Een kleine man die fantastisch kon tekenen en graveren

Met zijn schilderkunst veroverde Lucas van Leyden de lokale markt, met zijn prenten de rest van Europa. In een bijzonder rijke tentoonstelling toont De Lakenhal de grootsheid van deze schilder.

Het zelfportret van Lucas van Leyden toont een wat sullige, eenvoudige man. Op het portret dat Albrecht Dürer een paar jaar eerder van hem tekende, staat een veel zelfverzekerder, opgewekter persoon. Je zou kunnen zeggen dat het eerste portret verwijst naar de Leidse kunstenaar die voor de lokale markt schilderijen maakte. Het tweede toont de kunstenaar wiens prentkunst internationale roem vergaarde.

Beide kanten van Lucas van Leyden komen in beeld op de indrukwekkende tentoonstelling 'Lucas van Leyden en de Renaissance', die de Lakenhal in Leiden in samenwerking met het Rijksmuseum rond zijn werk heeft gemaakt. De ruim 250 werken, met als beginpunt de drie drieluiken van zijn leraar Cornelis Engelbrechtsz en als eindpunt de drie drieluiken die Lucas (de toevoeging van zijn geboortestad was niet nodig) zelf aan het einde van zijn leven maakte, tonen de ontwikkeling van zijn creatieve vakmanschap.

Een kunstenaarsoeuvre verwijst altijd naar het verleden en naar de toekomst. Bij Lucas is dat goed te zien. Lucas (ca. 1494-1533) leefde op het breukvlak van Middeleeuwen en Renaissance, in dat lastige tijdvak tussen de beroemde Vlaamse Primitieven, zoals Jan van Eyck en Rogier van der Weyden, en de nog beroemdere kunstenaars van de Gouden Eeuw. Hij werd tot schilder opgeleid door zijn vader en door Cornelis Engelbrechtsz, de beroemdste schilder van Leiden, wiens werk nog helemaal in de Middeleeuwen wortelt. Maar op het gebied van prenten was Lucas waarschijnlijk autodidact, of hij leerde het doordat hij in contact kwam met edelsmeden. Graveren doe je immers in metaal.

Van jongs af aan zie je met name in zijn prenten dat Lucas breekt met de middeleeuwse traditie waarin zijn leraar nog stond. Geen geijkte 'Kruisiging' of 'Bewening van Christus', geen knielende opdrachtgevers die de kijker vragen voor hun zielenheil te bidden. Lucas tekende en graveerde faunen, kindertjes, blote vrouwen, een melkmeisje en boer met een koe. Gloednieuwe onderwerpen in de Nederlandse kunst.

Lucas zocht ook nieuwe schilder- en tekenonderwerpen in de Bijbel door met een andere blik naar de bekende verhalen te kijken: niet Suzanna in bad, maar de twee gemene rechters die haar begluren vol in beeld; de bakker en de schenker die Jozef hun droom vertellen, waarbij de droom is uitgebeeld in een soort tekstwolkjes boven hun hoofd.

En dan is daar zijn originele kijk op mensen. Overal tekent hij kleine anekdotes, scènes tussen personen die allemaal een eigen persoonlijkheid krijgen. Zijn humanistische onderwerpen en zijn verhalende stijl wijzen vooruit naar de zeventiende eeuw.

Zoals kinderen en honden zich vermaken tussen de kijkers op de prent 'Ecce homo', zo huppelen ze rond op Rembrandts 'Nachtwacht'. Het is bekend dat Rembrandt werk van Lucas had.

Met de prentkunst kon hij ook een grote stap in de Renaissance maken, doordat hij zich op een internationale markt begaf. Daar wisselden kunstenaars hun ideeën uit. Grafiek was betaalbaar en makkelijk te vervoeren. Tot in Italië werden elementen van Lucas' werk overgenomen. Andersom deed Lucas er nieuwe ideeën op.

De Lakenhal laat die invloed over en weer zien door de prenten naast elkaar te hangen, die van Lucas in een crèmekleurig passe-partout en die van de andere kunstenaars in een grijs passe-partout. Zo zie je Lucas' bomenpartij terug in een Italiaans werk. Voor het paard in zijn gravure 'De triomf van Mordechai' heeft Lucas goed gekeken naar Albrecht Dürers gravure 'Ridder, dood en duivel'.

In 1521 ontmoette hij de beroemde Dürer, zijn grote voorbeeld. 'Een klein mannetje', noemt Dürer hem in zijn dagboek. Maar hij vond Lucas groot genoeg om werk mee uit te wisselen en om een groot portret in zilverstift van hem te maken. Een portret dat vanwege de broosheid maar zelden door het Palais des Beaux-Arts in Lille wordt uitgeleend. Door Dürer ging Lucas weer meer schilderen en portretten maken. Zoals het portret van de heilige Hieronymus, dat geënt is op dat van Dürer. Maar ook portretten van de Leidenaren die hem daar opdracht toe geven.

Ook zijn in die tijd beroemde collega Jan Gossaert beïnvloedde zijn stijl en onderwerpkeuze. Gossaert had een reis naar Rome gemaakt en introduceerde bij terugkomst het klassieke naakt in de Hollandse schilderkunst. Ook Lucas begaf zich op dat pad, zoals de tentoonstelling laat zien.

Hoe indrukwekkend sommige van zijn schilderijen ook zijn, de prent- en tekenkunst van Lucas blijft minstens even sterk fascineren, omdat hij een fantastische tekenaar en graveur was. Zijn ideeënrijkdom en de speelse en rake lijnen waarmee hij allerlei anekdotes neerzet - vaak met een moralistische ondertoon - komen daarin het beste tot hun recht. Zoals in de series prenten over 'Grote en kleine vrouwenlisten', een favoriet thema op de lokale markt. Maar ook in de lieflijke Maria die verrast achterom kijkt bij het zien van de engel Gabriël. De tekeningen van Maria en Gabriël komen voor het eerst op deze tentoonstelling samen.

En dan is daar in de laatste zaal Lucas' beroemde drieluik 'Het Laatste Oordeel', voor het eerst weer verenigd met zijn twee kleinere drieluiken, 'Dans om het gouden kalf', dat normaal in het Rijksmuseum hangt, en 'Christus geneest de blinde van Jericho' uit de Hermitage in Sint-Petersburg. Alle drie vertegenwoordigen ze de laatste fase van zijn werkzame leven

Met de drieluiken van Engelbrechtsz in het geheugen is te zien waar Lucas' ontwikkeling toe heeft geleid. Zijn 'Het Laatste Oordeel' (1526-1527) is een orgie van licht en lichamen die bloter en menselijker lijken dan op enig ander tot dan toe geschilderd Laatste Oordeel. Het visioen dat Lucas schilderde, is hoopvol en humanistisch in plaats van donker en angstaanjagend. Lucas moet hebben geweten dat hij de Leidenaren die het werk in de Pieterskerk zagen hangen, versteld deed staan. Hij deed het met de allure die past bij de internationaal geroemde kunstenaar die hij was geworden.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden