Boekrecensie

Een Japanse diva met talent voor seks

null Beeld RV
Beeld RV

Hofdame Sei Shonagon moet het niet hebben van zelfreflectie en wijsheid. Wel van humor.

De eerste ochtendstralen breken door. Met tegenzin staat de minnaar op. Hij wil niet van zijn geliefde weg. Zij moet erop aandringen. "Foei toch", zegt ze, "het is al volop dag." 'Hij gaat overeind zitten, glipt op haar toe zonder zijn sashinuki aan te trekken en fluistert alles in haar oor wat hij die nacht nog niet heeft uitgesproken, en na enig gefrutsel blijkt zijn gordel toch vast te zitten.'

Het is zomaar één van de scenes uit 'Het hoofdkussenboek' van de tiende-eeuwse Japanse hofdame Sei Shonagon. Met humor, scherp observatievermogen, poëtische aanleg en een zekere rebellie legde zij de wereld vast zoals ze die om zich heen waarnam vanuit de keizerlijke paleizen in Kyoto. Voor het eerst is het beroemde werk - dat in Japan geldt als een monument in de literaire canon - naar het Nederlands vertaald door Jos Vos. Eerder was hij ook al verantwoordelijk voor de vertaling van 'Het verhaal van Genji', 's werelds eerste grote roman, dat uit dezelfde periode dateert en tevens door een Japanse hofdame (Murasaki Shikibu) geschreven is.

'Het hoofdkussenboek' is nauwelijks te vergelijken met 'Het verhaal van Genji'. In ruim driehonderd secties zien we allerlei verschillende prozateksten langskomen: dagboekfragmenten, losse notities, essays, natuurobservaties, lijstjes van het een en ander. Sei Shonagon heeft weinig moeite genomen enige structuur in het geheel aan te brengen. En toch is er ook weer wél een rode draad. Al het geschrevene speelt zich af in haar kleine universum: die ongrijpbare aristocratische wereld van het tiende-eeuwse Japan. Een wereld waarin de hofdames elkaar proberen te concurreren met poëtische voordrachten. Een wereld waarin de schoonheid van de bloesemrijke tuinen in de mooiste zinnen bezongen wordt. En een wereld, ja, waarin er veel gevreeën wordt.

null Beeld RV
Beeld RV

Sei Shonagon doet er op haar eigen manier rijk verslag van. Hoewel we weinig te weten komen over haar persoonlijkheid, schemert tussen de zinnen door dat we hier te maken hebben met een ware diva. Het type dat door mannen aanbeden wil worden ('Het is haantje-de-voorste of niets!'), maar van haar kant uiteraard nooit al te veel blijk geeft van waardering. Als een man iets tegen haar zegt, wordt hij doorgaans afgepoeierd. Dat dat allemaal spel is, mag blijken uit het feit dat Shonagon in de tussentijd de ene na de andere knappe jongeman opvoert 'die voorbijkomt met een ceremonieel zwaard met een smalle kling, dat voorzien is van een plat gevlochten koord.' En de andere hofdames? Die zijn natuurlijk maar oppervlakkig. 'Dames zonder vooruitzichten, die een duf bestaan leiden en zich niettemin voorhouden dat zij het ware geluk hebben gevonden, vind ik deprimerend.'

Nee, Shonagon moet het niet hebben van zelfreflectie en wijsheid. Haar humor laat het daarentegen vrijwel nooit afweten: "Aan mannen die hofdames oppervlakkig of verachtelijk vinden heb ik een reuzehekel. Toch zouden ze in sommige gevallen wel eens gelijk kunnen hebben." Bij vlagen weet ze te overrompelen met observaties van de natuur. De openingszinnen van het boek zijn simpelweg spectaculair: 'In het voorjaar gaat er niets boven het ochtendgloren. Geleidelijk wordt het lichter, de bergkammen krijgen een zachtrode glans, purperen wolkenslierten glijden aan de hemel voorbij.'

Meer bladeren dan doorlezen

Toch is het jammer dat Shonagon gekozen heeft voor zo'n onsamenhangend geheel, waardoor het boek soms meer dwingt tot bladeren dan tot doorlezen. In die zin kan het niet wedijveren met 'Het verhaal van Genji'. Zelf beweert ze dat ze bij het schrijven nooit het idee had dat het ook daadwerkelijk als boek gepubliceerd zou worden. Dat zou in ieder geval verklaren waarom ze soms doorschiet met het zoveelste lijstje verschillende bloesems en bomen. Mogelijk dienden deze lijstjes slechts ter associatieve ondersteuning van het schrijven van haar poëzie.

'Het hoofdkussenboek' blijft echter overeind staan als fascinerende toegangspoort tot een mysterieuze wereld waar we weinig tot niets van afweten. En dat alles in de woorden van een spannende vrouw die zich nooit écht prijsgeeft, maar daarom des te meer tot de verbeelding spreekt. "Als lezers beweren dat mijn werk hen imponeert, snap ik daar niets van", schrijft ze in de laatste zinnen van het boek. Spreekt hier iemand die zich werkelijk onbewust was van haar eigen talenten? Of is de diva hier wederom op hoog niveau aan het werk? Ach, we zullen het nooit weten.

Sei Shonagon
Het hoofdkussenboek
Vert. Jos Vos Athenaeum;
336 blz. € 22,50

Lees andere boekrecensies op trouw.nl/boekrecensies

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden