Een inhaalslag in bijbelgordel

'Wat de toekomst brengen moge' (293), 'Dankt, dankt nu allen God' (44), 'Lof zij de Heer' (434) behoren met Psalm 68 in de oude berijming tot de krakers, maar dan in hun oude jasje, zoals ze in de hervormde gezangbundel van 1938 staan. Het enige echte liedboek-lied dat regelmatig aangevraagd wordt is 'Eens als de bazuinen klinken' (300), door bezorger Tom Naastepad (1921-1996) zelf ooit gekscherend verbasterd tot 'Eens als de ajuinen stinken'.

AGNES AMELINK

De computer van Fruitmand-samenstelster Heleen van Dijk geeft aan dat de bazuinen sinds oktober 1994 zo'n twintig keer hebben geklonken in haar programma. Dat is vaker dan Luthers 'Vaste Burcht' (401, 9x) of 'Geest van Hierboven' (477, 6x), maar lied 300 haalt het niet bij 'Geloofd zij God met diepst ontzag' (psalm 68, 70x), 'Abba Vader' (Opwekking, 40x) of liederen van Johannes de Heer, zoals 'Veilig in Jezus' armen'.

De aanvragen voor liederen die uitsluitend in het Liedboek staan, zegt Heleen van Dijk, komen eigenlijk meestal van afdelingen van de Prot. christ. ouderenbond, die zijn leden kennelijk vooral in de grote protestantse kerken heeft. In die kerken is het Liedboek zelfs bij de oudere generatie al helemaal vertrouwd.

Toch is er nog een flink deel van de hervormde kerk dat alleen maar psalmen zingt, in de oude berijming welteverstaan. Op Urk, in Katwijk, Putten en Zeeland moeten ze van het Liedboek niets hebben. Buiten de eredienst zingen ze in de bijbelgordel heus wel andere geestelijke liederen dan psalmen, maar dan uit de al genoemde hervormde bundel. Ook in de typische 'zwarte-kousenkerken' zoals de (oud) Gereformeerde Gemeenten zal men vergeefs speuren naar aanhangers van Ad den Besten, Willem Barnard en Jan Wit, laat staan Huub Oosterhuis.

Het eerste bezwaar tegen de gezangen is dat ze niet door de Here God in de Schrift zijn gegeven en het tweede dat daaruit volgt, is dat door mensen gemaakte liederen al gauw te menselijk zijn. Leerstellig kan er maar heel weinig door de beugel.

Hoe dit werkt, is heel goed te zien in de discussies voor en tegen het Liedboek in drie andere kerkgenootschappen ter rechterzijde. In de Christelijke gereformeerde, de Vrijgemaakte en de Nederlands gereformeerde kerken bestaat zeker de laatste tien jaar een zekere openheid voor de nieuwe liederenschat. In de Nederlands gereformeerde en Christelijke gereformeerde kerken, waar men zich in de regel weinig aantrekt van wat er op landelijk niveau wordt beslist, wordt lustig uit het Liedboek geput. In de ene plaats zonder voorbehoud, ergens anders heel voorzichtig en op weer andere plekken (zeker in de zware hoek van de Chistelijk gereformeerden) helemaal niet.

Er zijn in beide kerkgenootschappen lijsten van toegelaten gezangen, maar die hebben weinig gezag. Zoals de Ned. geref. Johan Klein ooit in het blad Opbouw schreef, verbijsterd over het gebrek aan geestelijk onderscheidingsvermogen in zijn kerkelijke kring: “Zingen-uit-het-liedboek met een selectielijstje leidde al gauw tot zingen-uit-het-Liedboek zonder selectie, en zo zouden veel dwaalgeesten in de vorm van het lied onze kerken binnensluipen”.

Bij voor of tegen het liedboek gaat het zelden om de muzikale kwaliteiten, maar altijd om de tekst. Dat blijkt opnieuw in de Vrijgemaakte kerken, waar in december vorig jaar een lijst met 255 Liedboek-liederen werd vrijgegeven om in de gemeente te 'beproeven'. Een komende synode (wanneer is nog niet duidelijk) moet dan een definitieve keuze maken.

Lange tijd hebben de vrijgemaakten in het isolement hun kracht gezocht (bijvoorbeeld met een eigen psalmberijming), maar nu vindt er een krachtige inhaalslag plaats. “Na tientallen jaren muggenziften, dreigen we nu de kameel te verzwelgen”, vatte drs G. Doekes de ontwikkelingen kritisch samen in het Nederlands Dagblad.

In de haast om te voldoen aan de synode-uitspraak van vorig jaar dat er een royale proefbundel moest komen, hebben de deputaten kerkmuziek maar afgezien van een toelichting bij hun selectie. Daarom blijft het duister waarom het Wilhelmus niet werd uitverkoren en 'Zolang er mensen zijn op aarde' (488), een ouwetje van Oosterhuis, er wel doorslipte. En waarom Vondels prachtige bewerking van psalm 23 (13) en Barnards 'Uit Oer is hij getogen' (3) bij de 65 bijbelliederen ontbreken. In het Nederlands Dagblad verklaarde de voorzitter van de deputaten kerkmuziek dat naar de teksten op zich is gekeken en niet naar de - verwerpelijk geachte - woordtheologie erachter.

Uit alles blijkt dat de vrijgemaakten af willen van hun verleden, toen ze er niet voor terugdeinsden om poëtische teksten aan te passen aan hun schriftuurlijke eisen, met alle wangedrochten van dien. 'Schriftuurlijk verantwoord' blijkt bovendien niet zo'n hard criterium als het lang geleken heeft.

Aangezien de Interkerkelijke stichting voor het kerklied geen toestemming heeft gegeven voor een aparte uitgave van de 255 liederen, verschijnt het hele Liedboek zeer binnenkort in een vrijgemaakte omslag. Dat het daarmee geruisloos zijn weg zal vinden naar de harten van de ruim 120.000 vrijgemaakten lijkt niet erg waarschijnlijk.

Drs Doekes in het Nederlands Dagblad: “Wat vindt de HERE ervan? Waarvoor houden we eigenlijk diensten? 'Dienst' aan wie? Zijn het gezelligheidsbijeenkomsten met een religieus tintje, of vereren we publiek de HERE op een Hem waardige wijze? De HERE troont op de lofzangen Israëls. Dat hoeven niet per se psalmen te zijn, maar wel liederen, Hem waardig.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden