Column

Een kaarsje voor de katholieke politiek

Ruijs de Beerenbrouck Beeld anp

De biografie over de eerste rooms-katholieke premier van ons land, Ruijs de Beerenbrouck, werd onlangs uitgereikt aan de laatste premier van rk huize, Ruud Lubbers. Het moment markeerde op symbolische wijze het opgaan, blinken en verzinken van de katholieke stroming in de politiek. De vraag is hoe dat proces, dat ruim een eeuw omvatte, te waarderen nu ons partijbestel verbrokkelt en als drager van de staat steeds moeizamer functioneert.

De inzet van Ruijs, die tussen 1918 en 1933 drie keer als premier optrad, was de eenheid van de katholieken te bewaren. Dat was conform de wens van de kerk in Rome, die een 'derde weg' voorstond tussen het individualisme van de liberalen en het collectivisme van de socialisten. Ruijs slaagde in zijn opdracht en sleep daarmee de bedding van het typische driestromenland dat politiek Nederland vanaf die periode tot aan het eind van de vorige eeuw zijn eigenaardige vorm, dynamiek en stabiliteit gaf.

Eerst na hun electorale hoogtepunt in 1963 (vijftig zetels) is de politieke eenheid van de katholieken verbroken en zijn zij over het gehele spectrum uitgezwermd, van D66 tot SP en PVV. De conservatief-liberale commentator J.L. Heldring constateerde vier jaar terug dat Nederlanders na de ontzuiling 'stroomloos' zijn geworden. Daaruit verklaarde hij het succes van de PVV, een beweging die volgens hem in het verzuilde Nederland geen kans had gemaakt.

Gemeenschappelijk belang
Dankzij de krachtenbundeling met de protestanten en het leiderschap van Lubbers is de teloorgang van de derde weg nog enige tijd opgehouden. Maar na 1994 was het met de dominante positie van de christelijke politiek gedaan en is de benauwde vraag hoe het laatste bastion te verdedigen. Veelzeggend voor de toestand is dat een denktank van de SGP onlangs de rooms-katholieke priester Antoine Bodar uitnodigde voor een gedachtenwisseling onder het motto 'dat roomsen en protestanten in Christus een gemeenschappelijk belang hebben tegen het ongeloof'.

Wie had dat pakweg twintig jaar geleden gedacht, toen een SGP-medewerker nog kleurde toen ik hem in Scheveningen betrapte bij de intocht van Sint-Nicolaas. De SGP was de laatste politieke uitdrukking van antipaapse sentimenten, die mannen als Ruijs moesten overwinnen om voor de katholieke bevolkingsgroep een volwaardige plaats te veroveren. Het zegt iets over de verandering der tijden dat deze partij zich nu ontvankelijk toont voor wat zij lang als een 'valse godsdienst' beschouwde. De wat lichtere ChristenUnie is nog een stap verder met katholieke leden en zelfs een katholiek onder haar vertegenwoordigers.

Maar niet zonder grond gaf de journalist Frans Verhagen zijn biografie over Ruijs de titel mee 'Toen de katholieken Nederland veroverden'. Dat was geen geringe opgave. In de protestants gekleurde natie van de negentiende eeuw was de beduchtheid voor de roomsen ten minste zo groot als thans de vrees van sommigen voor de islam. Het wantrouwen, niet alleen in Nederland, maar ook in het Duitse rijk van Bismarck, gold de verreikende, sturende arm van Rome.

Wens tot tweedeling
Het optreden van de katholieken in de politiek is altijd met wantrouwen omgeven gebleven. De bijnamen die naoorlogse voorlieden verwierven getuigen daarvan. Beel, de eerste naoorlogse katholieke premier, werd de Sfinx van Wassenaar genoemd; Romme, de voorman van de KVP, de Sfinx van Overveen, diens opvolger Schmelzer een gladde teckel. De negatieve bejegening had uiteraard veel te maken met de wens van VVD en PvdA de macht van het christelijke midden te breken en tot een tweedeling tussen conservatief en progressief te komen.

Door deze polarisatiestrategie, die maar zeer ten dele is gelukt, zijn de gunstige kanten van de katholieke politiek sterk aan het oog onttrokken. Zij vallen nu, bij de verbrokkeling van het krachtenveld en de geforceerde meerderheidsvorming, ineens scherp op: de bereidheid tot het compromis, de kunst om compromissen te smeden (in plaats van domweg punten uit te ruilen), de matigende invloed die de afwisseling van centrum-rechtse en centrum-linkse kabinetten meebracht, de grote mate van stabiliteit en, niet te vergeten, de inzet voor Europese samenwerking, aanvankelijk een sterk katholiek gekleurd initiatief om de vrede op het continent te bewaren.

Het meest verwoestende effect van de polarisatie is geweest dat het compromis, toch de uitdrukking van tolerantie en beschaving, verdacht is gemaakt en de compromispolitiek is verward met onbetrouwbaarheid. Daarom steek ik als protestant nog maar een kaarsje op voor de katholieke politiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden