeelden het door Herman Hertzberger ontworpen kantoor van Centraal Beheer in Apeldoorn, dat er helemaal op gericht was, de werknemers informeel met elkaar te laten omgaan. Maar inmiddels komt volgens Provoost de waardering voor strak en imposant weer terug: ,,In de jaren negentig, tijdens de hoogconjunctuur, zijn die ideeën uit de motteballen gehaald. Er kwam meer aandacht voor de logo-werking die van een groot gebouw uitgaat. Nu mag een 'links kantoor' ook gewoon groot zijn.''

Dat is goed en slecht nieuws voor de Euromast. De architectuur waar hij model voor staat, kan weer. Maar de schaalvergroting die daarmee gepaard gaat, laat hem steeds meer wegzinken in de skyline van Rotterdam. Niet voor niets werden zes en drie jaar geleden door de eigenaar plannen gesmeed om hem te vervangen door of te combineren met een toren die honderden meters hoger moet worden. Rotterdam had daar geen zin in. ,,Daaruit blijkt dat die symboolwaarde er nog steeds is'', zegt Provoost. ,,Hij is klein geworden, en gedateerd, en je kunt eraan zien dat hij met weinig geld is gemaakt. Als zodanig is hij wel waardevol. Hij moet zijn symboolwaarde delen met andere symbolen. Maar hij zit mooi wel weer in de leader van de televisieserie 'Spangen'.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden