Een ja-stem op 6 april tegen religieus terrorisme

Veel hulpeloze herhalingen van afschuw, troost en bemoediging na de aanslagen in Brussel. Dezelfde litanie van machteloosheid, die vorige week klonk na de aanslag in Istanbul.

Deze zestienjarige eeuw staat in het teken van religieus terrorisme. Ondanks verscherpte veiligheidsmaatregelen en klopjachten krijgen we van de boven ons gestelden de boodschap mee dat we onze open en vrije samenleving moeten blijven koesteren.

Mja... Daar gaat toch een beetje de moed der wanhoop van uit. Het klinkt wat schril, een equivalent van het aansteken van een waxinelichtje als antwoord op de explosie van een bomgordel. En bovendien, gezien de lakse Belgische en Nederlandse reacties op Turkse uitwijzingen van potentiële terroristen, zijn 'open' en 'vrij' synoniem voor 'lui' en 'gemakzuchtig'.

De roep van rechtse populisten om preventieve hechtenis, sluiting van grenzen, deportatie van onwelgevallige elementen en inperking van burgerlijke vrijheden voor sommige groepen, wordt afgewezen als overdreven reactie en inspelen op de emoties van het moment.

Maar geef toe, ieders eerste reactie op het nieuws van dinsdagochtend was toch niet een vredelievende. Ik kan me de gevoelens van nabestaanden indenken. Ik ben niet gewelddadig aangelegd, maar ik zou opeens heel even een pietsie minder moeite hebben met het platbombarderen van Raqqa. Een politiestaat gebaseerd op angst en wantrouwen geeft evenmin garantie op veiligheid. Een autocratisch of dictatoriaal regime brengt weer geheel andere risico's met zich mee.

Veilig voor terrorisme en willekeur is niemand. Nergens. Ook al is de kans erop net zo groot als het winnen van de Postcodeloterij. Maar sommigen winnen de Postcodeloterij. Dat weten we inmiddels.Blijft de vraag wat we nu met die veelgeroemde Europese waarden aan moeten, hoe we die niet alleen beschermen en verdedigen, maar ook hoe we andersdenkenden overtuigen van het belang ervan, hoe we die zodanig vormgeven in onze maatschappij dat niemand zich eraan zou willen onttrekken. Kennelijk verliezen we bij heetgebakerde jonge mannen de concurrentie met andere systemen.

Hoewel het christendom zijn militante en onderdrukkende fase heeft gekend, is het altijd nog de godsdienst van de andere wang, in onze seculiere samenleving vertaald naar het begrip 'tolerantie'. Dat werkt niet erg wervend, het is een begrip dat weinig heldendom schept en je een softe identiteit verschaft; het is de achilleshiel waarop zich de pijlen richten van een onverdraagzame religie-op-oorlogspad.

Het denken hierover heeft me een argument gegeven om mijn standpunt in een andere kwestie te bepalen. Ik aarzelde lang over het antwoord dat ik op 6 april in het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne moest geven.

Beide kampen dragen argumenten aan, waarin ik een eind mee kan gaan. Het is onzuiver het referendum te gebruiken als stem tegen de EU in zijn algemeenheid. Wel gaat het om de mate waarin de EU de Oekraïne uitzicht biedt op toetreding.

Voorstanders van het verdrag benadrukken dat zulks er in het geheel niet in staat, maar de Oekraïners zelf vinden het wel degelijk een wenkend perspectief. Anderzijds is het argument van de tegenstanders dat we Poetin niet kwaad moeten maken en dat Oekraïne gewoon bij Rusland hoort, buitengewoon zwak. Als de Baltische staten zich los mochten maken, waarom Oekraïne niet? Wie bepaalt wat een natie hoort te vinden? Oekraïne is in meerderheid voor het verdrag. We durfden Poetin wel met economische sancties uit te dagen.

Voorstanders noemen handel nu eenmaal de core business van Europa, maar ook dat is naar mijn idee een zwak argument. Het belangrijkste argument voor het verdrag is het feit dat Oekraïne alleen kan profiteren van de voordelen van samenwerking (niet toetreding!), wanneer intern is afgerekend met corruptie, er een rechtsstaat is gevestigd, en democratie en mensenrechten zijn gewaarborgd.

Willen we tegenover het religieus terrorisme een antwoord formuleren, dan ligt dat vooral in de demonstratie van onze overtuiging dat de samenleving die wij voorstaan pluriform is maar gelijke kansen biedt aan allen, dat onze wetten onze leidraad zijn en dat die wet de kerk scheidt van de staat.

Ik stem op 6 april JA.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden