Eén keer per week een brief aan een medemens

Socioloog Kees Schuyt reikt een eenvoudig recept aan om de morele, fysieke en mentale vaardigheid op peil te houden: schrijf een brief aan iemand die zo'n geste kan gebruiken.

Daadkracht op het juiste moment, dat is een kenmerk van moedige burgers, zowel in extreme situaties zoals oorlog en onderdrukking, als in doodgewone, dagelijkse situaties in tijden van welvaart en vrede. Moedige mensen doen vaak dingen die ze zelf niet helemaal begrijpen. Pas achteraf realiseren ze zich dat wat ze gedaan hebben heel erg riskant was. Ze zijn blij en dankbaar dat het zo goed is afgelopen.

Uit de literatuur over vertoonde moed en heldhaftigheid in de Tweede Wereldoorlog heb ik een driedeling gemaakt van moedige mensen in oorlogstijd. Als eerste categorie moedige burgers noem ik de openlijk protesterenden; diegenen, die vóór en in de Tweede Wereldoorlog hun stem verhieven, de durf hadden om te protesteren en zich te verzetten tegen onrecht en onderdrukking. De mensen met Zivilcourage, burgermoed. Met als ons aansprekende voorbeelden: dominee Niemöller in 1934 in Duitsland, Franz Jägerstätter in 1938 in Oostenrijk, de katholieke boer die openlijk weigerde in dienst te treden in Hitlers leger en na vijf jaar gevangenis ter dood werd gebracht; en in Nederland - onbetwist - in 1940 professor Cleveringa, die als een van de eersten publiekelijk zijn afkeuring en afkeer uitsprak over de maatregelen die de bezettende macht, in strijd met internationale verdragen, hier te lande uitvaardigde.

De tweede categorie moedige mensen noem ik de stille helpers, met als uitgesproken voorbeeld Etty Hillesum, de jonge vrouw die uit solidariteit haar lotgenoten steunde en troostte in Westerbork en later op haar laatste reis naar Auschwitz. Zij toonde daarbij onzelfzuchtige moed.

De derde en laatste categorie noem ik de redders, degenen die hun medemensen in nijpende of levensbedreigende omstandigheden daadwerkelijk een uitweg boden, onderdak gaven of voor een onderduikadres zorgden. Miep Gies is hiervan de icoon bij uitstek, de trouwe medewerkster van de firma Frank en metgezel van de familie, die na afloop van de dag de onderduikers van voedsel voorzag, met het gevaar gesnapt of verraden te worden.

Moedige mensen
Voor de vredestijd van de naoorlogse samenleving heb ik verrassend genoeg eigenlijk geen nieuwe categorieën moedige mensen nodig. In de naoorlogse samenlevingen hebben zich ook grote publieke en politieke protesteerders gemanifesteerd. Op verschillende manieren werd gestreden tegen nog steeds bestaande vormen van onrecht en discriminatie, tegen blijvende armoede en afhankelijkheid, vóór democratie en menselijke waardigheid. Deze personen zijn dé iconen geworden van de moderne tijd, morele helden, aan wie velen zich optrokken en nog steeds optrekken, maar wier voorbeeld van ongewone moed en geduld voor gewone mensen vaak moeilijk na te volgen valt: Gandhi, Martin Luther King, Vaclav Havel en Mandela.

De stille helpers zijn er nu ook, geëngageerde burgers die - misschien met minder gevaar - onderdak en eten organiseren voor anderen, asielzoekers, voedselbankbezoekers. De redders zijn er ook, mensen die letterlijk anderen bijsprongen of alle mensen die anderen hielpen vluchten uit toenmalige totalitaire landen, van Oost naar West. De Duitse toerist die met zijn roeibootje jongeren redde van het bloedbad dat Breivik aanrichtte op het Noorse eiland Utoya.

Wat is er hedentendage nodig om de drie thans onderscheiden vormen van moed, van de protesteerders, van de stille helpers en van de reddende engelen, op het juiste moment, op de juiste plaats en in de juiste verhouding in praktijk te brengen? Omdat morele vorming gericht op het verwerven van morele vaardigheid niet ophoudt op 18-jarige leeftijd, maar doorgaat gedurende de gehele life span en in vele lastige en moeilijke situaties gedurende die levensloop moet worden aangewend, is een blijvende training in die morele vaardigheid een goede zaak.

Als eenvoudige overlevingsregel voor deze tijd stel ik daarom voor, dat ieder die zijn morele, fysieke en mentale vaardigheid op peil wil houden, één keer per week een brief schrijft aan een ander, een medemens die zo'n brief om welke reden dan ook heel goed kan gebruiken, bijvoorbeeld om er troost, inspiratie of saamhorigheid uit te putten. Eén brief per week slechts, met aandacht en het liefst met de hand geschreven, als wekelijkse oefening ter onderhoud van onze eigen morele vorming. Eén simpele regel om moreel te overleven in de harder en grauwer wordende 21ste eeuw.

Dit is een korte samenvatting van de lezing die Kees Schuyt gisteren heeft gehouden voor de beschermers van het Nationaal Monument Kamp Vught. De volledige tekst is terug te vinden op www.nmkampvught.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden