Een kerstverhaal. Een afscheidsbrief. Een stadsgedicht. Een rouwgedicht. Een weblog. Een rap.

Hoe schrijf ik een kerstverhaal? Om die vraag draait aflevering 4 van deze tweede schrijfcursus in Trouw. Laat het bitterkoud zijn, laat het sneeuwen, tuig de kerstboom op, laat ’Jingle Bells’ jengelen door de kamer. Maar wees voorzichtig met de kerstgedachte: in de meeste mensen is geen welbehagen.

Zij slaat altijd voor kerst op de vlucht, zegt schrijfster Kristien Hemmerechts: ,,Zoveel is tweedehands, van een schrikbarende banaliteit, er wordt met kerst zo’n bak clichés uit de kast getrokken.” Voor haar dus geen ’Merry Christmas’, geen boom en geen ballen, maar een reis door kerstvrij Burma. Ook schrijver Stefan Brijs worstelt met het kerstgevoel: ,,Kerst kan heel gezellig zijn, maar ook verschrikkelijk.” Verplicht samenzijn en overdadig eten onder een opgetuigde dennenboom, dat is ook een benauwend beeld.

Kerst is cliché, kerst is tsunami, Kerst is allang geen onbekommerd feest meer. Daarom hebben moderne kerstverhalen vaak een angel: er zitten glasscherven in de glühwein, barsten in de kerstbal, er is ruzie aan tafel, de kerstgedachte – vrede op aarde, in de mensen een welbehagen – wordt als hypocriet ontmaskerd. En toch is het leuk om kerstverhalen te schrijven, zegt Hemmerechts, omdat er zoveel materiaal is. Uit al die sleetse kerstattributen weer iets nieuws maken, dat is de uitdaging.

Tip 1: Zet een Douwe Egberts-cd op

Voor een kerstverhaal moet je wel in de juiste stemming zijn, weet Stefan Brijs. Hij schreef zijn kerstnovelle ’Twee levens’ in de zomer, toen het buiten 30 °C was. Met muziek overbrugde hij de kloof tussen kerstboom en zwembroek: wekenlang luisterde Brijs naar de Christmas-cd van Douwe Egberts en de Weihnachtskantaten van Bach. Die muziek kwam ook terecht in de novelle, die een half uur uit het leven van twee buren beschrijft. Op het ene adres jengelen de ’Jingle Bells’ en is het treurigheid troef: de kerstboom is van plastic, het snoer van het fonduestel is te kort, de pasgetrouwde twintigers zijn elkaar al helemaal beu. Bij de buurvrouw versterkt Bach een ander, veel oprechter kerstgevoel: dat van diepe liefde en rouw om de dood van haar beminde man.

Tip 2: Laat het wél sneeuwen

Kerstcantate, kerststol, kerstkind, kerstster, kerstklok, kerstkribbe en kersttradities: kerstschrijvers mogen ze rustig weglaten of afbreken. Maar behoud liefst wel dit cliché, zo adviseert Brijs: laat het sneeuwen, desnoods even, desnoods nat. ,,Want alle lezers hopen op een witte kerst, en een schrijver is haast God, die kan dat verlangen bevredigen.” Laat het dus bitterkoud zijn en donker, laat de wind tegen de ramen beuken, bedek de Vinex-voortuin, het verlaten winkelcentrum of de plaats delict met een dikke laag sneeuw. En laat het bij voorkeur kerstavond (24 december) zijn, al stuurde Hans Christian Andersen zijn meisje-met-zwavelstokjes op oudjaarsavond de straat op: ,,Hongerig en koud liep ze daar en ze zag er zo zielig uit, dat arme stakkerdje!”

Tip 3: Troosten mag (met een knipoog)

Arme, blootvoetse meisjes bevolken traditiegetrouw de straten rond Kerst, maar ook types als Scrooge, de uitzuiger, de inhalige, schraapzuchtige, bikkelharde, oude vrek uit ’Een kerstvertelling’ (1843) van Charles Dickens. ,,Geen wind was ijziger dan hij”, zo benadrukt de schrijver de schurkachtigheid van zijn held, ,,geen sneeuw viel doelbewuster, geen striemende regen was minder ontvankelijk voor smeekbeden.” En toch verandert uitgerekend deze hardvochtige klootzak in een warme, gulle man, dankzij de troostende en vaak verfilmde schrijversfantasie van Dickens, godfather van het kerstverhaal. Troosten mag nog steeds, zegt Hemmerechts, maar doe het wel op een originele manier en met een knipoog: ,,Bouw een moment van ironie in.”

Tip 4: Besteel de blinde oma

Dat doet bijvoorbeeld de charmante sigarenverkoper Auggie (gespeeld door Harvey Keitel) in de film ’Smoke’ (naar een scenario van Paul Auster). Hij vertelt zijn vriend (William Hurt) een prachtig, vet aangezet kerstverhaal, waarin hij zelf de hoofdrol speelt. Dat verhaal gaat ongeveer zo: op een koude kerstavond ontmoet Auggie een blinde, eenzame, stokoude dame. Zij doet alsof hij haar kleinzoon is, hij speelt haar spelletje mee en samen eten ze een kerstdiner. De wijn smaakt goed, het huis is warm, oma is blij en haar kleinzoon-bedrieger ook. Maar als oma eenmaal slaapt, steelt Auggie nog wel een camera uit haar huis. En zo krijgt dit feelgood kerstverhaal een mooie twist: de held deugt niet helemaal, de kerstidylle is gebaseerd op een leugen, maar wat geeft dat?

Tip 5: Schep in de mensen géén welbehagen

Kerstschrijvers mogen volop variëren op de klassieke thema’s: de hereniging van geliefden, de klootzak die tot inkeer komt, de verloren dochter die opduikt met kerst, de verzoening van vijandige buren, de warme ontmoeting met de dakloze medemens, het jongetje dat nog maar net op tijd uit het wak in de vijver wordt gevist. Maar al dat moois hoeft nog niet tot welbehagen te leiden, zo blijkt bijvoorbeeld uit ’Een kerstvertelling’ (1876) van François Haverschmidt. Daarin valt de wiskundeleraar Swart allerlei kerstgeluk ten deel: hij ziet zijn geliefde dochter weer terug, hij redt een mensenleven en heeft een warm contact met zijn buurman en zijn zus. Maar tevreden is Swart nauwelijks, zijn geluk vervliegt meteen: ,,Ook komen de engelen, maar zij gaan weer: straks wordt het weer donker en stil.”

Tip 6: Pleeg een moord onder de boom

Veel moderne schrijvers zijn cynischer dan Haverschmidt: zij slaan het kerstgeluk meteen aan diggelen, hun verhalen knarsen en schuren. Zo wordt er in ’De War’s Kerstmis’ van Maarten Biesheuvel een groezelige moord gepleegd, op een ’semi- prostituee op oudere leeftijd’. In ’De Poolse bruid’ beschrijft Manon Uphoff hoe een Brabantse fabrieksarbeider en zijn Poolse echtgenote definitief van elkaar vervreemden. En Hemmerechts schreef met ’Kerst’ (in ’Kerst en andere verhalen’) een verontrustend verhaal, over de onorthodoxe relatie tussen een man en zijn zwakzinnige, incontinente vrouw. In deze haast illusieloze verhalen dalen geen engelen neer en lijkt verlossing uitgesloten. Kerst is gereduceerd tot een effectief, want contrasterend decor: niks geen vrede op aarde, in de mensen is geen welbehagen, maar geweld, wraak en ontgoocheling. Ook al branden er nog zulke mooie kaarsjes in de boom.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden